Nieuwe agent leert de baas te zijn

In Amsterdam wordt op proef een nieuw type agent opgeleid. Sneller, en met meer praktijkervaring. `De politie werd te soft.' De autoriteit komt terug op straat.

De agent van de toekomst herkent men aan zijn mouwen. Docent Arie van der Pijl had zijn klas er laatst nog op gewezen. Lange mouwen dragen wij weer lang, niet opgerold. Voor warme dagen hebben wij de kortemouwenblouse. Daar mag een knoopje van open. Mits het shirt eronder wit is. Gezag begint bij je uiterlijk.

Twintig jongens op het Politie Opleidingscentrum in Amsterdam zitten sinds een maand in de schoolbankjes. Spic en span geüniformeerd. Zij zijn de eerste klas van de nieuwe pilot Politie Basis Opleiding. ,,De anderen zijn wel jaloers op ons'', glundert er een. ,,Wij hoeven maar een half jaartje op school te zitten. En ja, wij worden anders dan de rest.''

Drieduizend nieuwe agenten moeten er op straat komen, terwijl de politie nu al met grote moeite vacatures vult. Bovendien zullen in de grotendeels vergrijsde korpsen de komende tien jaar meer dan tienduizend agenten met de Vut gaan. Voor het Landelijk Selectie- en Opleidingsinstituut Politie (LSOP) was dat één reden de politieopleiding te veranderen. De vier politiescholen in het land moeten meer agenten gaan afleveren. En dat moet snel. Dus zit de agent van de toekomst niet langer achttien maanden, maar slechts een half jaar in de schoolbanken, waarna hij de opleiding voortzet in de praktijk.

De tweede reden is een maatschappelijke. Wie in oude stijl zijn diploma heeft gehaald, kan daarna recht uit school de straat op. En loopt daar tegenwoordig al gauw de kans een suïcidale psychiatrische patiënt aan te treffen voor wie geen opvang is. Of een stad vol vernielende voetbalsupporters. De agent is steeds vaker degene die dat op kan lossen. En dat vergt meer ervaring dan anderhalf jaar school en een stage. Bovendien moet hij samenwerken met hulpverleners die minimaal een HBO-opleiding hebben. Zelf heeft hij Mavo of Havo, en een bedrijfsopleiding waarmee hij bovendien buiten de politie nergens terecht kan. Dat wringt.

Ook bij het LSOP gebruiken ze daarom tegenwoordig het woord employability. De nieuwe agent in opleiding wordt een korps-hopper. ,,Na het eerste half jaar in de schoolbanken hoppen ze onder begeleiding van het ene onderdeel in het korps naar het andere'', zegt Arie de Jong, directeur van het opleidingscentrum in Amsterdam.

De agent-oude stijl volgt vervolgopleidingen. Daar zijn er al ruim honderdvijftig van, want de maatschappij verandert snel en voortdurend, en de agent moet meeveranderen. Gedurende zo'n cursus is de agent verloren als `blauw op straat' en bovendien gaat het niet zelden om kennis die eigenlijk in de basisopleiding hoort. De nieuwe agent wordt daarom trainee. Pas na circa vijfenhalf jaar krijgt hij zijn diploma. Dan heeft hij voldoende praktijkervaring, up-to-date, in alle takken van het korps. ,,Het is dus wel de bedoeling dat deze jongens nog jaren studeren'', zegt Arie de Jong. ,,Dat realiseren ze zich nog niet echt.'' De klas van Arie van der Pijl wil zo snel mogelijk de straat op. ,,Ik was hiervoor verzorger van verstandelijk gehandicapten'', zegt Ramon (21). ,,Dat werd zo saai. Politie is spannender, en hulp verlenen moet je als agent toch ook.''

Hulp verlenen? ,,Te veel sixties'', noemde de Amsterdamse korpschef Jelle Kuiper de politie van tegenwoordig. De drie kruisjes in het wapen van Amsterdam staan voor vastberaden, heldhaftig èn barmhartig - maar de eerste twee kruisjes mogen wel wat prominenter worden, vinden ze in de hoofdstad. Ook minister Peper (Binnenlandse Zaken) heeft in zijn nieuwe beleidsplan voor de politie vastgesteld dat de agent geen maatschappelijk werker is. De hoofdtaak moet weer ordehandhaving zijn.

De autoriteit moet terugkeren op straat. Dat is de derde reden voor de nieuwe opleiding, en dat verklaart ook waarom deze als pilot juist in Amsterdam kon beginnen. Streetwise is hier het adagium, naar het boekje waarin de regels en de bijbehorende boetes vorig jaar nog eens op een rijtje zijn gezet – bonnen schrijven, dat moeten ze in Amsterdam. Het type agent dat in reactie op Streetwise in Het Parool zei zelf ook weleens door rood te rijden en niet met de strenge regels te kunnen werken, dáár wil Jelle Kuiper dus vanaf.

,,De politie is te soft geworden, er werd de laatste jaren veel te veel door de vingers gezien'', zegt ook docent Arie van der Pijl, die zelf jaren agent op straat was.

Zolang de opleiding nog geen plaatsen beschikbaar had, werkten de jongens in de arrestantenzorg van de Amsterdamse politie. Ramon: ,,Daar merkte je wel dat je tussen de oudere agenten vanzelf met de stroom meegaat. Als je die hoort zeggen: `Een bon schrijven voor wildplassen, moet dat nou?' Ja, dan denk je inderdaad al snel: Moet dat nou.'' Arie van der Pijl: ,,In feite gaan we jullie op school helemaal kneden in wat Jelle Kuiper wil.''

Integriteit, integriteit, integriteit. Dat is waar de Amsterdamse korpsleiding op hamert, zeggen ze in de docentenkamer. Bang voor corruptie. In het voorlopig schema voor de nieuwe opleiding komt het steeds terug. `Integriteit in het politieberoep'. `Aantasting persoonlijke integriteit deel I'. `Aantasting integriteit deel II'. Maar wat het begrip precies betekent in het korps? Niemand op school die het weet.

Naggen en dalven, heet het in Amsterdams politiejargon. `Naggen' staat voor normafwijkend gedrag, `dalven' betekent bietsen. Naggen en dalven was jarenlang heel gewoon onder Amsterdamse agenten, weten ze in de docentenkamer van de politieschool uit ervaring. Moesten ze bijvoorbeeld op surveillance, reed een agent zijn politievoertuig zó een garage in. Deur dicht, overall over het uniform, en een paar uurtjes bijklussen als automonteur. Was er in de tussentijd een melding: pech gehad.

Zo erg is het sinds de jaren '80 niet meer, zegt Van der Pijl. ,,Maar het heeft wel de toon gezet.'' Tegen zijn klas: ,,Jullie zijn nog niet door het korps verpest''. De bedoeling is de normen en waarden met ingang van de nieuwe lichting definitief te herstellen, zegt Van der Pijl. ,,Maar hoe ik dat moet doceren weet ik ook nog niet. Een groot deel van de opleiding moet nog geschreven worden.''

Bij het LSOP zegt een woordvoerder met nadruk dat de normen van Jelle Kuiper de zìjne zijn. ,,Omdat hij in Amsterdam ruimte heeft geboden voor de pilot, wil hij er misschien zijn stempel op drukken. Maar dat is niet de bedoeling als de opleiding aan alle vier politiescholen in het land wordt ingevoerd.'' In de klas van Arie van der Pijl geloven ze wel in het nut van de Kuiper-aanpak. Agent van de toekomst Werner: ,,Hoe meer bonnen ik in het begin schrijf, hoe rustiger mijn werk de volgende jaren wordt. Dat weet ik zeker.''