Kosovo 2

De argumentatie van de `Tien redenen om de oorlog tegen Servië te stoppen' (Thomas Mertens in NRC Handelsblad, 16 april) gaat blijkbaar uit van de juridische fictie `Pacta sunt servunda' (Verdragen worden nagekomen). Maar feitelijk bedraagt de geldigheidsduur van voor eeuwig gesloten verdragen zelden meer dan één lustrum. Zo werd in de jaren dertig van de Volkenbond plakje na plakje afgesneden: (Saargebied, Oostenrijk, Sudetengebied). De ontmanteling van Tsjechoslowakije vormde het punt alwaar het Westen tot verweer moest besluiten om geloofwaardig te blijven. Dit werd acuut met Dantzig ondanks de Molotov-Ribbentrop-afspraken.

Met een dergelijke salami-methode (Vukovar, Sarajevo, Srebrenica) heeft Milosevic de `Human Rights' ondergeschikt trachten te maken aan een als absoluut opgevatte nationale soevereiniteit. Dit is zodanig in strijd met de intentie van de VN dat voor de NAVO de formele verdragsschending door de luchtoorlog als geringer kwaad kon worden gezien; en vormde dan ook één reden, gewichtiger dan het bovengenoemde tiental om daartoe over te gaan. Vorming van een bond tussen Servië en Rusland analoog aan Molotov-Ribbentrop schijnt thans ook minder dreigend. Misschien zou dit kunnen helpen voorkomen dat de United (sic!) Nations straks het droeve lot van wijlen de Volkenbond moeten ondergaan.