Speuren naar spookridder

Hebben we ze allemaal, luidde de vraag toen de lijst met decorandi voor de krant was aangemaakt. De krant beschikte over 1.879 namen, ontvangen van het ANP. Klopt niet, luidde de reactie van het ministerie van Binnenlandse Zaken: het moeten er 1.895 zijn.

Uitgesplitst per onderscheiding bleek slechts het aantal commandeurs in de orde van de Nederlandse Leeuw (twee stuks) overeen te komen. Bij sommige onderscheidingen had Binnenlandse Zaken meer namen, bij sommige NRC Handelsblad. Voor dit raadsel verwees het ministerie naar de kanselarij van het Kapittel van de Civiele Orden, het orgaan dat adviseert over elke civiele koninklijke onderscheiding.

Het kan kloppen dat u minder namen heeft, legt woordvoerder Jan Speelman uit. Van sommige mensen is bekend dat ze op vakantie zijn. Om de verrassing te bewaren worden hun namen niet gepubliceerd in de speciale editie van de Staatscourant, maar in een latere editie. Dat kan verklaren dat de krant te weinig ridders en leden in de orde van Oranje-Nassau heeft, maar niet dat er te veel ridders in de orde van de Nederlandse Leeuw en officieren in de orde van Oranje-Nassau zijn. ,,Dat kan niet'', zegt Speelman.

Samen controleren we de namen waarover de krant beschikt aan de hand van de Staatscourant. Ze staan er allemaal in. Maar wie zijn nu de spookridder en de spookofficieren die niet in de telling van Kapittel en ministerie voorkomen? Speelman gaat overleggen met zijn computermensen.

De volgende dag komt de aap uit de mouw. De aantallen van de krant klopten, die van Kapittel en ministerie niet. Bij enkele decorandi was een verkeerde datum opgenomen, waardoor ze niet op de telling voor koninginnedag – de Algemene Gelegenheid in het jargon van de lintjeswereld – verschenen. Een lintje zouden ze toch hebben gekregen. Later die middag ging het officiële persbericht uit, dat inmiddels het aantal van 1.897 vermeldde. Van spookridders was geen sprake meer.