Kampioen van de regelmaat in zwakke competitie

Jorien van den Herik, de markante voorzitter van Feyenoord, beschouwt de veertiende titel van zijn club als het begin van een nieuw beleid. Het kampioenschap dat Feyenoord zes jaar geleden onder Van Hanegem behaalde was volgens hem een incident. Het siert Van den Herik dat hij na de tragedie met trainer Arie Haan zijn eigen beperkingen heeft ingezien. Het technische beleid droeg hij in die donkere winterdagen van het vorige seizoen over aan specialisten als Baan en Beenhakker. Daar waar bestuurders bij Ajax en PSV nog een groot stempel drukten op de gang van zaken rond het eerste elftal.

Tevens hield Van den Herik zich, op de altijd spraakmakende nieuwjaarsrede na, afzijdig van publiciteit. Misschien wel het zwaarste offer voor een ijdel bestuurder die door schade en schande wijs is geworden. De prijs die Van den Herik daarvoor gisteren even moest betalen kwam bij de huldiging op het veld tot uitdrukking. Beenhakker ging op de schouders van Bosvelt en Van Wonderen, Baan werd door elke speler omhelsd, maar de machtige voorzitter liep er wat verloren bij.

De koerswijziging in de aanpak van Van den Herik heeft in anderhalf jaar tijd wél vruchten afgeworpen. Feyenoord is met een straatlengte voorsprong op de concurrentie onbedreigd kampioen geworden. De achterstand van nummer twee Willem II bedraagt vijftien punten. De kloof met Ajax is zelfs 24 punten. Beide clubs hebben nog een wedstrijd meer gespeeld dan Feyenoord. Het zegt ook iets over het onthutsende niveau van de huidige eredivisie.

De vraag dringt zich op of een nieuw beleid ook een nieuw tijdperk inluidt. Met andere woorden, staat Feyenoord aan het begin van een jarenlange hegemonie? Gezien de kwaliteit van het elftal en gezien de vele malen dat Feyenoord dit seizoen soms pas in blessuretijd de volle winst binnenhaalde, valt nauwelijks aan te nemen dat de club enkele seizoenen een leidersrol gaat vervullen in de eredivisie.

Aan de andere kant zullen Ajax en PSV nog moeten bewijzen dat ze in staat zijn een nieuw topteam op te bouwen. Beenhakker verkondigde gisteren bovendien dat er nog ,,vrij veel'' progressie te maken is met de huidige selectie. De bestaande groep blijft ook het uitgangspunt voor volgend seizoen. Feyenoord zal zich verder voor enkele posities proberen te versterken met spelers die een extra inbreng hebben. Daarvoor worden externe geldbronnen aangeboord. Want financieel moet Feyenoord binnen smalle marges werken als het geen spelers verkoopt. Beenhakker: ,,We weten precies wat we willen. Wat we kunnen realiseren heb je niet altijd zelf in de hand.''

Hoewel voor de geboren Rotterdammers Baan en Beenhakker in de herfst van hun loopbaan een jeugddroom in vervulling is geraakt, raken ze niet verblind door het succes. ,,Qua uitvoering was het geen briljant seizoen'', beseft Beenhakker. Net als gisteren tegen NAC moest Feyenoord vaak een achterstand wegwerken. Een paar keer zelfs met twee doelpunten verschil. Het veldspel verdiende zelden de schoonheidsprijs, al stonden er de laatste maanden regelmatig drie, vier aanvallers op het veld. Degelijk was het wel, vooral door het centrale verdedigingsduo Konterman-Van Wonderen dat altijd ondersteuning kreeg van dirigent Van Gastel. Feyenoord verloor tot nog toe slechts twee keer, van AZ en Willem II. Het team kreeg zelden te maken met een blessuregolf, kon zo bijna altijd in dezelfde samenstelling spelen en werd dan ook de kampioen van de regelmaat. ,,Van de 29 wedstrijden hebben we er 22 gewonnen. Het gemiddeld aantal toeschouwers is gestegen van 25 naar 30.000 en de irritatiegrens ging naar beneden,'' somde Beenhakker de positieve feiten op. Met dat laatste bedoelde hij overigens het totaal aantal van drie rode kaarten.

Beenhakker staat niet bekend als een briljant voetbalstrateeg, maar bij Feyenoord heeft hij weer het maximale gehaald uit zijn kwaliteiten als mental coach. Net als bij Ajax in het begin van dit decennium hield hij de ontevreden reserves (Kornejev) rustig en een wispelturige vedette als Julio Cruz scherp. Hij zat bij Vitesse al achter een bureau omdat hij het veldwerk niet meer ambieerde. Maar bij Feyenoord, dat hij als zijn ,,laatste kunstje'' beschouwde, stond hij weer bloed fanatiek langs de lijn. Sentimenten bepaalden de drijfveer voor de man uit Charlois. Over terugtreden naar de jeugdopleiding, waarmee het cirkeltje rond zou zijn, heeft hij het voorlopig niet meer. Toch is technisch bestuurslid Baan zo verstandig al vast jonge trainers als Mario Been en John Metgod uit te testen in het kielzog van Beenhakker. Bovendien houdt Baan ook de Nederlandse oefenmeesters bij andere clubs scherp in het oog. Zo volgt hij met veel belangstelling de verrichtingen van Bert van Marwijk bij Fortuna Sittard.

Feyenoord mag dan de uitstraling van een grootse kampioen ontberen, niemand kan beweren dat de club uit de Maasstad de titel niet verdient. Dankzij een uitgekiend aankoopbeleid (Beenhakker: ,,Vijf van de zes nieuwelingen stonden altijd in het basisteam''), slaagde Feyenoord erin de arrogantie van Ajax en het poenerige gedrag van PSV af te straffen. Amsterdam kan het zelfs op het gebied van sfeer en humor niet meer winnen van Rotterdam. In De Kuip is voetbal nog een volkssport, heeft de grote zakelijkheid het stadion niet veranderd in een concertgebouw. Maar dat alles biedt geen enkele garantie voor blijvend succes.