De draagmoedermafia

Het homostel Arnout en Jan Jaap wil per se een eigen kind. Jaren liepen ze het grijze circuit van commerciële draagmoeders af. Vorig jaar met succes: een tweeling. Maar nu wil de vrouw de kinderen niet afstaan. `Ik ben bang dat ze ze verkoopt aan de hoogst biedende.'

Arnout: ,,We hebben er lang tegenaan gehikt. Een kind bij twee vaders – is dat wel goed? Zal het wel geaccepteerd worden door de gemeeenschap? Komen z'n vriendjes wel spelen?''

Jan Jaap: ,,Maar als je ziet hoe sommige kinderen worden opgevoed, dan denk ik dat wij het beter kunnen.''

Jan Jaap (40) en Arnout (50) hebben al vijftien jaar een relatie. Ze delen de liefde en de wens voor een eigen kind – al is die wens bij Jan Jaap veel manifester. ,,De hoop dat het er toch ooit nog van komt houdt mij nog in leven.''

Ze zijn landbouwers in de provincie Groningen. Ze doen in aardappelen. Arnout is tevens juridisch adviseur. Jan Jaap was in een vorige leven verpleger, onder meer in de psychiatrie. Ze hebben vandaag ruim de tijd genomen om hun verhaal te vertellen. In de woonkamer van hun boerderij. Het blèrende geluid van een pasgeboren lammetje snijdt door het vraaggesprek. Het beest heeft een pootje gebroken en ligt nu in een kartonnen doos in de woonkamer te wachten op de dierenarts. Jan Jaap geeft het af en toe de fles.

Jan Jaap heeft altijd het idee gehad dat het zou lukken om een kind te krijgen van een draagmoeder. En hij heeft dat nog steeds, ondanks alle moeilijkheden. Arnout is veel sceptischer. ,,Het moet uitvoerbaar zijn. Daarbij is niet het grootbrengen de bottle neck, maar het kind binnen je gezin halen en houden.''

Tien jaar geleden deden ze hun eerste poging. Bij een commerciële draagmoeder, opgespoord via een advertentie in de Volkskrant. Commercieel draagmoederschap was toen nog niet duidelijk bij wet verboden. Dat werd het pas in 1993, op initiatief van CDA-minister Hirsch Ballin van Justitie.

De eerste keer werd een mislukking. Jan Jaap: ,,Ze heeft een hoop geld opgestreken. Heeft zich vervolgens te barsten gegeten aan slagroomtaart, kreeg anorexia nervosa en heeft het kind verloren. Ze heeft van ons zevenduizend gulden voor slagroomtaarten gekregen.'' Jan Jaap staat op en komt even later terug met het contract dat ze destijds met de draagmoeder hebben getekend. Vier A4-velletjes volgetikt, met zestien artikelen.

Arnout: ,,Het mag helemaal niet. Dat weet iedereen. Ook volgens het oude Burgerlijk Wetboek zijn alle onzedelijke contracten nietig.'' Ze hebben het contract getekend omdat de draagmoeder dat zo graag wilde. Omdat ze vreselijk bang was dat ze het geld niet zou krijgen. Na ondertekening volgde geen champagne. Arnout: ,,Draagmoeders wonen bijna allemaal in een flatje zoveel hoog, te midden van een partij armoede.''

Jan Jaap en Arnout hebben alleen in de commerciële sector gezocht. Ideële draagmoeders, die het voor niets doen, hebben ze nooit ontmoet. Arnout: ,,Wat je wel eens voor de televisie ziet: spontane reacties van kijkers die zich gratis beschikbaar stellen voor een zielig stel op tv, dat is mooi, maar dat is niet de werkelijkheid.''

De eerste draagmoeder met wie het stel in zee ging, had al eerder kinderen afgeleverd. Voor een Duits echtpaar en voor een jongen in Nijmegen. Jan Jaap: ,,Er was een hele club van draagmoeders die regelmatig bij elkaar kwam, in Arnhem of Nijmegen. Arnout en ik hadden het altijd over de draagmoedermafia.''

Toen de draagmoeder eenmaal zwanger was, is ze nog langs geweest om geld op te halen. Drieduizend gulden. Een maand later belde een vriendin van haar op. Ze had een miskraam gehad. Jan Jaap: ,,Dat was ook zo, ik heb het zelf nagetrokken.'' Ze hebben het daarna nog een keer met haar geprobeerd, maar ook dat liep op niets uit. Voor de tweede poging is geen geld betaald. Arnout: ,,We zijn dus ook tamelijk stug wat dat aangaat.''

