Tijdbom onder telecomfusie

Bestuurslid J. Drechsel van KPN is niet onder de indruk van het fusiegeweld in de telecommunicatie. Hij ziet `dinosaurussen' werken op basis van ,,het machts- denken van weleer''.

KPN, door schade en schande wijs geworden, heeft zijn buitenlandse strategie aangepast. AT&T Unisource Communications and Services (AUCS), lang een hoeksteen van de internationale strategie, wordt waarschijnlijk van de hand gedaan. En KPN kiest voor Europa.

Bestuurslid J. Drechsel (internationale activiteiten), wijst erop dat de mogelijkheden voor expansie binnen Europa jarenlang beperkt waren. ,,Begin jaren negentig kon je strategische partner worden van een Centraal- of Oost-Europees bedrijf'', zegt hij. ,,Of je kon een licentie verwerven voor mobiele telefonie in Indonesië. Dát was wat je kon krijgen, dus dat deed je dan ook. De geliberaliseerde Europese markt biedt nu andere mogelijkheden.''

Anno 1999 gelooft KPN niet in een bedrijf dat met een mondiaal dekkend netwerk in eigen beheer alles biedt wat klanten vragen. ,,Eén bedrijf kan in zijn eentje niet alles verzorgen'', zegt Drechsel. ,,Zelfs megadeals zoals die tussen Telecom Italia en Deutsche Telekom kunnen dat niet bewerkstelligen''. Volgens Drechsel moeten fusiekandidaten zich niet te snel rijk rekenen met de voordelen van schaalgrootte: ,,Neem de fusie van Airtouch met Vodafone [het moederbedrijf van Libertel]. Je denkt: `wat een abonneebestand', maar Vodafone bestaat uit vele deelnemingen. Om kostenbesparingen of synergievoordelen te behalen moet je dergelijke participaties controleren.''

KPN bezit 49 procent van Pannon, een Hongaarse aanbieder van mobiele telefonie. ,,Ik kan u vertellen dat het verdomde lastig is om die vanuit Den Haag te vertellen wat voor inkoopbeleid ze moeten voeren'', zegt Drechsel. ,,Toch is dat nodig. Anders kan ik niet met Nokia om de tafel gaan zitten om te kijken welke schaalvoordelen we kunnen realiseren.''

KPN wil in de toekomst in zijn deelnemingen niet slechts een financiële partner zijn, maar de touwtjes ook echt in handen hebben. ,,Bedrijven in Tsjechië en Hongarije bijvoorbeeld moeten uiteindelijk onderdeel worden van een pan-Europees mobiel netwerk. ,,Daartoe moeten we controle kunnen verwerven'', zegt Drechsel. Als een controlerend belang niet haalbaar is, zal KPN participaties verkopen.

Drechsel is niet onder de indruk van de afgelopen zomer opgerichte joint venture AT&T/British Telecom. ,,Ze gaan uit van een zeer defensieve benadering'', zegt hij. ,,AT&T en BT zijn twee dinosaurussen met een benadering van het telecomwereldje van weleer. AT&T wil BT van zijn thuismarkt houden en andersom wil BT AT&T buiten de deur houden. Dat is het machtsdenken van de oude wereld.''

Volgens Drechsel had AT&T een vergelijkbare benadering in de samenwerking met Unisource ,,Ze hadden vooral oog voor hun thuismarkt'', zegt hij. ,,Ze hadden in Europa een partner nodig die daar alles verder zelf zou opknappen.'' Drechsel vermoedt ook bij Telecom Italia en Deutsche Telekom vooral defensieve motieven. En bovendien: ,,Voor Telecom Italia was alles beter dan zich aan Olivetti te verkwanselen. Het is vaak een verkeerde reden voor een huwelijk als je alleen maar uit de klauwen van een ander wil blijven.'' Volgens Drechsel heeft KPN uit het verleden geleerd. ,,Unisource was ons Europees initiatief om schaalgrootte te creëren en om aansluiting te krijgen met de wereld'', zegt hij. ,,Maar zo makkelijk gaat dat niet.'' Nu kiest KPN een beperkt aantal markten waar het op eigen kracht agressief wil groeien.

Met de hoge capaciteit op de glasvezellijnen die de joint venture KPNQwest aanlegt tussen Europese steden zullen vooral andere telecombedrijven en aanbieders van Internet worden bediend. KPN staat op deze snel groeiende markt een zware slag te wachten. ,,Je moet nummer één, twee of drie zijn, anders houdt het op'', zegt Drechsel. Om zelfstandig te overleven moet KPNQwest snel expanderen. ,,We zullen op de Duitse, Franse en Britse markt een positie moeten verwerven'', zegt Drechsel. ,,Dat kan niet alleen met natuurlijke groei. We gaan ook op het overnamepad.''

Nieuwe ambities, maar is de internationale strategie zo ingrijpend gewijzigd als KPN doet voorkomen? AT&T Unisource Communications Services wordt verkocht aan het Amerikaanse Infonet dat telecomdiensten biedt aan multinationals. Achter Infonet gaan, naast KPN (18,7 procent), de Unisource-partners Swisscom en het Zweedse Telia schuil. Volgens Drechsel verschilt de opzet van het bedrijf van die van Unisource: ,,KPN onderhoudt in de Benelux de contacten met zijn eigen klanten. Als wij die mondiaal willen bedienen, dan kunnen we kiezen uit verschillende bronnen van diensten. Eén daarvan is Infonet, een andere is KPNQwest.''

Maar KPN was toch ook voor Unisource distributeur in Nederland? Drechsel: ,,Unisource zorgde voor veel verwarring, omdat KPN tegelijk aandeelhouder, distributeur, klant en partner was. Bij Infonet is de gedwongen winkelnering verdwenen. KPN kan ook een andere toeleverancier inschakelen.''

Als Europa's eerste en derde telecommunicatiebedrijf inderdaad samengaan, is volgens sommige financieel analisten alles mogelijk en KPN een gemakkelijke prooi. Maar Drechsel is strijdbaar: ,,We hebben geen aspriraties om het zwaard uit handen te geven. Wij zijn geen bedrijf waar je even kunt binnenkomen, dit wat anders schikken en dat eruit snijden om de winst flink op te krikken.''

Drechsel toont staatjes die moeten aantonen dat KPN, gemeten naar aantal aansluitingen of omzet per werknemer tot 's werelds efficiëntste telecombedrijven behoort. De Duitsers en Fransen lopen volgens dergelijke maatstaven achter. Meer efficiëntie kan politiek gevoelige ontslagrondes betekenen. Drechsel: ,,Er tikt een tijdbom onder die nieuwe combinatie.''