Koningin Avocado

Nederland is een stoffig land. Zegt Leyda. Omdat er geen bergen zijn. Maar wel veel wind. Het stof vindt nergens rust. Altijd opgejaagd ligt het dan hier, dan weer daar. Daarom houdt Leyda van Nederland. Altijd stoffig. Zo is er altijd werk voor haar, zegt zij.

Op zaterdag maakte Leyda ons huis schoon. Ze vertelt wel eens over haar land Venezuela, in Zuid-Amerika. Daar hangen de avocado's – je weet wel, die groene peervormige dingen – overal voor niks aan de bomen. Op weg naar huis steek je je hand maar uit en je hebt er één. De Venezolanen schudden hem vlakbij hun oor heen en weer en horen aan het geluid dat de pit maakt of hij goed is. Maar je kunt hem nog niet eten. Eerst moet hij nog drie dagen, in een oude krant gewikkeld, in de zon liggen. Om rijp te worden. Ze hebben er een recept voor waarvan je als je de naam hoort, meteen weet dat het lekker is. Het heet Reina Pepiada, Koningin Pepiada.

Een avocado schillen en het vruchtvlees in dunne repen snijden. Een tomaat, met hulp van een handig persoon, een halve minuut in kokend water houden en dan de schil eraf trekken. De tomaat doorsnijden en alle pitten weggooien. In kleine stukjes snijden. Een halve ui schillen en heel dun snijden. Met het sap van een halve citroen bedruppelen en met zout bestrooien. Van een steel bleekselderij de harde nerven verwijderen en ook in dunne repen snijden. Je hebt nog een blikje tonijn in olie nodig. Dat maak je open met de blikopener (beetje voorzichtig alsjeblieft) en laat de olie eruit lopen. Tonijn met een vork in kleine en nog kleinere stukken verdelen. Alles wat je nu hebt bij elkaar in een kom doen. Twee lepels mayonaise erbij en peper uit de pepermolen. Voorzichtig alles met elkaar vermengen, dan heb je Reina Pepiada. Je kunt het eten met stokbrood en groene sla, maar ook met rijst kan het. Zo heeft Leyda het mij verteld, en zij kan het weten.