Oranje Zwart forceert trendbreuk

Oranje Zwart bereikte gisteren door een 1-0 zege op landskampioen Den Bosch de finale van de strijd om de Nederlandse hockeytitel. De club uit Eindhoven bewijst dat ook in het hockey succes te koop is.

Niet één maar twee titels staan tegenwoordig op het spel in de Nederlandse hockeyhoofdklasse. Naast de openlijke strijd om de landstitel woedt achter de schermen een gevecht dat minstens zo interessant is: welke club toont zich de slagvaardigste op de spelersmarkt? De winnaar lijkt op voorhand verzekerd van een plaats in de play-offs.

Bloemendaal deed vorig jaar de beste zaken. Maar liefst zes spelers, onder wie international Jaap-Derk Buma en talenten Menno Booij en Maarten Froger, streken neer bij de club die sinds het laatste landskampioenschap (1993) genoegen moest nemen met een bijrol. Gesteund door een legertje nieuwe spelers gloort zes jaar later een herhaling van dat succes.

In de finale van de play-offs stuit Bloemendaal zondag op Oranje Zwart, dat zich vorig jaar eveneens roerde op de spelersmarkt en gisteren afrekende met landskampioen Den Bosch. In een tactisch schaakspel dat slechts een handjevol liefhebbers kon bekoren, won de ploeg uit Eindhoven gisteren met 1-0. Het enige doelpunt in het derde en beslissende halve-finaleduel kwam op naam van invaller Björn Fiedeldij. Halverwege de tweede helft rondde hij een sublieme combinatie af van de twee buitenlandse sterspelers van Oranje Zwart, Shahbaz Ahmad en Jay Stacy.

Vanzelfsprekend ging alle eer na afloop echter naar de pas 21-jarige doelman Josef Kramer. Met een voortreffelijke redding keerde hij vijf minuten voor tijd een strafbal van Den Bosch-topscorer Piet-Hein Geeris. ,,Oranje Zwart heeft ons een lesje in effectiviteit gegeven'', treurde verliezend coach Toon Siepman.

Verdiend was de overwinning geenszins. Den Bosch domineerde driekwart van de wedstrijd en mocht op basis van een sterke veldbezetting en uitgekiende tactiek de meeste aanspraak maken op de zege. Met succes ontregelde de titelverdediger het spel van de thuisploeg, die vooral voor rust grossierde in foute passes en opzichtig balverlies. Grootste verdienste was het aan banden leggen van balvirtuoos Shahbaz, in de eerste twee duels de belangrijkste kwelgeest van Den Bosch. Zaterdag en zondag profiteerde de inmiddels 35-jarige Pakistaan gretig van de ruimte die hem werd geboden. Om nieuw onheil te voorkomen kreeg waterdrager Roy Bax gisteren de opdracht `The Man with the Electric Heels' geen moment uit het oog te verliezen. Dat lukte, tot het fatale moment in de 57ste minuut toen Shahbaz even verlost was van zijn bewaker. Zijn solo bleek de inleiding van het winnende doelpunt.

Voorzitter Joop Veelenturf van Oranje Zwart kon na afloop zijn geluk niet op. Hoe vaak was de Brabantse textielhandelaar al niet aan- en nagewezen als de man die de verhoudingen binnen het Nederlandse hockey op zijn kop zette door met de geldbuidel te rammelen? Voor wie het nog niet wist, herhaalde hij het gisteren nog maar eens. ,,Ik ben maar Jopie Veelenturf. Zonder sponsors ben ik niets.''

Daarvan heeft de club uit Eindhoven er inmiddels bijna zeventig. Tezamen met hoofdsponsor Holland Casino, volgend seizoen opgevolgd door ABN Amro, staan zij garant voor een solide financiële basis. De mannenploeg van Oranje Zwart werkt met een budget van ruim 300.000 gulden per jaar. De duurste speler is naar verluidt Shahbaz met een geschat inkomen van 35.000 gulden, exclusief onkostenvergoeding. Kennelijk aangetrokken door het succes mochten Veelenturf en de zijnen gisteren vijf nieuwe businessleden begroeten. ,,Als je wint, kan je alles krijgen'', wist Veelenturf. ,,Als je verliest, ben je de joker.''

Oranje Zwart is de enige club die tot dusverre erkent spelers te betalen. Dat zegt meer over de rest dan over Oranje Zwart, want het is een publiek geheim dat ook elders – al dan niet met medeweten van het bestuur – spelers beloond worden voor hun prestaties. Boze tongen beweren dat ook Den Bosch zijn selectie betaald, een gerucht overigens dat de betrokkenen zelf in alle toonaarden ontkennen.

Niettemin heeft Oranje Zwart een trendbreuk geforceerd. Zo moest ook Roger van Gent erkennen. ,,Of het verstandig is waag ik te betwijfelen, maar Oranje Zwart bewijst dat je met geld veel kan bereiken'', sprak de assistent-coach van Den Bosch, vorig jaar nog actief als hoofdcoach. Met alle gevolgen vandien, volgens Van Gent. ,,De geest is uit de fles. Spelers weten dat ze een bepaalde waarde vertegenwoordigen.''

Dat beseft ook international Jeroen Delmee, al beweert de spelverdeler van Den Bosch dat geld voor hem geen rol speelt. ,,Ik hockey op basis van principes, niet om er rijk van te worden. Bij Den Bosch voel ik mij op m'n gemak. Dat is mij meer waard dan een paar duizend gulden.'' Zoals Delmee ook geen terugkeer overweegt naar zijn oude club MEP nu de club uit Boxtel op punt van promoveren staat. ,,Ik heb geen zin in degradatiehockey, zeker niet met het oog op mijn plaats in het Nederlands elftal.''

Degradatie is het laatste waar Oranje Zwart volgend seizoen aan denkt. Gesterkt door de huidige successen en overtuigd van de eigen aanpak is de club, nu al zeker van Europees hockey, hard bezig met versterkingen. Zo hoopt het bestuur via de Australische international Stacy een aantal van zijn landgenoten naar Eindhoven te halen. Bestuurslid Simon van den Boomen, het financiële brein van Oranje Zwart, weigert voorlopig namen te noemen. ,,Als een kip zit te broeden, moet je 'm niet storen.''