Een wereld van angst en dapperheid

Op 1 mei gaat in Amsterdam het nieuwe Verzetsmuseum open. Een museum dat een indringend beeld schetst van de jaren '40-'45 en iedereen dwingt zich af te vragen: wat zou ik gedaan hebben tijdens de oorlog?

De meeste indruk maken de kleurenbeelden van een amateurfilm: de drukte op het Amsterdamse Leidseplein waar hotel Americain er even galant bij ligt als nu; een tram die in de Vijzelstraat langs het gebouw van de Nederlandsche Handelmaatschappij rijdt; een optrekkende nevel die op een grachtje een mooie dag aankondigt. Aan niets is te merken dat Nederland `zucht' onder de bezetting.

Zo moet het in de eerste oorlogsjaren voor velen zijn geweest. Ze werkten voor hun dagelijks brood, zaten 's avonds met hun gezin aan tafel, lazen de krant voor de haard. Soms waren ze toevallig getuige van een razzia of een wilde achtervolging door de Grüne Polizei, maar ze fietsten dan snel door. Want ze waren, zoals begrijpelijk, bang. Daarom hielden ze zich doof en blind voor de werkelijkheid.

Tienduizenden Nederlanders lieten zich echter niet intimideren en gingen in meer of mindere mate in verzet. Ze hielpen joden onderduiken, vervalsten persoonsbewijzen, voerden sabotageacties uit of drukten illegale krantjes. Vaak gebeurde dat op een knullige manier, zoals in de romans van W.F. Hermans en Simon Vestdijk genadeloos wordt beschreven.

De dilemma's waarmee Nederlanders tijdens de bezetting werden geconfronteerd zijn de rode draad van de vaste tentoonstelling in het nieuwe Verzetsmuseum in Amsterdam. Ze zijn op zo'n heldere wijze in kaart gebracht dat ze definitief afrekenen met het zwart-witbeeld van `goed en fout'. De tentoonstelling dwingt je je af te vragen wat jij zou hebben gedaan als je toen had geleefd. En daardoor besef je dat het maken van keuzes in oorlogstijd veel moeilijker is dan je op het eerste gezicht zou denken.

Via het Nederland van de jaren dertig word je geleidelijk de oorlog ingetrokken. Op een fotowand is het dagelijks leven in de crisisjaren in beeld gebracht. Een gezin bidt aan tafel, stoere KLM-piloten staan voor hun vliegtuig, de NSB is op campagne, steuntrekkers hangen rond op straat. Nederland is een provinciaals landje van gehoorzame, gezagsgetrouwe, eenvoudige burgers, die erop vertrouwen dat het met de oorlog wel los zal lopen.

De tentoonstellingmakers hebben alles gedaan om dat provinciaalse in de steden en op het platteland na te bootsen. Behalve met opgeblazen foto's, propaganda-affiches, oude radio- en filmopnames hebben ze dat gedaan met portretfoto's, brief- en dagboekfragmenten, nagebouwde huiskamers, straatjes, reclamezuilen. Veel persoonlijke bezittingen, zoals NSB-partijboekjes, medailles, uniformen zijn opgesteld in vitrines, die zo klein zijn dat je er niet aan ontkomt erin te kijken.

De hoofdroute van de expositie voert door de algemene bezettingsgeschiedenis, het alledaagse leven van de doorsnee burger. Je loopt langs etalages waar het bordje `verboden voor joden' hangt, door donkere straten waar zojuist de ramen verduisterd zijn, langs een cel in het Oranjehotel, door een illegale drukkerij. Er is zelfs een kleine bioscoop gebouwd, waar een Duitse vermaaksfilm wordt vertoond. Even verderop wordt het verhaal verteld van een moeder die haar pasgeboren dochter Irene Beatrix Juliana Wilhelmina heeft genoemd, waarvoor de Duitsers haar vier jaar in concentratiekamp Ravensbrück opsluiten.

In de nevenruimtes bevindt zich de wereld achter de schone schijn van het dagelijkse niets. Het is een wereld van verzet, van dominees en pastoors die hun gelovigen oproepen zoveel mogelijk joden te redden, van vervalsers en van gewone burgers die zich niet door angst laten leiden en voor hun vervolgde vrienden opkomen. Het is een wereld van angst en dapperheid, waarin fatsoen de boventoon voert.

Geleidelijk aan wordt de tentoonstelling dreigender. De bezetting dringt zich meer op, het voedsel wordt schaars, mannen worden opgepakt voor tewerkstelling in Duitsland, verzet wordt genadeloos afgestraft. De Nederlanders beginnen de oorlog aan den lijve te ondervinden. Hetzelfde geldt ook voor de bezoeker van dit prachtige museum.

Het Verzetsmuseum in Amsterdam. Plantage Kerklaan 61. Open vanaf 1 mei. Volw ƒ8, 65+ ƒ4, MJK gratis. Di t/m vr 10-17u. Za/zo en feestdagen 12-17 uur. Inl 020-6202535