Jan Jaap: ,,Ik heb op een bepaald moment nog afgedongen. Ik heb haar van twintig- naar tienduizend gulden gepraat.'' (Jan Jaap verbergt zijn gezicht achter zijn handen.) ,,Erg hè, heel erg. Je maakt er een handeltje van.''

Te dik, te dom

Ze hebben nog een tijd gehad dat ze allerlei draagmoeders lieten opdraven. De een was te dik, de tweede was te dom, de derde mankeerde weer iets anders. Er zat onder meer een jong stel uit Brabant tussen. Dat wilde eerst een kind voor een ander krijgen, dan konden ze daarna een huis betalen om vervolgens hun eigen gezinnetje te kunnen stichten. Ze kregen ook een draagmoeder uit Baarle-Nassau langs. Een meisje van negentien. Veel te jong.

Arnout: ,,Het was een heel circuitje. Er was er een bij die zei: als je niet doet wat ik zeg, zorg ik er voor dat je geen enkele draagmoeder krijgt.'' De Rutgerstichting, waar ze uiteindelijk terechtkwamen, attendeerde hen op Opzij. In oktober 1994 was het raak. `Serieuze draagmoeder zoekt wensouders' luidde de tekst van de advertentie.

Arnout: ,,Erica had al een baby en een jongetje van vier. Een heel lief kereltje. Als wij er zo een hebben rondlopen is dat prachtig, dacht ik toen.''

Op 2 december 1994 gaat Jan Jaap langs. Om tweeduizend gulden aan te betalen. (De rest, achttienduizend gulden, zou volgen na aflevering van het kind). En om met de conceptie te beginnen, via zelfinseminatie. Een jaar lang reist hij met regelmaat naar de draagmoeder, anderhalf uur heen, anderhalf uur terug. Eerst drie keer, maar al snel zes keer per maand. Maar het kind komt niet.

Alles is gericht op de draagmoeder en haar maandelijkse cyclus. Jan Jaap weet af en toe niet meer wat voor datum het was, maar hij weet altijd wel haarfijn welke dag het is van haar cyclus. ,,Ik ben er half gynaecolooog bij geworden.''

In april 1995 wordt Jan Jaap door twee verslaggevers van De Telegraaf aangeklampt op straat in de woonplaats van Erica. De verslaggevers vermoeden dat de vrouw een rol speelde in het netwerk van Poolse draagmoeders dat justitie op het spoor is. Jan Jaap hoort dat een Belgisch en een Brabants paar achter Erica aan zitten. Jan Jaap: ,,Ze wilden haar aanklagen omdat ze hen geld afhandig had gemaakt en geen kind had geleverd.'' Jan Jaap geloofde aanvankelijk niets van het verhaal van de verslaggevers, maar weet inmiddels beter.

Arnout en Jan Jaap denken overigens niet dat het iets wordt met de claim van het Belgisch en Brabants echtpaar. Bij een bijstandsmoeder valt immers weinig geld te halen. En dan moeten die echtparen bovendien bekendmaken dat ze zelf aan commercieel draagmoederschap doen. Arnout: ,,Daar hadden die lui natuurlijk helemaal geen zin in. Ze wilden met intimidatie hun geld terugvorderen.'' De deur van Erica was al een keer ingetrapt.

In oktober 1995 stoppen Jan Jaap en Arnout er mee. De psychologische druk is hun te groot geworden. En, belangrijker nog, Erica is die dagen een man tegen het lijf gelopen met wie ze gaat samenwonen. Binnen twee maanden is ze zwanger. Haar derde, aldus Jan Jaap.

Het oudste kind was van wensouders. Maar die wilden het zelf weer verkopen voor de commercie in Amerika, had ze verteld. Toen ze daar achter kwam, zou ze hebben besloten het kind te houden. Arnout: ,,Dat vonden we toen heel geloofwaardig. Dat was moederliefde.''

Jan Jaap: ,,Ze kon tegen ons niet zeggen: hier heb ik een aantal draagkinderen die ik heb gekregen voor het geld, maar die ik niet wil afstaan. Dan waren wij er immers nooit aan begonnen.''

Een paar maanden na de conceptie van haar derde kind, belt ze weer op. Ze heeft ruzie met de vader. Het oude liedje begint opnieuw. Erica aan de lijn: we kunnen wel weer verder. Begin 1997, na de geboorte van haar derde, starten ze met IVF.

