Penose

De bendeleden van een gangsterstaat kunnen bruine hemden dragen of leren jasjes, ze kunnen van het front komen of uit de sportscholen, het systeem is hetzelfde. Geweld loont altijd. De staat dient de bende, niet omgekeerd. De horizon reikt nooit verder dan de volgende overval.

De penozewortels van de nazi's liggen onder een parkeerplaats naast het Hilton-hotel aan de Rosenheimstrasse, vakkundig weggesloopt. Maar hier gebeurde het allemaal. Hier lag de befaamde Bürgerbräukeller waar de opkomende Hitler zijn showtalenten ontwikkelde. Hier ontstond zijn militia, zijn `turngroep', de latere Sturmabteilung (SA), die hem moest beschermen tegen de aardewerken bierpullen die de `Roden' hem toesmeten. Van hieruit organiseerde hij zijn – mislukte – machtsgreep op 9 november 1923. De aard van het gezelschap laat zich aflezen aan de schadeclaim over die dag: 143 kapotte pullen, 80 gebroken glazen, 148 verdwenen bestekken. Zijn boezemvrienden waren in deze fase SA-chef Ernst Röhm, een verlopen `frontzwijn' met een weggeschoten neus, en de `vleesberg' Christian Weber die, gekleed in aangepaste Lederhosen en Tiroler hoed, iedereen platsloeg die zijn Leider te na kwam.

Beiden waren allang van het toneel verdwenen toen Hitler op 8 november 1939 in diezelfde Bürgerbräukeller bijna werkelijk werd opgeblazen. Maar die ene bom van de dappere meubelmaker Johann Elser kon de geschiedenis niet meer veranderen. Hitler was alweer in haast vertrokken. Later bleek dat hij dat weekeinde al Nederland, België en Frankrijk had willen overvallen. De gangsterbaas was groot geworden.