Woede Grieken groter dan medeleven met Kosovaren

Bij de Grieken is de woede over de NAVO- bombardementen zo verpletterend dat ze niet toekomen aan enige betrokkenheid met het lot van de Kosovaren.

Toen vorige maand de vluchtelingenstroom uit Kosovo op gang kwam, was de voornaamste zorg onder de Grieken dat zij nog meer Albanezen te verwerken zouden krijgen. Er zijn al ten minste 400.000 merendeels illegale Albanese gastarbeiders in het land, die vooral de reputatie hebben dat zij bijdragen tot de stijgende criminaliteit.

De regering had al lang tevoren aangekondigd de opvang van 15.000 vluchtelingen te hebben voorbereid, maar men nam er bij nader inzien geen enkele op. Wel is de regering actief bij de hulpverlening in Albanië, en vanwege haar pro-Servische geaardheid hoopt zij ook charitatieve activiteiten in Kosovo te kunnen uitbreiden.

Vorige week rees plotseling een andere verdenking, die de Grieken evenzeer met vrees vervult: veel Albanese mannen zouden nu wegtrekken, om in Kosovo het Kosovo Bevrijdingsleger UÇK te gaan versterken, tegen behoorlijke financiële beloning die van de NAVO afkomstig zou zijn, zo menen enkele kranten te weten. De schilderachtige provincieprefect van het eiland Lesbos, Dimitris Vounátsos, voor wie Saddam Hussein en Öcalan ,,authentieke revolutionairen'' zijn, bracht het bericht in de wereld. En sindsdien zijn ook uit Kreta en andere streken meldingen gekomen dat er Albanezen ,,weg zijn''. ,,We zien ze niet meer op de plekken waar zij vroeger bijeenkwamen om zich te laten selecteren voor dagwerk'', vertelde Vounátsos.

Op Griekse televisiekanalen is er tegenwoordig bijna dagelijks een `paneldiscussie' over de oorlog in Joegoslavië, waarbij de meeste deelnemers rivaliseren in het belijden van solidariteit met het Servische volk. De gespreksleiders roepen, ter wille van de levendigheid, daar ook graag een of twee Albanezen bij die een ander geluid laten horen en dan steevast door de meeste deelnemers – en de gespreksleider – van het scherm worden geschreeuwd. Dat overkwam ook de Albanees die dezer dagen kwam betogen dat zijn landgenoten helemaal niet wegtrekken maar zich liever niet meer op die verzamelplaatsen vertonen vanwege de anti-Albanese stemming in het land.

De Atheense krant Ta Nea kwam intussen met een zeer zeldzaam staaltje van zelfkennis, gemengd met humor: waarom trekken die Albanezen nu juist weg tijdens de olijvenoogst? Lesbos, Kreta en andere olijvengebieden kunnen niet zonder hun goedkope arbeidskracht. Moeten de Grieken soms die olijven zelf gaan plukken? ,,Dan worden ze veel duurder en loopt het mis met het streven van de regering de inflatie verder terug te dringen.''

Bij de Grieken blijft de woede over het bombardement op het orthodoxe Servische `broedervolk' zo verpletterend dat ze gewoon niet toekomen aan enig mededogen voor de Kosovaren. Voor zover ze wat over die vluchtelingen zeggen, worden ze ook tot `slachtoffers van de oorlog' bestempeld, waardoor het initiatief van de NAVO nog kwalijker wordt. Bijna dagelijks komen de verdrevenen op het, relatief minst eenzijdige en ook meest bekeken, kanaal Mega aan het woord over wat ze van de Serviërs hebben doorstaan, maar het lijkt wel of dit niet tot de Grieken doordringt. In talloze gevallen hoort men, als men dit onderwerp aansnijdt, de `tegenwerping': en waarom is er dan internationaal niets gedaan voor de Grieks-Cyprische vluchtelingen in 1974? En voor de Koerden die door de Turken uit hun dorpen werden verdreven? Zelfs de componist Theodorakis, die zich geheel achter de fanatieke aartsbisschop Christódoulos heeft geschaard, past in vraaggesprekken deze uitwijkmogelijkheid systematisch toe.

Diezelfde componist leidde gisteravond op het Plein van de Grondwet een enorm solidariteitsconcert ,,voor Belgrado''. Volgens een opinieonderzoek in bovengenoemde krant Ta Nea is 96 procent van de Grieken tegen de bombardementen en beoordeelt 64 procent Miloševic ,,positief''.

De – conservatieve – oud-burgemeester van Pireaus Andreas Andreópoulos kreeg dezer dagen heel Griekenland over zich heen toen hij in een artikel in The Wall Street Journal de Griekse journalisten `papegaaien' had genoemd ,,die elkaar napraten''. Er is duidelijk sprake van angst om uit de boot te vallen, en van zelfcensuur. Het aantal dergenen die inzake Joegoslavië een afwijkend geluid laten horen is op de vingers van één hand te tellen.

Enorm was hier de aandoening over de slachtoffers van het bombardement op het televisiestation van Belgrado, maar de moord op de dissidente Joegoslavische journalist Slavko Curuvija kwam slechts in één Atheense krant, en op geen enkel televisiekanaal. Toen de oecumenisch patriarch van Constantinopel, Bartholomaeos, in kennelijke reactie op de onbehouwen geluiden van zijn geloofsbroeder Christódoulos, het nationalisme `een ketterij' noemde bereikte dat ook slechts één Griekse krant. Wel bracht een ander dagblad daags daarop een foto van een onbekende Turkse soldaat. ,,Over enkele dagen maken wij zijn identiteit bekend.'' Het bleek de patriarch zelf te zijn, die net als andere Turkse staatsburgers in het Turkse leger had moeten dienen. Om tot oecumenisch patriarch te worden gekozen, moet men volgens de Turkse wetgeving Turks staatsburger zijn.