`We hebben veel van dit WK geleerd, echt waar'

Het WK jeugdvoetbal is ten einde. Spanje werd winnaar. Wat heeft het evenement thuisland Nigeria gebracht? ,,We zijn zwart, maar niet gek.''

Op het scorebord van het National Stadium van Lagos verschijnt het portret van generaal Abdul Salami Abubakar. Gevolgd door een tekst waarop the Head of State alle gasten een gezegende terugreis wenst. Spattend vuurwerk vult de donkere hemel boven de immense stad, op het veld dansen vrouwen en mannen in kleurige gewaden en blaast en trommelt de Nigeriaanse combo er als vanouds op los. Op de tribunes bekogelen supporters elkaar baldadig met flessen water. Het is tenslotte feest.

Iedereen staat te swingen en te zweten. Ook de Spaanse voetballers die de wereldbeker in ontvangst mogen nemen. Een mooiere afsluiting kan het WK voor teams onder 20 jaar zich niet wensen. Een slotfeest dat wordt voorafgegaan door een voetbaldemonstratie van het prachtige Spaanse elftal. Door een 4-0 overwinning op Japan pakt Spanje de wereldtitel. Maar het had net zo goed 6 of 7-0 kunnen zijn voor de Spaanse ploeg van de kleine, schitterende spelverdeler Xavi, de 19-jarige lieveling van de Barcelona-socio's.

Pablo, Barkero, Gabri en vooral Xavi zijn spelers om te onthouden. Net als de Malinezen Keita en Dissa, de Nigerianen Ikedia en Aghahowa. Talentvolle jongelingen, zoals destijds Maradona, Ronaldo en Van Basten al indruk maakten op een juniorentoernooi, maar de vraag is hoe de Nigeriaans bevolking zich het kampioenschap zal herinneren. In hoeverre hebben zij zich betrokken gevoeld? Vooral nadat het team van Nigeria al in de kwartfinale werd uitgeschakeld. Hebben de Nigerianen gekregen waarnaar zij verlangen?

Ongeveer vijfhonderd miljoen dollar investeerde de regering in het toernooi. Een enorm bedrag voor een evenement in een land, waar de bevolking lijdt onder armoede, honger, ziektes, vervuiling en corruptie. Wie zich in het centrum van Lagos waagt, wordt geconfronteerd met ellende. Wie de deur van de taxi niet op slot doet, valt ten prooi aan handelaars, bedelaars en dieven. Wie zich wandelend op straat begeeft, wordt omsingeld door jongetjes die je slaan, je zakken leeghalen en spugen. Na een paar dagen wordt de angst verdreven. Je wilt begrijpen, je wilt helpen, maar hoe? Ze slaan, treiteren en spugen toch wel, net zo lang tot je de laatste tien naira (een kwartje) afgeeft.

Waarom bij zoveel ellende zoveel geld steken in een voetbaltoernooi? ,,Het is gemakkelijk om te zeggen dat het is georganiseerd met een politiek doel. Geef het volk brood en spelen, zoals de Romeinen'', zegt Segun Odegbami. Vijftien jaar geleden was hij aanvoerder van het Nigeriaans elftal. Nu is hij een beroemde tv-presentator van programma's over sport en religie. ,,Waarom draaien we het niet om? Door voetbal kunnen mensen overleven. Voetbal biedt mensen vreugde en werk. Voetballers kunnen geld verdienen, bestuurders, trainers, iedereen die bij voetbal is betrokken heeft kansen zijn leven zin te geven.''

Odegbami stond bekend als een sierlijke buitenspeler. ,,Ik hield van stijl en schoonheid'', zegt hij met zachte stem. Hij is net met zijn mooie vrouw naar de kerk geweest. ,,Ik heb gezongen en gebeden. En ik heb God bedankt voor wat hij Nigeria de afgelopen weken heeft gegeven. Ik weet wat er mis is. En dat zal volgende maand niet meteen veranderen wanneer Abusanjo president wordt. Maar voetbal is een prachtig middel om de mensen te helpen.''

Net als Tony Ikhazoboh, de voormalige minister van sport en ex-voorzitter van de Nigeriaanse voetbalbond NFA, wil Odegbami niet de nadruk leggen op de negatieve aspecten van de organisatie van Nigeria '99. ,,Waarom? We hebben niets verwacht van dit kampioenschap'', zegt Ikhazoboh. ,,De infrastructuur was niet toereikend, de hotels waren slecht, de telefoons werkten niet, mensen kwamen hun afspraken niet na, stadions waren niet altijd vol. Maar er waren heel veel positieve dingen. Er was voetbal en veel mensen hebben genoten. Heel de wereld kijkt neer op Afrikanen. Wij zijn apen, eten apenvlees, wij zijn lui, we zijn corrupt, we hebben corrupte leiders. We zijn zwart, maar niet gek. Laat ons doen wat we willen. Wij hebben hiervan geleerd, echt waar.''

In het land van 250 stammen en 250 talen, waar ruw geschat meer dan 100 miljoen mensen leven, wordt overal gevoetbald. Odegbami reist regelmatig door Nigeria. Hij heeft mensen van de Hausa, de Yoruba's, de Igbo's in zijn vriendenkring. ,,Voetballen doen ze in het noorden in Kano, in het zuiden in Port Harcourt en in Lagos. Nergens zijn zulke mooie grasvelden als in de stadions tijdens dit toernooi. Het is raar: voetballen leer je het best op slechte, hobbelige landjes. Maar als beloning moeten er echte grasvelden komen. Daar kunnen de jongens laten zien wat ze kunnen.''

Segun Odegbami is een mooie, lange man. Hij draagt een lang, grijs gewaad en een baseballcap. Zijn vrouw draagt een oogverblindend wit gewaad en heeft een witte doek om haar hoofd gedrapeerd. Ook John Fashunu is mooi en lang. Hij draagt een Engels pak. Hij is een Nigeriaan die opgroeide in Engeland en daar een bekende voetballer werd. Fashunu komt Odegbami begroeten en zegt: ,,Dat Nigeria dit nog eens mocht meemaken, mijn vriend.''

Odegbami schudt Fashunu de hand en houdt hem lang vast. ,,We hebben lang moeten wachten. Alles wat Nigeria aan stadions en grasvelden heeft gebouwd moeten we bewaren. Kom op, we gaan aan het werk. We gaan naar de kinderen en laten ze voetballen. Het National Stadium is vast nog wel open. Zo'n mooi grasveld hebben ze nog nooit gezien. Ze moeten het ruiken en voelen en ervan genieten. Voetbal is zo mooi, thank God.''