Borst hoeft om Bijlmerramp niet weg 1

Het wordt minister Borst door de enquêtecommissie bijzonder zwaar aangerekend dat zij niet goed is omgegaan met de gezondheidsklachten van de betrokkenen. Ik ben het daar niet mee eens. Omgaan met `gezondheidsklachten' (wat zijn dat eigenlijk?) lijkt mij in eerste instantie een verantwoordelijkheid van de huisartsen uit de directe omgeving. Sprekend namens mijzelf, werkzaam in een groepspraktijk met uitzicht op het rampgebied, die daags na de ramp voor het eerst geopend was, heb ik nooit op een medisch onderzoek aangedrongen zonder dat meer bekend zou zijn over de omstandigheden van de crash.

Meer pressie van huisartsen had waarschijnlijk tot snellere actie geleid. Dan had het geen zes jaar geduurd. Maar die pressie is er voor zover mij bekend, op die van een enkele collega na (dokter Makdoembaks), helemaal niet geweest. Zelf heb ik jaren geleden niet mee willen werken aan een onderzoek naar het uranium. Ook later heb ik mijn naam niet onmiddellijk willen verbinden aan een kort geding. Dat was misschien fout.

Huisartsen hebben zich ten zeerste ingezet voor de slachtoffers; op een emotionele bijeenkomst enkele maanden erna, bleek de betrokkenheid met het gebeuren in het algemeen overduidelijk. Toch was de ramp de laatste jaren in de spreekkamer nauwelijks meer onderwerp van gesprek. De enquête heeft wat dat betreft `ontsluierend' gewerkt. Ik neem overigens aan dat de mensen die zich slachtoffer voelden en onverklaarde lichamelijke klachten bleven houden dan wel ziek werden, daar hun heil zochten waar ze dat verwachtten te vinden. Dat is terecht.

Ik zou het evenwel heel erg betreuren als het onder de gegeven omstandigheden niet doen uitvoeren van onderzoek tot het aftreden van collega Borst als minister van Volksgezondheid zou leiden. Zij verdient juist een compliment voor haar optreden. Dan zouden huisartsen in zekere zin nog eerder moeten `aftreden'.