Column

Kosofooi

De miljonairs Freek de Jonge, Herman van Veen en Youp van 't Hek deden afgelopen week het een en ander voor Kosovo en lieten het publiek betalen.

Interessant regeltje van een wat cynische, lichtverzuurde journalist. Ik moet er wel om lachen. Ik ben namelijk dol op cynische, lichtverzuurde journalisten. Het klopt namelijk. Over de saldi van mijn collega's kan ik niet oordelen, maar in mijn geval heeft hij gelijk. Ik ben miljonair en laat inderdaad het publiek betalen. Morgenavond speel ik een benefiet in de prachtige schouwburg van Groningen en van de 100 gulden die het publiek per persoon neertelt gaat 100 gulden naar giro 555. Wat ik betaal? De kosten, maar die vallen ook nogal mee. Ik heb de vorige week in Groningen gespeeld, dus alles stond er nog. De vrachtwagen vertrekt gewoon een dagje later. Extra personeelskosten heb ik niet, daar mijn mensen het ook voor niks doen, net als de schouwburg en alle medewerkers daar. Daarbij komt nog dat mijn medewerkers niet zo duur zijn. Ik betaal namelijk nogal slecht en zo ben ik miljonair geworden. Kortom, eigenlijk is het een kosofooi.

Is mijn medewerking wel zo belangeloos? Natuurlijk niet. Mijn naam wordt op televisie genoemd, de krant schrijft erover en dat is voor menig radioprogramma een reden om na de mededeling dat ik een benefiet geef een stukje te draaien van mijn nieuwste cd, die vanaf vandaag in de winkel ligt. Ondertussen hoor je mensen zeggen dat die Youpie toch wel een goeie kerel is. Hij had het geld ook in zijn eigen zak kunnen steken. Inderdaad: ik ben te goed voor deze wereld. Met dank aan de NATO en Miloševic.

Daarbij heb ik meer gedaan. Ik heb nog een liedje gezongen in de uitzending van de gezamenlijke omroepen en twee liedjes in de uitzending van collega-miljonair Paul de Leeuw. Een liedje duurt een minuut of drie, dus ik kom op bijna tien minuten charitas.

Waarom was ik toch een klein beetje geïrriteerd door het zure journalistenregeltje? Omdat er volgens mij iets anders aan de hand is. Ten eerste zou de journalist kunnen bedenken dat de miljonair een bepaald idee heeft over zijn wereldburgerplichten en misschien heeft hij (ik dus!) al het een en ander gestort. Hij zal daar nooit achterkomen, daar ik ben opgevoed met het feit dat je daar niet over spreekt. Mensen die de televisie bellen om te vertellen wat ze geven, deugen niet. Je stort of je stort niet en je gaat niet doorbellen wat je stort. Daarbij werden weer de meest gênante bedragen genoemd. Zoontje leegt zijn spaarpot en stort een riks. De ouders verdubbelen het bedrag! Applaus.

Terug naar de benefiet van de miljonair. Normaal betaalt men voor een kaartje bij mij zo'n 35 piek, dus eigenlijk geeft het publiek 65 gulden aan Kosovo en de schouwburg en ik geven de rest. Maar gaat het daarom? Nee. We zitten in een situatie dat er een verschrikkelijke brandhaard is, er zijn er veel meer, maar deze is nu even het testbeeld van de wereld en er moet iets gebeuren. Er moet geld heen. Eten, drinken, medicijnen en geen ouwe, afgelebberde knuffels. Geld! Poen! Money! En zolang de mensen niet bereid zijn om gewoon in stilte 100 gulden over te maken, moet het anders. Dan maar op de manier van de omroepen. De naam van je slagerij in beeld. Of middels de benefiet. Daarbij ga ik er vanuit dat het publiek dat morgenavond in de Groninger schouwburg zit, allang een ander bedrag dan die lullige 100 gulden heeft overgemaakt. Er is brand en er moet geblust worden en dat doe je niet door te roepen dat er brand is. Zolang ik een paar duizend mensen bij elkaar kan krijgen die bereid zijn geld te storten, dan doe ik dat. Er is brand, er zijn miljoenen mensen op de vlucht, er is geen tijd voor cynisch gekeuvel in een welvaartsstaat als Nederland. Er moet geld komen. En iedereen moet dat bij elkaar brengen. Dus als de zureregeltjesjournalist het bedrag dat hij voor zijn stukje kreeg, overmaakt aan giro 555 dan wordt het regeltje een stukje minder zuur.

Eén ding blijft: de journalist heeft gelijk. Groot gelijk zelfs. Maar daar gaat het niet om. Er is brand en er moet geblust worden. Giro 555.