Overheid schoot op veel punten tekort

De overheid heeft in de periode kort en ook geruime tijd na de Bijlmerramp onvoldoende initiatieven ontplooid, waardoor de maatschappelijke onrust kon toenemen en ook het aantal gezondheidsklachten bleef groeien.

Dit stelt de parlementaire enquêtecommissie in haar vandaag vrijgegeven rapport `Beladen Vlucht' over de vliegramp van 1992 en de afhandeling daarvan. Daarbij verloren 39 bewoners en vier bemanningsleden het leven.

Na de eerste uren van geslaagde brandbestrijding en berging bleven verdere initiatieven van de overheid uit. De acht betrokken departementen en bijbehorende overheidsdiensten wachtten meestal op elkaar en werkten, als ze al iets deden, bovendien volledig langs elkaar heen.

,,De commissie is verontrust over het feit dat de aanpak van maatschappelijke vraagstukken door de departementale en parlementaire werkwijze niet leidt tot een gecoördineerd optreden'', zo luidt een van de eindconclusies in het rapport.

De commissie, voorgezeten door het Tweede-Kamerlid Th.Meijer (CDA), verwijt de regering in het bijzonder dat ze al die jaren onvoldoende oog heeft gehad voor de ,,al dan niet op waarheid berustende maatschappelijke onrust''. Die werd aangewakkerd door aanvankelijk verkeerde informatie over de lading (bloemen en parfum), waarna vervolgens door de autoriteiten geen duidelijke gegevens konden worden verstrekt over een deel van de vracht.

Het feit dat de lading gedeeltelijk uit militaire goederen bestond, werkte tegelijk nog allerlei complottheorieën in de hand, zo stelt de commissie vast. Ook toen in de loop van de jaren steeds meer mensen over hun gezondheid gingen klagen, nam de overheid geen maatregelen.

De commissie stelt vast dat allerlei belangrijke beslissingen of maatregelen hierdoor zijn uitgebleven. Om te beginnen werd geen aangifte gedaan van het vermoeden van een strafbaar feit. Hierdoor heeft het Openbaar Ministerie geen onderzoek gedaan naar de toedracht van het ongeluk. Op de rampplek zelf waren allerlei diensten op hun eigen deelterrein aan het werk.

In deze chaos verdween de cockpit voice recorder (CVR) met de laatste gesprekken van de bemanning in de cockpit van de 4X-AXG. De enquêtecommissie haalt verklaringen aan van getuigen die zeggen het belangrijke bewijsstuk in handen te hebben gehad. Volgens de commissie heeft het Bureau Vooronderzoek van de RLD ten onrechte geen aangifte gedaan van vermissing van de CVR. Op initiatief van de enquêtecommissie verricht het openbaar ministerie in Amsterdam thans nog onderzoek naar dit aspect van de ramp.

De commissie acht zichzelf niet schuldig aan het vergroten van de onrust door de wijze waarop men gebruik heeft gemaakt van de geluidsbanden van de verkeersleiders. Dat daar een verkeerde lijst van gevaarlijke stoffen werdvoorgelezen ,,doet dit niets af aan het feit dat ambtenaren besluiten om informatie niet door te geven''.