Antonietta Peeters

Wie niet beter weet, zou denken dat in Galerie Paul Andriesse deze maand twee kunstenaars exposeren. Het achttal metersgrote gouaches op papier dat in de voorruimte hangt, lijkt op het eerste gezicht niets te maken te hebben met de vrolijke gehaakte sculpturen in het souterrain. De gouaches zijn abstracte voorstellingen van steeds hetzelfde geometrische motief dat met schetsmatige verfstreken is neergezet, terwijl in de beelden figuratieve vormen als microfoonstandaards en motorhelmen te herkennen zijn. Toch zijn beide series door dezelfde kunstenaar gemaakt.

De grote contrasten binnen haar werk zijn kenmerkend voor het eigenzinnige karakter van de kunst van Antonietta Peeters (Goirle 1967). Zij beperkt zich niet tot één medium, maar maakt wandschilderingen, objecten en tekeningen. Ze punnikt, knipt werken uit stof en boetseert met kippengaas. Bekend is haar levensgrote gehaakte motorfiets, die werd aangekocht door het Stedelijk Museum in Amsterdam en die onlangs nog op een tentoonstelling met nieuwe aanwinsten te zien was. Het voertuig zag eruit alsof het van top tot teen bedekt was met vleeskleurig spinrag en was opgebouwd uit een geraamte van kippengaas waarover een slordig gehaakt kleed was gedrapeerd.

Wanneer je langer naar de werken in de beide galerieruimtes kijkt, ontdek je echter steeds meer overeenkomsten. Zowel de tekeningen als de sculpturen zijn opgebouwd uit grillige patronen, uit een herhaling van verftoetsen of haaksteken - een tijdrovend karwei waarvoor engelengeduld vereist moet zijn. De penseelstreken zijn nergens regelmatig en ook de borduulsels hebben geen gelijkmatige structuur. Het lijkt of de kunstenares zonder vooropgesteld idee is begonnen en de werken in haar handen begonnen te groeien tot organische vormen.

Het beste is dit te zien in de serie gehaakte helmen. Wat er aanvankelijk uit heeft moeten zien als een motorhelm, is gaandeweg uitgegroeid tot een amorfe vorm vol kwabben en uitstulpingen die zich als wildvleeswoekeringen of parasieten aan de kern hebben vastgezogen. De helmen zijn aan hun kinbeugels opgehangen, maar lijken door de hitte te zijn gesmolten en hangen nu als uitgezakte teelballen aan de wand. Ook de veel te grote microfoonstandaards in dezelfde ruimte trekken zich niets van wetten of regels aan. Opgebouwd uit kralen, linten, plakband en zwart nepbont vormen zij een ondoordringbaar woud, met snoeren die als lianen door de ruimte slingeren.

Vergeleken bij deze zinnelijke, spontaan ogende sculpturen komt Peeters nieuwe serie werken op papier geforceerd over. De gouaches maken indruk door hun formaat, maar zijn in feite niet meer dan eenvoudige kleurenstudies. In deze werken heeft de kunstenares de figuratie helemaal losgelaten en zich gericht op een soort abstracte spiraalvorm, die keer op keer op het papier is gezet, in steeds andere kleurstellingen en in steeds andere richtingen. Nu eens is de penseelstreek krampachtig verticaal neergezet, dan weer volgt de kwast de ronding van de bochten. De werken gaan over het schilderen als proces en vormen een voorzichtig onderzoek naar de werking van kleur, materiaal en beweging. Peeters' schilderkunstige experiment is als zelfstandig werk niet bijster interessant en lang niet zo geslaagd als haar ruimtelijke installaties.

`Swamp', gouaches en objecten van Antonietta Peeters, t/m 10 juni in Galerie Paul Andriesse, Prinsengracht 116, Amsterdam. Di t/m vr 11-18u, za 14-18u.