De eetpolitie

Als het om feesteten gaat, zijn we met de multiculturele samenleving al een eind in de goede richting. Saté, sushi, muffins, hamburgers, shoarma, braadworsten, croissants, loempia's, taco's, wontons en pizzapunten; er zal deze week op de vrijmarkten en braderieën ter gelegenheid van Koninginnedag weer een ruime keus zijn aan lekkernijen uit de wereldkeuken. Ze vormen een aanvulling op de traditionele tractaties als oliebollen, poffertjes, saucijzenbroodjes en haring. Banketbakkers doen de laatste jaren erg hun best bij te dragen aan de verjaardagsvreugde met oranje geglazuurde soezen, sinaasappelbavarois en chocoladepastilles in de kleuren van de Nederlandse vlag met wimpel. Productontwikkeling die ook enig rendement oplevert bij deelname van het vaderlandse voetbalelftal aan internationale kampioenschappen. Door de promotionele inspanningen van de Hema is de populariteit van de oranje tompoes tot grote hoogte opgestuwd. En dan is er natuurlijk nog de oranjebitter, de enige min of meer authentieke Koninginnedagtractatie.

Een paar jaar geleden was het assortiment nog veel uitgebreider dankzij de culinaire huisvlijt waarvan de vruchten op straat te koop werden aangeboden. Uiteenlopende eigen baksels als appeltaart en spacecake, huiselijke succesgerechten als tonijnsalade en geitenkaasquiche, familiefavorieten als bananenbowl en kruidenmelk bereikten een welverdiend massaal publiek.

Menige ondernemende hobbykok rook het grote geld en pakte flink uit. Op de Amsterdamse vrijmarkt stonden de bestelbusjes al daags tevoren op de beste plekken. Ze waren beladen met grote hoeveelheden varkensvlees van de Kiloknaller en emmers marinade. In het gunstigste geval deden een paar koelelementen wanhopige pogingen de handelswaar fris te houden. Achter campinggasstellen en geïmproviseerde barbecues leverden zwetende hobbykoks een zwaarverhitte strijd om de vraag bij te houden. Zo probeerde de ene helft van de Nederlanders de andere helft een salmonellavergiftiging te verkopen. Tot verbazing van een ieder met een greintje besef van hygiëne werd er nog goed verkocht ook.

De gang van zaken was jaren een doorn in het oog van de Keuringsdienst van Waren – later de Hoofdinspectie Gezondheidsbescherming en nu de Inspectie Waren en Veterinaire zaken, maar bij sommigen beter bekend als de `eetpolitie'. Een dergelijke bedreiging van de volksgezondheid onder het mom van een koninklijke verjaardagsviering kon natuurlijk niet langer worden gedoogd. Niet dat er al grote ongelukken waren gebeurd, maar een massale voedselvergiftiging lag op de loer. De Dag van de Arbeid dreigde de Dag van de Buikloop te worden.

Na enig aandringen van de eetpolitie heeft de burgemeester van Amsterdam uiteindelijk de verkoop van bederfelijke waren door particulieren verboden op de steeds-minder-vrij-markt. Een voorbeeld dat gemeenten elders in het land vermoedelijk inmiddels overal hebben gevolgd. Nu mogen alleen de professionele voedselverstrekkers bederfelijke waar verkopen en zij hebben zich te houden aan de wettelijke hygiëneregels.

Maar ook in die kringen bestaat soms een wat moeizame verhouding met de eetpolitie. In de afgelopen maanden uitten gerenommeerde koks hun vrees voor de toekomst van ambachtelijke bereide producten door de stipte naleving van de regels. Limburgse bakkers vreesden uitdroging van hun vlaaien door de vermeende verplichting tot bewaren in de koeling. En restauranthouders klaagden dat ze kaas te koud moeten opslaan, waardoor de rijping stokt en de serveertemperatuur te laag is. De nieuwe regels zouden gastronomisch genot frustreren. `Ach', zegt een woordvoerder van de inspectie, `als men eerst maar eens zou lezen wat er precies staat. In de meeste gevallen is er niets aan de hand en gaat het om voorzorgsmaatregelen die veel professionele koks al jaren in acht nemen.'

Het is de dubbelzinnigheid die de vrijmarkt tot zo'n mooi experiment in deregulering maakt. Daar voltrekt zich de eeuwige strijd tussen de aversie tegen `de regeltjes' en de roep tot `daar moest de overheid toch wat aan doen' als de verworven vrijheid leidt tot uiteenlopende ongemakken als verkeersopstoppingen, verstoring van de nachtrust en ongebreidelde bacteriëngroei. Het geuzen- dan wel het koopmansbloed mint de vrijheid, maar vreest de buikloop.