OESO voorspelt verbetering voor de landbouw

De prijzen op de wereldmarkt voor bepaalde landbouwproducten zijn op het laagste niveau sinds het begin van de jaren vijftig. Slechter kan het niet en het moet dus wel beter kunnen. Zelfs bij een ongewijzigd beleid en een traag herstel van de economische crises zullen de prijzen voor landbouwproducten tussen nu en 2004 stijgen en zal ook de handel toenemen, stelt de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) in de studie `Agricultural Outlook 1999-2004', die vanmiddag in Parijs is gepubliceerd. De oorzaak van de dramatische prijsval voor landbouwproducten ligt in het feit dat de productie de afgelopen jaren sterk is opgeschroefd als gevolg van hoge prijzen, terwijl op hetzelfde moment een aantal belangrijke markten instortten.

De wereldwijde vraag naar landbouwproducten en de hoogte van de prijzen, zullen zeker niet meer het niveau halen, dat de OESO in een eerder stadium heeft voorspeld. Zelfs als de economische groei in niet-OESO-landen een niveau bereikt dat hoger ligt dan vóór de crisis zal het bruto nationaal product en het inkomensniveau per hoofd van de bevolking in 2004 een stuk lager zijn dan wanneer er geen sprake van economische crisis zou zijn geweest.

Hoewel de vooruitzichten niet erg rooskleurig zijn, voorziet de OESO dat de handel in de 29 lidstaten (onder meer Europa, de Verenigde Staten, Canada, Australië, Japan, Zuid-Korea, Mexico en Turkije) zeker na het jaar 2000 gaat toenemen. De grootste groei in export voorziet de OESO bij vlees, vooral varkensvlees (plus 183 procent) en pluimvee (plus 63 procent). Het gaat bij die prognoses om een vergelijking met het gemiddelde in de jaren '93 tot '97. De export van volle melkpoeder, kaas en granen zullen met respectievelijk 19, 28 en 17 procent stijgen. De OESO verwacht daarentegen dat de export vanuit de lidstaten van boter, magere melkpoeder en wei in de periode tot 2004 licht zal dalen.

Volgens de OESO zal de toename van de export voor een deel het gevolg zijn van de fasegewijs doorgevoerde afspraken van de Uruquay-ronde. De Wereldhandelsorganisatie – de tegenwoordige WTO – kwam bij die gelegenheid voor het eerst overeen dat overheidssteun voor landbouwproducten moet worden afgebouwd. De organisatie wijst er op dat er grote verschillen zijn in het tempo en de aard waarin de lidstaten gevolg geven aan die afspraken. Of de OESO op dit punt de Outlook niet alsnog zou moeten bijstellen is overigens de vraag. In het rapport wordt er immers van uitgegaan dat op een belangrijke markt als die van de EU de komende jaren de prijssteun aan boeren sterk afneemt. Dat was ook het plan van de Europese Commissie, maar tijdens een EU-top vorige maand in Berlijn werden die plannen weer voor een goed deel verlaten. Ook andere ontwikkelingen kunnen van grote invloed zijn op de voorspellingen, zoals de wijze waarop consument en overheid gaan reageren op productie-methoden met genetische modificatie.