Techniek

Kloppen de conclusies over de technische oorzaak van de ramp?

De enquêtecommissie heeft kritiek op het onderzoek naar de toedracht van de ramp door het Bureau Vooronderzoek van de Rijksluchtvaartdienst. De conclusies werden in het eindrapport over de ramp overgenomen door de Raad voor de Luchtvaart (RvdL). Hierin werd als oorzaak een `vermoeiingsscheur' in een breekpen aangegeven waarna, door een fout in de ophangconstructie, twee motoren van de vleugel vielen. De commissie betwist deze oorzaak niet, maar heeft opmerkingen over het onderhoud. Er is ,,onvoldoende rechtvaardiging'' gevonden voor ,,de conclusie van de RvdL ten aanzien van het onderhoud en de inspecties, uitgevoerd door El Al aan de AXG, waar het de controle van de inspectie van de motorophanging betreft''. De commissie typeert het RvdL-rapport op dit punt als ,,onvolledig en oppervlakkig''. Het RvdL-onderzoek was ,,een onderzoek naar de onderhoudsadministratie, en niet naar de kwaliteit van het onderhoud zelf''. De conclusie van de RvdL dat aan alle voorschriften met betrekking tot inspecties van de motorophanging is voldaan ,,wordt niet gestaafd door de daartoe bestemde documentatie''. De commissie concludeert wel dat de luchtwaardigheid goed was, ,,voorzover dit door de direct betrokken onderhoudsmonteurs kon worden vastgesteld''. De lange lijst met klachten over uitgesteld onderhoud was uiteindelijk ,,niet van invloed'' op de ,,directe luchtwaardigheid''.