Wraakgodin pleegt contractbreuk

`Jij gaat onze wraakgodin worden', zegt de vrouw tegen het meisje. De spanning is er meteen: alles snelt af op een ontknoping. Koos Terpstra houdt van drama dat niet draalt, dat helder is en vlot en direct. Maar de eenvoud van zijn nieuwe stuk Spaanse Ruiters bedriegt. Want de actie loopt anders dan de vrouw had voorzien en het zekere wordt onzeker.

Over moed en lafheid gaat Spaanse Ruiters, over recht en onrecht, over gekwetst zijn en kwetsen. De vijf personages denken ieder aan de goede kant te staan, aan de kant van de moedigen, de rechtvaardigen, de gekwetsten – en zodra we één van hen geloven is er alweer een ander die de boel ontkracht. Iedereen heeft gelijk en niemand heeft gelijk en zo dringt de moraal van de moralistische Terpstra zich niet aan ons op.

Harriet wil gerechtigheid voor Anna: die is, zegt zij, in een rolstoel terechtgekomen door een gewelddadige man. De man die Anna molde staat voor álle mannen en Anna staat voor álle vrouwen, zo redeneert Harriet. De straf die zij voor de man heeft bedacht dient dus een Hoger Doel. Alleen wil zij haar plan niet zelf uitvoeren. Ze huurt een jonge meid in om de man te slopen. Niet met geweld, want daar is Harriet tegen, maar door hem eerst de hemel te laten zien en dan de hel. Eerst de liefde en dan de liefdespijn: boontje komt om zijn loontje.

Het jonge meisje doet haar werk uitstekend. Behalve dat zij contractbreuk pleegt door niet alleen de man op zijn nummer te zetten maar ook haar opdrachtgeefster. Voor Eva zijn alle oude mensen zwakkelingen, beroerlingen, mislukkelingen – en dat zal zij hen laten voelen ook.

Hier de arrogantie van de jeugd, daar de rotte rijpheid van de volwassen mens. Eva gelooft alleen in zichzelf. Harriet, daarentegen, behoort tot de generatie van samen-staan-we-sterk. Zij klampt zich vast aan Anna en aan Elisabeth, haar minnares. Van hen eist zij gehoorzaamheid want anders kan de strijd niet slagen. Maar wat ook niet kan slagen, onder die dwang, is de door Harriet zo vurig gewenste liefde. Geslagen is Anna met stomheid: door de heerszucht van de man? Of door die van de vrouw Harriet? En Elisabeth: is zij met willoosheid geslagen omdat Harriet haar zo wilde hebben?

Linda van Dyck speelt die dominante Harriet net iets te enthousiast. Zo gretig reageert zij op het gelach uit de zaal dat ze overdrijft: te veel geschreeuw, te veel hilariteit. Dat een fractie meer ingetogenheid een rol juist steviger maakt bewijzen haar collega's. Kijk naar Marie Louise Stheins, een onopvallende maar overtuigend labiele Elisabeth. Kijk naar Carice van Houten, de naturel acterende maar evengoed bikkelharde jonge meid. Kijk naar Bart Klever, de getergde en tergende man. En kijk naar Oda Spelbos, die als Anna maar even met een ooglid hoeft te knipperen om ontroering te wekken - vooral in de flashbacks waarin zij jong en gezond was en smoorverliefd op de man.

De kracht van Koos Terpstra's regie is de felheid, de heftigheid, de onbeschaamde emotionaliteit. En die komt het best tot z'n recht in een evenwichtig ensemble. Een evenwicht dat de spelers van Spaanse Ruiters beslist nog kunnen bereiken.

Voorstelling: Spaanse Ruiters door De Paardenkathedraal. Tekst en regie: Koos Terpstra; decor: Bart Clement; licht: Uri Rapaport. Spel: Linda van Dyck, Carice van Houten, Bart Klever, Oda Spelbos, Marie Louise Stheins. Gezien: 16/4 theater van de Paardenkathedraal, Veeartsenijstraat 155, Utrecht. T/m 15/5 aldaar. Reserveren: (030) 271 14 14.