Doodstraf én vrijspraak door DNA

Een rechtbank in Oklahoma heeft gisteren op basis van DNA-onderzoek twee mannen vrijgesproken van de verkrachting van en moord op serveerster Debra Sue Winger uit 1982. Het duo werd in de jaren tachtig op basis van DNA-onderzoek tot levenslang en de doodstraf veroordeeld.

De 21-jarige serveerster werd in 1982 dood aangetroffen in haar appartement in Ada, een stadje bij Oklahoma City. Verkracht en gewurgd, haar lichaam besmeurd met ketchup en nagellak.

DNA-onderzoek van de 17 haren die bij haar lichaam werden gevonden, wees onlangs de werkelijke dader aan, een man die nota bene was opgetreden als kroongetuige in de zaak-Winger.

Hij was eerder voor ontvoering, verkrachting en zware mishandeling veroordeeld tot 44 jaar celstraf, maar kreeg strafvermindering voor zijn getuigenis.

De twee mannen die door de politie als daders waren aangewezen, leraar en coach Dennis Fritz (49) en honkbalspeler Ronald Williamson (46), werden gisteren vrijgelaten. Fritz had levenslang, Williamson de doodstraf. Op een gegeven moment was Williamson vijf dagen verwijderd van zijn executie.

Een forensisch onderzoeker wist tijdens de rechtzaak in 1988 zeker dat een deel van de 17 haren van Fritz was en een ander deel van Williamson. Elf jaar later moest diezelfde onderzoeker toegeven dat hij ernaast had gezeten.

Fritz en Williamson zijn daarmee de 61ste en 62ste gedetineerden in de Verenigde Staten die op basis van DNA-onderzoek op vrije voeten komen. Barry Scheck, de advocaat die in het proces tegen O.J. Simpson het DNA-bewijs tegen zijn cliënt bestreed, vindt de uitspraak eerder een bewijs van de ontoereikendheid van vroeger DNA-onderzoek.

Uit de veroordeling van Williamson blijkt hoe eenvoudig een onschuldige in de dodencel kan belanden. Williamson had een geschiedenis van drankmisbruik en geestelijke instabiliteit. Glen Gore, de kroongetuige, zag die avond dat Williamson de serveerster lastigviel in de Coachlight Club. Andere getuigen zagen Gore rond sluitingstijd juist zelf met Winger ruzieën en haar een duw geven.

Gedetineerde Terri Holland meldde op haar beurt dat Williamson in de gevangenis impliciet de moord had bekend. Holland, een fraudeur, voedde het openbaar ministerie wel vaker met spectaculaire bekentenissen, waarvoor ze met milde eisen werd beloond. De zaak was helemaal rond toen Williamson, die leed aan waanvoorstellingen, tegen een agent zei te hebben gedroomd dat hij Debra Sue Winger vermoordde.

Williamson kreeg bovendien een pro-deo advocaat die geen zin had in de zaak, zeker nadat Williamson tijdens een onderhoud woedend een tafel ondersteboven had gegooid. De raadsman, Ronald Ward, zei in de rechtzaal ,,niet meer tijd aan deze zaak te willen besteden dan nodig is''. Dus legde hij zich zonder morren neer bij een psychiatrisch rapport waarin Williamson geschikt werd bevonden om terecht te staan. In 1997 legde een Hof van Beroep in Oklahoma evenwel vast dat Ward zijn cliënt daarmee tekort had gedaan. Williamson kreeg een nieuw proces.

,,De klassieke bouwstenen van een onterechte veroordeling'', zei zijn nieuwe raadsman Mark Barret gisteren. ,,Onbewezen wetenschap, een verklikker, een droom en een leugenachtige ooggetuige.'' Hij vergat in deze opsomming ,,een luie advocaat''. Williamson is sinds 1970 de 78ste ter dood veroordeelde die wordt vrijgelaten.