Van Wijk bespoedigt afscheid van Hendriks bij HGC

Natuurlijk dwaalden de gedachten van Maurits Hendriks af naar die glorieuze dag in het voorjaar van 1996 toen hij gisteren het complex van Bloemendaal betrad. Niet voor niets friste de HGC-coach het geheugen van zijn hockeyers nog even op tijdens zijn voorbeschouwing. ,,Drie jaar geleden hebben ze hier voor de finale ook zo'n tribune gebouwd, heb ik ze voorgehouden. Veel plezier heeft Bloemendaal daar toen niet aan beleefd.''

Hendriks' aansporing bleek tevergeefs. In een meeslepende wedstrijd ging HGC gisteren met 5-3 onderuit tegen de ploeg die een dag eerder in het eerste halve-finaleduel van de strijd om de landstitel ook al te sterk (4-5) was gebleken. ,,Twee terechte overwinningen'', oordeelde Hendriks die niet lang hoefde na te denken toen hem werd gevraagd naar de doorslaggevende factor. ,,Remco van Wijk'', luidde het antwoord. ,,Die speelt in deze vorm alles en iedereen stuk.''

Met zes treffers in twee duels, waaronder drie rake strafcorners, stond Van Wijk aan de basis van dubbele zege. Indirect was de 26-jarige spits daarmee verantwoordelijk voor het vroegtijdige afscheid van Hendriks, die HGC verlaat en plaats maakt voor assistente Sonja Thomann. Graag had de nieuwe bondscoach zijn verblijf in Wassenaar met twee weken willen rekken, al besefte hij dat ,,het eigenlijk een klein wondertje was dat wij überhaupt de play-offs hebben gehaald''.

Vier jaar gaf Hendriks leiding aan HGC en alleen in zijn eerste jaar won hij de landstitel. ,,Te weinig voor een topclub als HGC. Dat reken ik mezelf aan'', sprak Hendriks op de plek waar hij drie jaar geleden zijn grootste triomf vierde. Nog wranger was de constatering dat Bloemendaal de laatste jaren ,,duidelijk vooruit is gegaan terwijl wij toch een beetje stil zijn blijven staan''.

Het onheil kondigde zich afgelopen zomer al aan. Terwijl HGC in de voorbereiding met veel pijn en moeite een volwaardig elftal op de been kon brengen, baadde Bloemendaal in luxe. Fijntjes herinnerde coach Bert Bunnik zijn gehoor gisteren aan het moment dat hij met zijn selectie bij het traditionele Hoofdklasse-toernooi in Den Bosch verscheen. ,,Wij waren met achttien man. Maar omdat wij onze zaakjes zo goed voor elkaar hadden, waren we volgens de concurrentie met z'n dertigen.''

Een actief wervingsbeleid is tegenwoordig een vereiste binnen het tophockey, weet Hendriks. ,,En op dat vlak is te weinig gebeurd. In die zin ben ik jaloers op Bloemendaal.'' Een schuldige wenste hij niet aan te wijzen, want ,,het bestuur van HGC is van goede wil maar moet roeien met de riemen die ze hebben''. Toch lijkt een ommezwaai onafwendbaar, al mag het volgens Hendriks nooit zover komen als in Eindhoven waar Oranje Zwart ,,openlijk met de buidel rammelt''. ,,Ik zet vraagtekens bij een club die de landstitel wil kopen. Oranje Zwart is goed bezig. Ze denken professioneel, maar er zijn grenzen.''

Zoals er ook grenzen zijn aan zijn eigen aanpak. Geen moment had Hendriks gisteren overwogen om de wedstrijd op slot te gooien nadat HGC halverwege de eerste helft met 2-0 aan de leiding ging. Zijn ploeg opdracht geven de bal lukraak buiten de lijnen te slaan? De suggestie alleen al deed hem gruwen. Fel: ,,Ik ga mezelf niet verloochenen. Alle titels die we de laatste jaren met het Nederlands elftal hebben behaald, kwamen tot stand dankzij aanvallend hockey. Daar hou ik aan vast. Coachen doe je vanuit je hart.''

Dat doet ook Bunnik, die de tactiek van Bloemendaal grotendeels heeft afgestemd op de drie razendsnelle internationals, Remco van Wijk, Teun de Nooijer en Jaap-Derk Buma. ,,Catenaccio-hockey'', volgens Hendriks. ,,Maar met zoveel snelheid in de voorste linie ligt die aanpak voor de hand.''

Toch is het opvallend – ook Hendriks ontkwam niet aan die sombere conclusie – dat nog maar weinig ploegen het aandurven om ,,op de press'' te spelen. Het vastzetten van de tegenstander op eigen helft, zes jaar geleden geïntroduceerd door Amsterdam, brengt teveel risico's met zich mee sinds het afschaffen van de buitenspelregel. Hendriks: ,,Eén doorgeschoten bal en je bent gezien.''

Na ,,een nacht piekeren en woelen'' besloot Hendriks zijn elftal gisterochtend bij het ontwaken op maar liefst acht plaatsen te wijzigen. Grootste verrassing was de rol die centrale verdediger Bram Lomans kreeg toebedeeld. In plaats van aanvallers onschadelijk maken stond de boomlange strafcornerspecialist ineens voor de taak zijn ploeg van creatieve impulsen te voorzien. Daarin slaagde hij, tot lichte ontzetting van Bloemendaal dat na 21 minuten tegen een 2-0 achterstand aan keek.

Een andere noviteit was de dienende rol van aanvoerder Stephan Veen. Om meer ruimte te creëren voor aanvallers Tycho van Meer en Ronald Brouwer kreeg de rechtermiddenvelder van Hendriks de opdracht om ,,voorin zoveel mogelijk verdedigers bezig te houden''. Evenals Lomans kweet Veen zich voorbeeldig van zijn taak, maar wist ook hij het tij niet te keren toen Bloemendaal door toedoen van Van Wijk de gezagsverhoudingen herstelde.

De Brabantse streekderby werd gisteren ontsierd door wederzijdse irritaties. Oranje Zwart voelde zich zaterdag bestolen nadat de golden goal van aanvaller Marnix van Rijn, halverwege de tweede helft van de verlenging, ongeldig werd verklaard. Scheidsrechters Elders en Klein Nagelvoort keurden het doelpunt af omdat er een tweede bal in het spel was op het moment dat Van Rijn de cirkel binnenging. Verantwoordelijk daarvoor was een ballenjongen die per ongeluk de bal via een staander in het veld bracht.

Een verlenging was noodzakelijk nadat Shahbaz Ahmad vlak voor het verstrijken van de reguliere speeltijd met een briljant doelpunt de stand gelijk had getrokken (3-3). Vreemd genoeg bemoeide de Pakistaanse balvirtuoos van OZ zich niet met de strafballenserie, waarin Den Bosch met 3-2 de sterkste bleek.