Dat gebeurt in een klein ziekenhuis in het zuiden van het land. In strikt katholiek verband, waar zoiets als IVF voor een homopaar absoluut van de paus en de bisschop niet mag. Arnout: ,,Daar blijken ze er dus het meeste aan te doen. In deze calvinistische omgeving hier in het Noorden, moet je er niet om komen.''

Jan Jaap: ,,Ze zeiden bij dat ziekenhuis dat ze voor lesbische vrouwen insemineren. Dus waarom ook niet voor ons?'' Erica en Jan Jaap schrijven zich in onder Jan Jaaps naam. ,,Officieel speelden we echtpaartje.''

Maar de televisie krijgt er lucht van. De directie van het ziekenhuis wil niet meer. Arnout en Jan Jaap vermoeden achteraf dat Erica de televisie heeft ingeschakeld. Ze had immers al eerder reclame gemaakt op RTL voor haar diensten als commerciële draagmoeder. Na de afwijzing in het katholieke ziekenhuis wijken ze uit naar België. Maar ook daar klopt de televisie aan en blaast de directie de zaak uiteindelijk af. In september 1997 zoeken ze hun toevlucht tot een privé-kliniek. Daar is het in één keer raak. Het is meteen een drieling.

Jan Jaap loopt de kamer uit en komt even later terug met een grote zwarte weekendtas. Hij haalt er drie witzwarte speelgoed koetjes uit van stof. Jan Jaap haalt ook een tuitbeker uit de tas, kaarten en brieven en het babyboekje `Dat leuke eerste jaar'. Allemaal opgestuurd gekregen van Erica. Ze schreef dat Arnout en Jan Jaap zich moesten abonneren op een meerlingenmagazine. Arnout toont het exemplaar van het tijddschrift: ,,Op dat moment deed ze ons geloven dat ze de kinderen aan ons zou overdragen.'' En op 15 december krijgt Arnout zelfs nog een vrolijke verjaardagskaart.

Meerling delen

Acht dagen later is het over en uit. Het is de dag voor Kerstmis. Jan Jaap gaat opgewekt met een rollade op pad naar Erica, maar keert zwaar gedesillusioneerd terug. Toen hij die middag bij haar aanbelde zei ze dat ze zich niet aan de afspraak houdt. Jan Jaap: ,,We weten nog steeds niet waarom.'' De volgende dag probeerde hij het weer. ,,Toen kletste ze de deur in mijn gezicht dicht met de mededeling `we praten nog wel eens'. Nou, er werd helemaal niet meer gepraat.''

Erica maakt op Arnout en Jan Jaap een steeds warriger indruk. Onverwachts kondigt ze aan de drieling te willen aborteren. Ze kan echter geen kliniek vinden – ze is al royaal over de drie maanden heen. Begin januari biedt ze Arnout en Jan Jaap een van de meerling aan. Maar dat is voor hen onbespreekbaar.

Korte tijd later valt bij hen een aangetekende brief in de bus: `ik wil niets meer met jullie te maken hebben, neem maar contact op met mijn advocaat'. Arnout: ,,Die had geen sturing over haar. Die zei op een gegeven moment: dan moeten we de meerling maar delen.''

Jan Jaap en Arnout nemen zelf advocaat Sutorius in de hand, een bekende strafpleiter in zaken rond fundamentele ethische kwesties over leven en dood. `Ondertussen ben ik bang dat ze uit geldnood mijn kinderen (...) afstaat aan een hoger biedende of een schuldeiser', schrijft Jan Jaap in zijn eerste brief aan de raadsman.

Op 13 maart wordt het eerste kind geboren, dood. Op 23 maart volgen de andere twee, levend maar drie maanden te vroeg – zo horen Jan Jaap en Arnout een maand later via de moeder van Erica.

Arnout, de scepticus van het duo, vraagt onmiddellijk de geboorteaktes op bij het gemeentehuis. Sindsdien is er alleen contact op ruzietoon. Uitsluitend vanuit een bovenraam.

Jan Jaap gaat regelmatig naar Erica en belt aan. Dan kijkt er een kind van achter de lamellen vandaan, want alles zit potdicht. Vervolgens gaat er een raam open en wordt hij uitgescholden, zegt hij. Vader Jan Jaap heeft de tweeling nog maar één keer in levenden lijve bewonderd. ,,Toen was er zoveel volk op straat dat ze me de kinderen wel moest laten zien.''

