Stuk van Reisel over mensen die elkaar fileren

Overal schuilen de catastrofes in het nieuwe, vijfde toneelstuk Sangria! van Wanda Reisel. Vanavond beleeft de voorstelling haar Nederlandse première in de Amsterdamse Stadsschouwburg. De eerste uitvoeringen waren te zien in Cinema Tokio in Antwerpen. Een regisseur is er niet. Het collectief dat zich Het Toneelhuis noemt neemt de verantwoordelijkheid. Die hang naar het catastrofale zit in de titel: sangría is een ogenschijnlijk onschuldig ogende Spaanse wijn met vruchten, koud geserveerd. Maar waar komt die rode kleur vandaan?

Wanda Reisel heeft een bitse, wat grimmige manier van toneelschrijven. Dat geeft kracht aan haar werk. In Sangria! herkennen we iets van het Pinteriaanse motief van de beruchte indringer: de uitbaters van een herberg op Las Palmas beleven het eigen, aardse geluk. Beiden zijn wars van elke hoogvliegerij, kunst is een gruwel. Hun wereld kantelt bij binnenkomst van een zonderling stel. Een kunstminnaar met zijn diepongelukkige, ruziënde vrouw en hun assistent van een wezenloze, androgyne signatuur. De hotelbar, effectief en dreigend belicht met scherpe bundels, vertegenwoordigt het voorportaal van de hel. Hier fileren de personages elkaar met woorden, later zal dat anders zijn. Dan komt er dodelijk geweld aan te pas.

Het aardse echtpaar tegenover het artistieke echtpaar, met daartussenin de ongrijpbare assistent. Reisel voert hen ten tonele in een strijd, die nooit beslecht zal kunnen worden. Die onverenigbaarheid van karakters groeit uit tot een veldslag, waarin alleen nog teleurstelling overblijft. De snelle wisseling van geluk naar ongeluk heeft decorontwerper Stef Stessel uitgebeeld met draaideuren die elk ogenblik kunnen openklappen om een geheimzinnige, dreigende andere wereld te tonen. Het intrigerende is dat elke acteur en actrice dat tweede gezicht van dierlijke wreedheid toont in het spel. Acteerstijl en tekst zijn een toonbeeld van verontrusting. Er dreigt en wrikt onophoudelijk iets. De salonconversatie van de kunstminnaar (Adriaan van den Hoof) slaat geleidelijk aan om in liederlijke taal. Zijn vrouw Margot (Tine Embrechts) heeft trillende aanvallen van hysterie. In een schitterende monoloog laat ze weten alle grote filosfen `gehad' te hebben, van Plato tot Wittgenstein en verder, ze heeft hen geknuffeld, opgevreeën, afgedankt.

Dat de sangría uiteindelijk bloedwijn blijkt te zijn gebrouwen van vermoorde hotelgasten is het noodzakelijke slot. Het licht-realistische spel verandert in een surrealistisch vertoon van dood, besterving en sombere muziek. In deze wereld is een hoteleigenaar evengoed een seriemoordenaar, zijn gastvrije vrouw een toverkol.

Ik moest denken aan het begin van de film Blue Velvet, waarin de camera eerst over een lieflijk gazon glijdt en dan die duistere ondergrondse wereld daaronder binnenduikt. Wanda Reisel en de spelers van Het Toneelhuis geven de toeschouwers diezelfde onthutsende ervaring. Het is zoals Margot in haar woedende tirade over de beroemde filosofen zegt: ,,Ik voel me rot, en geen filosoof heeft daar antwoord op.'' Klopt: alles is illusie.

Voorstelling: Sangria! van Wanda Reisel door Het Toneelhuis. Muziek: Pieter Embrechts; decor: Stef Stessel; kostuums: Charlotte Willems; spelers: Robby Cleiren, Kristien van Pellicom, Tine Embrechts, Günther Lesage e.a. Gezien: 22/4 Cinema Tokio, Antwerpen. Te zien Stadsschouwburg, Amsterdam t/m 28/4. Tournee t/m 22/5.