Verklede vent

,,Mijn man, daar ben ik al jaren van af, dat weet u. Ik weet niet eens of hij nog leeft. En hoe het verder met me gaat? Nou dokter, supervslecht. Ik zou liegen als ik het anders zei. Door die fortraltabletten is het nog erger geworden. Op de bridgeclub zijn ze plagerig en praten ze over m'n benen. Een mevrouw, een medespeelster, zei tegen een andere mevrouw: `Wat heeft zij een lelijke benen.' Ik schrok. Ik weet dat ik geen mooie benen heb. Stalpootjes. Maar daarom hoeft ze niet zo lelijk te doen. Zou ze fan zijn van die jonge dokter? Hij blieft alleen vrouwen met mooie benen en stuurt ze weg als dat niet zo is.

,,Laatst, bij Albert Heijn, liepen er een paar jongens langs, opgeschoten knapen, zegt de een, zo langs zijn neus weg, tegen de ander, die naast hem liep: `Goh, wat heeft zij een buste.' Ik wist me geen raad. Ik ben al 70, dokter, een vrouw alleen, laten we wel wezen.

,,U glimlacht, ik zit ermee. Mijn vrienden in de stad, zo noem ik ze maar, dat breidt zich ook al uit tot de glazenwassers en de collectant van Jantje Beton. Een van hen, een niet onaardig jong, zei: `Ha, vanavond lekker naar de hoeren.' Gelooft u me niet? Vorige week reed een man voor mijn huis heen en weer, met een aanhangwagen. Die aanhangwagen was een soort doodskist. De buren zeiden: `Wat heb je een rare kennissen.' Hij bleef daar maar rijden.

,,U vraagt of de buren hem echt hebben gezien? Natuurlijk hebben ze dat. Of ik het aan ze gevraagd heb? Nee, daar praat ik niet over. Mijn zoon en dochter wil ik er ook niet mee belasten. Mijn zoon werkt bij de politie, hij heeft zo'n fraai uniform aan. En mijn dochter? Die is altijd druk. Nee, ze komen bijna nooit op bezoek. Chronisch tijdgebrek. Ik kan goed alleen zijn.

,,Wat zegt u? Die dingen gebeuren niet in mijn hoofd, wis en waarachtig niet. Ik vertel het omdat u dokter bent en het dient te weten. Om u een voorbeeld te noemen. Gisteren werd er gebeld, zo tegen de avond. Wat denkt u? Er stond een verklede vent voor de deur. Hij had een dameshoed op en leek waarachtig op mijn vroegere man. Ik schrok, en wel zo, dat ik met mijn hoofd tegen de ijskast liep. Mijn man was homofiel, wist ik veel, het woord kende ik niet eens. Toch twee kinderen van hem gehad, jaja, rara. Zo ging dat. Nu is mijn bril gebroken en heb ik het gevoel of er klemmetjes op mijn huid zitten. Vervelend hoor.''