Blair leent zijn mediastrateeg uit aan NAVO

Alistair Campbell, spin doctor van premier Blair, moet de NAVO gaan behoeden voor nieuwe mediablunders.

De NAVO heeft een nieuw slim wapen ingezet. Het is niet gericht op de Serviërs in Kosovo maar op het thuisfront. Alistair Campbell, de man zonder wie de Britse premier Blair geen stap zet en geen woord spreekt, is op semi-permanente basis toegevoegd aan de NAVO-staf in Brussel om de geallieerde media-oorlog te helpen winnen.

Na een week met te veel onbedoelde burgerslachtoffers en te weinig vernietigde tanks schoof de Britse regering vrijdag haar meest bekwame en meest omstreden spin doctor naar voren om het `nieuwsmanagement' beter te coördineren. ,,Ze hebben uitzonderlijk goed werk geleverd, vooral gezien het feit dat ze met zo weinig zijn'', zei hij maandag over de kleine, op vredestijd ingerichte staf van NAVO-woordvoerder Jamie Shea.

Maar in de praktijk komt Blairs pr-generaal de mediastrategie van de alliantie opnieuw vormgeven. Dat werd nodig gevonden nadat woordvoerders in Brussel, Londen en Washington vorige week een reeks uiteenlopende en tegenstrijdige verklaringen gaven over de aanval door NAVO-vliegtuigen op een konvooi vluchtelingen. De tientallen doden die daarbij vielen brachten de publieke opinie over een luchtoffensief zonder grondtroepen aan het schuiven.

De methode-Campbell, tijdens politieke crises in Londen uitentreuren beproefd, bestaat ook in Brussel uit drie fasen. De eerste is damage control. Zo hadden NAVO-woordvoerders gisteren strikt consigne om geen nieuwe, potentieel compromitterende details te verstrekken over de rampzalige bomaanval op vluchtende Kosovaren.

De tweede fase is het herwinnen van het initiatief, het opnieuw vestigen van wat Campbell zelf graag ,,the big picture'' noemt. In dat licht is de toespraak te zien van premier Blair, vooralsnog de meest uitgesproken Europese leider over Kosovo, die gisteren per directe videoverbinding geallieerde bevelhebbers in Brussel en de Joegoslavische periferie de juistheid van de gevolgde koers voorhield. ,,Deze oorlog is rechtvaardig'', aldus Blair. ,,Wij vechten voor de waarden van onze beschaving, voor eerlijkheid, gerechtigheid en fatsoen.''

En in de derde fase komen de details aan bod. Zo zal Shea vaker een bril opzetten om zijn gemoedelijke imago te verernstigen. En zo zullen de NAVO-briefers op Campbells initiatief niet langer elke dag een dorre opsomming van feiten geven, maar hun publiek – de pers – dagelijks voeren met hapklare brokken nieuws. Gisteren de zuiveringen, vandaag de executies, morgen de verkrachtingen. Je moet ze ,,een verhaal'' geven, is Campbells credo in Londen en dat zal het ook in Brussel luiden.

Blairs media-initiatief heeft een element van déja-vu: een crisis in een militaire campagne leidt vaker tot ruzie tussen pers en de militaire nieuwsvoorziening. Tijdens de Falkland-oorlog van 1982 kreeg de BBC van premier Thatcher het verwijt niet patriottisch genoeg te zijn, nadat de `staatsomroep' vraagtekens zette bij het torpederen van de Argentijnse kruiser Belgrano. Iets soortgelijks overkwam de BBC tijdens de Golfoorlog (1990-'91) na het bombardement op een vermeende commando-bunker in Amiriyah waarbij honderden Iraakse burgerdoden vielen en bij enkele zogeheten friendly fire-incidenten.

Dezer dagen ligt BBC-veteraan John Simpson, die vanuit Belgrado verslag doet voor de tv, radio en The Daily Telegraph, onder vuur van de regering en linkse parlementsleden. Toen hij betoogde dat de geallieerde bommen in Belgrado ,,niet werken'', omdat Serviërs de rijen sluiten, kreeg hij het verwijt een ,,spreekbuis van Miloševic'' te zijn.

Bij kritische vragen uit `eigen' kamp sluiten politici en militairen traditioneel eveneens de rijen. Burgerdoden zijn vervelend maar minder een reden om hun strategie te herzien dan hun mediamanagement. Die taak valt nu toe aan de man die ,,de op één na machtigste Brit'' is genoemd.

Campbell (41), oud-journalist, geheelonthouder, doedelzakspeler en in een vorig leven schrijver van erotische romans, geniet in Londen een dubbele reputatie. Journalisten vrezen zijn tirades, live of door de telefoon, bij onwelgevallige artikelen. En zijn laatste manoeuvre om premier Blair wel te laten praten met lichte radioshows en de tabloidpers, maar steeds minder met serieuze kranten en harde interviewers, is ook niet goed gevallen. Maar aan de andere kant zijn journalisten ook dankbaar voor de primeurs en gunsten die hij zuinig, precies en niet unfair ronddeelt.

Politici uit het Labour-kamp merken dat Campbells mediatrainingen vrucht afwerpen in hun contacten met de pers. Maar ze zetten ook vraagtekens bij de ongekende macht die iemand op een ongekozen plek heeft. Campbell mag als eerste woordvoerder de vergaderingen van de ministerraad bijwonen. Hij heeft de volmacht om departementale pershoofden hun koers te dicteren. En ministers worden geacht alle vraaggesprekken eerst door hem te laten fiatteren.

Voor Tony Blair is Alistair Campbell meer dan alleen een adviseur. Of zij vrienden zijn, is niet zeker. Maar dat Tony meer tijd met Alistair doorbrengt dan met zijn vrouw Cherie staat wel vast. De twee zijn leeftijdgenoten, komen uit dezelfde middenklasse, studeerden aan een universiteit en zijn zonder kruiwagens gekomen waar ze nu zijn. Bovenal zijn ze van elkaar afhankelijk.

Dat Blair de laatste jaren een paar politieke kruispunten zonder kleerscheuren kon oversteken, is te danken aan de man van wie wordt gezegd dat hij `in het hoofd van de premier' zit. De quasi-onvoorbereide rede waarmee Blair de dood van prinses Diana aankondigde en terloops het begrip the People's Princess lanceerde, was Campbells werk, tot aan de laatste quasi-snotter. Evenals het voorkomen van een regeringscrisis door vorig jaar zijn in diskrediet geraakte vertrouweling Peter Mandelson rap diens ministerstas af te nemen.

In de Londense politiek werken ze als team. Campbells harde optreden houdt Blairs zachtere imago intact, ook al doet Campbell niets zonder toestemming van de baas. Op de NAVO-werkvloer in Brussel valt mogelijk iets soortgelijks te verwachten. Blair stoeit met ideële waarden als ,,beschaving'' en ,,fatsoen'', terwijl zijn adjudant de boodschap erin ramt.