Arnout en Jan Jaap willen erkenning van hun kinderen en een zodanige omgangsregeling dat ze meer rechten kunnen opbouwen. Ze willen een relatie met de kinderen zonder strafrechtelijk vervolgd te worden. Erica was immers veroordeeld voor commercieel draagmoederschap – voor de advertentie in Opzij waarop Arnout en Jan Jaap november 1994 hadden gereageerd. Ze had in 1997 twee maanden voorwaardelijk gekregen van de politierechter in Zutphen. Arnout: ,,Vraag was of wij dan wel buiten schot zouden blijven.'' Jan Jaap: ,,Liever wel, maar het maakt mij uiteindelijk niet uit.''

Arnout: ,,Vaders hebben geen rechten. We kunnen die kinderen niet opeisen. Onze juridische positie bestaat eruit dat wij niet die kinderen hebben, maar dat die kinderen ons hebben. De kinderen kunnen als ze achttien zijn zelf kiezen of ze ons als vader willen hebben. Wij hebben niets te willen.''

Sutorius adviseert hun family life te creëren met de kinderen, iets wat op een of andere vorm van gezinsleven lijkt. Dat zou hun, op grond van Europees recht, nog de meeste kans bieden op een omgangsregeling. Arnout: ,,Maar dan moet je die kinderen tastbaar in je handen houden. Er naar toe gaan. Maar ze houdt alles af.''

Jan Jaap: ,,En de kinderen groeien op achter gesloten deuren.''

Schuldgevoel

Jan Jaap voelt zich zwaar schuldig dat de kinderen, zijn kinderen, nu opgroeien bij `zo'n moeder'. Slapeloze nachten heeft hij er van. ,,Ik heb levenslang. Maar ik ga door tot de onderste steen boven is.''

Een ander homostel dat tegelijk met Arnout en Jan Jaap op deze draagmoeder had ingetekend, heeft uiteindelijk via een andere weg een kind weten te bemachtigen. Ze hebben er een uit Amerika gehaald. Via een bemiddelingsbureau op Internet. Een zwangere Amerikaanse wilde voor twintigduizend gulden van haar baby af. Een van die twee vrienden is naar de Verenigde Staten gevlogen, heeft het kind erkend – dat wil zeggen, hij heeft het aangemeld als zijn eigen kind – en is er vervolgens mee naar Nederland vertrokken. Toen hij in het vliegtuig goed en wel Amerika uit was, slaakte hij een diepe zucht van verlichting. Arnout: ,,Hij stond er zelf versteld van dat de actie slaagde.''

Afgelopen nieuwjaarsdag is Jan Jaap weer langs geweest bij Erica. Toen heeft ze de politie gebeld dat ze lastiggevallen werd. Op 4 januari stond er politie bij Arnout en Jan Jaap thuis voor de deur. Arnout: ,,Die hebben we goed uitgelegd dat er hier meer aan de hand is dan een vrouw die lastiggevallen wordt door een oude liefde.'' Later is de zedenpolitie gekomen. Daar hebben ze ,,een heel goed gesprek'' mee gehad. Die heeft, zonder hun namen te noemen, de zaak voorgelegd aan de officier van justitie in Groningen. Of zij medeplichtig waren aan draagmoederschap? De officier zei, aldus Arnout, dat de wet er op gericht is commerciële bemiddeling op grotere schaal strafbaar te stellen, niet één enkel geval van draagmoederschap. Arnout: ,,Ik geloof niet dat hij er ook maar over dacht om ons te vervolgen.'' Maar de officier was ook niet van plan om tegen de draagmoeder op te treden, zegt Arnout. ,,Wij hadden het graag zo dat wij niet gepakt werden maar zij wel.'' Jan Jaap: ,,Volgens Sutorius vindt de officier het alleen maar lastig om er wat aan te doen.'' De Raad voor de kinderbescherming is sinds juni op de hoogte. Arnout: ,,Die treden alleen op als er iets ontspoort, dus als die kinderen geen eten krijgen.''

Het plan om te verdwijnen naar Zuid-Afrika met medeneming van de tweeling is van tafel. Jan Jaap: ,,Wij moeten het hier in Nederland op de nette manier doen. Die manier werkt echter ook niet. Zelfs justitie in Groningen doet niets. En ondertussen heeft ze al een nieuw slachtoffer gemaakt.'' Ze heeft tienduizend gulden ontvangen van een man uit Noord-Holland met een eigen familiebedrijf. Arnout: ,,Hij heeft vijf dochters en een zoon. De zoon is verslaafd. Hij wil graag een nieuwe zoon als opvolger in zijn zaak.''

Alle namen in dit artikel zijn om redenen van privacy gewijzigd. De draagmoeder weigert commentaar.