Kinderporno in Zandvoort was eenmansactie

In Zandvoort bestond geen organisatie van handelaren in kinderporno. Deconstructie van een `complot'.

Achter het `Zandvoortse netwerk' school één gevaarlijke hobbyist. Wereldwijde ophef en een overvloed aan complottheorieën zijn na een jaar van onderzoek door 38 rechercheurs tot een minimum gereduceerd. Er is geen enkel bewijs voor een vanuit de badplaats bestierde internationale organisatie van producenten van kinderpornografie. In het Zandvoortse appartement van Gerry Ulrich zijn geen tienduizenden, maar `slechts' 710 afbeeldingen met kinderpornografie gevonden. Of daar ook kinderen zijn misbruikt, is niet bewezen.

Dat maakte de Haarlemse hoofdofficier van justitie H. van Brummen gisteren bekend. Het onderzoek is nog niet afgerond, maar het interregionale rechercheteam is alvast teruggebracht tot 11 rechercheurs. En Zandvoort is weer een gewone badplaats. Net zo `gewoon' als de dorpen en steden in 13 Nederlandse politieregio's waar afgelopen zaterdag tijdens een gezamenlijke actie 31 verdachten thuis zijn opgezocht. Allen bezaten kinderpornografie uit de collectie van Gerry Ulrich. Twee personen werden aangehouden, grote hoeveelheden pornografie zijn in beslag genomen.

De vermeende organisatie van Ulrich was een netwerk van pedofielen zoals er op Internet zoveel zijn. Te vergelijken met een grimmig soort ruilbeurs. Men wisselt plaatjes uit. Liefhebbers konden afbeeldingen van de verzameling van Ulrich binnenhalen van electronische prikbord `Apollo', een computer waarop via een modem rechtstreeks kon worden ingelogd. Ulrich kopieerde zijn afbeeldingen van Internet en verkocht ze zo buiten Internet om. Groot geld heeft hij er niet mee verdiend. De afbeeldingen kostten ,,een schijntje`, aldus hoofdofficier Van Brummen. Dat heeft de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD) uitgezocht.

De 31 verdachten hebben ieder slechts één tot tien afbeeldingen via Apollo gekopieerd. Sinds een uitspraak van de Hoge Raad een jaar geleden is ook het in bezit hebben van één enkele afbeelding van kinderpornografie strafbaar. Of de verdachten worden vervolgd bepaalt het openbaar ministerie van de arrondissementen waarin zij wonen.

,,Ruis in het onderzoek.'' Zo noemt hoofdofficier Van Brummen de vondst waarmee vorige zomer de Zandvoortse kinderporno-affaire begon. Het ging om diskettes van de Belgische werkgroep Morkhoven, die volgens woordvoerder Marcel Vervloesem afkomstig waren van Gerry Ulrich. Ulrich was in juni vorig jaar dood aangetroffen in het Italiaanse Volterra, zijn vriend Robby van der P. was daar aangehouden op verdenking van moord. En het televisieprogramma Nova, aan wie Vervloesem de diskettes doorspeelde, had de gruwelijke beelden die erop stonden getoond. Grof misbruik van kinderen, baby's nog.

Juist naar de afnemers van de in totaal 1.600 ernstig kinderpornografische afbeeldingen op deze diskettes heeft het onderzoeksteam niet gezocht. Dit omdat niet bewezen kon worden dat het materiaal werkelijk afkomstig is uit de collectie van Gerry Ulrich, aldus Van Brummen. Met veel rumoer had de werkgroep Morkhoven de diskettes vorig jaar overhandigd aan justitie in Nederland.

Het onderzoek spitste zich toe op wat daadwerkelijk is aangetroffen in Ulrichs Zandvoortse appartement en in zijn computerwinkel Cube Hardware. Alle afbeeldingen op de in beslag genomen computers en diskettes zijn geïnventariseerd. Computerspecialisten van de politie traceerden gebruikers van het bulletin-board Apollo. Het bestand bleek 60.000 verschillende foto's te bevatten. Zedenrechercheurs hebben ze stuk voor stuk bekeken.

Het merendeel bestond uit zogenoemde tienerpornografie. Van de 710 kinderpornografische afbeeldingen bleek het grootste deel jaren geleden te zijn gemaakt.

Er zijn daarop 370 herkenbare portretten van kinderen en drie daders gevonden. Ze zijn opgenomen in het landelijk Recherche Informatie Bulletin, maar geen kind is nog getraceerd.

Het onderzoeksteam hoorde 184 getuigen, onder wie Robby van der P., die nog steeds in een Italiaanse cel zit. Justitie is er ,,voor 95 procent zeker van'' dat hij niet betrokken was bij het vervaardigen of verspreiden van kinderporno. Vraag blijft of en waarom hij Ulrich vermoordde. Vanwege de resterende 5 procent wordt het uitleveringsverzoek nog niet ingetrokken, zei Van Brummen.

Ook is niet gebleken dat Van der P. betrokken was bij de verdwijning van het Duitse jongetje Manuel Schadwald in 1993, zoals de Werkgroep Morkhoven vorig jaar beweerde. In het Amsterdamse homoprostitutie-circuit is slechts een `look-alike' van Schadwald gevonden. Voor misbruik van kinderen op het zeilschip `Apollo' van Ulrichs levensgezel, de inmiddels overleden KPMG-accountant Leo van Gasselt, zijn ook geen bewijzen gevonden. En voor kinderhandel tussen Ulrich en beruchte Belgische, Duitse en Engelse pedofielen evenmin.

Alles wat de Werkgroep Morkhoven aandroeg is definitief gereduceerd tot suggestie. De vraag blijft hoeveel, of weinig, justitie heeft kùnnen opsporen. Op Internet bestaan wel degelijk netwerken van kinderporno-liefhebbers. Hobbyist of niet: Ulrich kopieerde er zijn collectie. Dat hij het buiten Internet om via zijn bulletin-board verspreidde doet daar niets aan af. Zijn afnemers zetten de afbeeldingen bovendien op hun beurt weer op Internet. De verspreiding van kinderporno via Internet bleek de achilleshiel van politie en justitie. Talloze malen had het Meldpunt Kinderporno op Internet daar al doorgegeven op welke Internetadressen kinderporno was te vinden. Tot de Zandvoort-affaire werd met die informatie vrijwel niets gedaan.

Door de ophef rond `Zandvoort' is justitie de opsporing via Internet serieus gaan nemen. Op proef is het landelijk rechercheteam op Internet gaan ,,surveilleren''. In zes weken werden ruim 2500 kinderpornografische afbeeldingen gevonden. De ministeries van Justitie en Binnenlandse Zaken stelden een miljoen gulden beschikbaar zodat politiekorpsen de surveillances kunnen voortzetten. Ook komt er een landelijke database voor kinderporno. ,,De overheid wordt telkens verrast, loopt achter de feiten'', is een conclusie uit een onderzoek dat hoofdofficier Van Brummen liet uitvoeren. Er was een Zandvoort-affaire nodig om dit te gaan veranderen.

Dossier: www.nrc.nl