Veel koeien ernstig ziek geworden na inenting

Ruim 3.200 veehouders hebben bij de Gezondheidsdienst voor Dieren bijwerkingen gemeld, nadat hun runderen verplicht waren ingeënt tegen de koeiengriep.

De entstof blijkt besmet te zijn met een milde vorm van het diarreevirus BVD (bovine virus diarree). Enkele duizenden runderen lijden als gevolg van de vervuilde entstof aan diaree, vermagering, uierontsteking en kreupelheid. Ook krijgen koeien spontane abortussen en worden kalveren geboren met afwijkingen. De besmette entstof tegen koeiengriep (ibr) is afkomstig van geneesmiddelenfabrikant Bayer. Vorige maand stierven ruim 500 koeien nadat ze waren ingeënt met het vervuilde virus. Nog eens 900 runderen van elf boerenbedrijven moesten worden afgemaakt. Het betrof hier een zeer agressieve vorm van BVD die nog niet in ons land voorkwam. Ook hier was Bayer de leverancier van het vaccin. Naar aanleiding van dit agressieve virus werden eerdere partijen van Bayer en Hoechst onderzocht door het Instituut Dierhouderij en Diergezondheid ID-DLO in Lelystad. Hieruit bleek dat zeven van de veertig partijen geleverde entstof besmet waren met een mildere, maar even besmettelijke vorm van BVD, waarvoor geen geneesmiddel bestaat.

De zieke runderen, die tussen 1 mei en 1 december vorig jaar verplicht werden ingeënt, zullen worden afgevoerd naar het slachthuis. Bayer heeft inmiddels toegezegd de schade, die wordt geraamd op enkele tientallen miljoenen guldens, te vergoeden. De fabrikant onderzoekt intensief hoe de dieren besmet konden worden. Volgens dierenarts M. Holzhauer van de Gezondheidsdienst voor Dieren is zowel de kwaliteitsgarantie bij Bayer als de controle van de Duitse en Nederlandse overheid op het fabricageproces van de fabrikant tekortgeschoten. ,,Alle drie hebben steken laten vallen'', aldus Holzhauer. Zo blijkt de entstof alleen getest te zijn op ibr-vrije koeien en niet op dieren die al afweerstoffen hadden tegen BVD.

De entcampage, die per 1 mei 1998 verplicht werd, is stopgezet.