Conflict Kroatië-Servië dreigt

Joegoslavische soldaten hebben een Kroatisch schiereiland bezet. Kroatië dreigt met tegenacties.

Kroatië dreigt direct bij de oorlog om Kosovo betrokken te raken na de bezetting, gisteren, van het gedemilitariseerde schiereilandje Prevlaka in het uiterste zuiden van Kroatië door driehonderd soldaten van het Joegoslavische leger.

Na de bezetting heeft Kroatië de Veiligheidsraad gealarmeerd en gedreigd troepen naar Prevlaka te sturen om, als diplomatieke middelen geen succes hebben, de Joegoslaven gewapenderhand te verdrijven. De Britse ambassadeur bij de VN sprak gisteren van een schending van de regels betreffende gedemilitariseerde zones, een schending waarop de Veiligheidsraad wel zal moeten reageren.

Prevlaka, een nietig schiereilandje, is sinds de Kroatisch-Joegoslavische oorlog in 1991 omstreden: zowel Kroatië als Joegoslavië maakt er aanspraak op. De reden is niet ver te zoeken: het schiereiland controleert de toegang tot de Bocht van Kotor (in Montenegro, dat deel uitmaakt van Joegoslavië). In de baai achter de bocht liggen havensteden als Kotor (waar een belangrijke Joegoslavische marinebasis is gevestigd) en Herceg-Novi. Voor Joegoslavië, dat naast Kotor maar één belangrijke havenstad heeft, het wat zuidelijker gelegen Bar, is de onbelemmerde toegang tot Kotor van het grootste belang.

In 1996 werd bij een akkoord over de normalisering van de betrekkingen tussen Kroatië en Joegoslavië afgesproken dat het tot Kroatië behorende Prevlaka een gedemilitariseerde zone wordt onder toezicht van de Verenigde Naties. De VN hebben een waarnemingsmissie van 28 man op Prevlaka. Afgesproken werd dat de missie op Prevlaka aanwezig blijft tot Zagreb en Belgrado hun geschillen over het schiereiland hebben opgelost. Sindsdien echter is er rond het territoriale conflict niets meer gebeurd. Als de Kroaten hun dreigement waarmaken en ook troepen naar Prevlaka sturen, lijkt een militair conflict tussen Joegoslavië en Kroatië onvermijdelijk.

De bezetting van Prevlaka door het Joegoslavische leger heeft ook de Montenegrijnen gealarmeerd, omdat de federale troepen de grensposten met Kroatië hebben bezet en de Montenegrijnse autoriteiten de controle over die grensposten hebben afgenomen – alweer een steen des aanstoots tussen de Montenegrijnen en de Serviërs binnen de Joegoslavische federatie. De grensposten zijn niet afgesloten, maar er worden door de militaire grenswachten alleen reizigers doorgelaten met een visum voor Joegoslavië – en dat terwijl Montenegro die visumplicht nu juist eenzijdig had afgeschaft in de hoop nog wat te redden van het toeristenseizoen. Veel journalisten hebben van die afschaffing geprofiteerd om zonder toestemming van Belgrado Joegoslavië binnen te komen.