`Water stroomt niet vanzelf weg'

Ruim drie miljoen mensen kunnen deze en volgende week hun stem uitbrengen bij waterschapsverkiezingen in Noord- en Zuid-Holland. Het stemrecht is een recente verworvenheid. Dijkgraaf P. Zevenbergen van Delfland hoopt dat niet alleen sportvissers er gebruik van maken.

In de werkkamer van de dijkgraaf hangt een majestueuze kroonluchter. Beschilderde panelen sieren de wanden. Nog altijd ademen de stijlkamers van het hoogheemraadschap van Delfland een eeuwenoud gezag. De hoogheemraadschappen of waterschappen zijn de oudste democratische organisaties in Nederland. En de meest onbekende.

Lange tijd mochten alleen huiseigenaren en grondbezitters, zoals landbouwers, bij waterschapsverkiezingen hun stem uitbrengen. Ook dat stamde nog uit de dertiende eeuw toen de eerste waterschappen ontstonden. ,,De waterhuishouding was een zaak van gemeenschappelijk belang. Het water stroomde immers niet van zelf weg, omdat grote delen van Nederland onder de zeespiegel liggen. Belanghebbenden betaalden gezamenlijk het onderhoud van dijken en sluizen en kregen dus ook gezamenlijk zeggenschap'', zegt P. Zevenbergen, dijkgraaf van Delfland. De dijkgraaf, evenals burgemeesters aangesteld door de Kroon, is voorzitter van het dagelijks bestuur van de waterschap.

Sinds de invoering van de nieuwe Waterschapswet in 1992 mogen ook anderen hun stem uitbrengen bij de waterschapsverkiezingen. De opkomst bij die verkiezingen is doorgaans heel laag. Daarom besloten twaalf waterschappen in Zuid-Holland en een deel van Noord-Holland dit jaar voor het eerst gezamenlijke verkiezingen te houden. Deze en volgende week kunnen ruim drie miljoen kiesgerechtigden hun stem uitbrengen op bijna achthonderd kandidaten. Bovendien kunnen de kiezers voor het eerst per telefoon hun keuze maken. Op die manier hopen de waterschappen een hogere opkomst te bewerkstelligen.

De invoering van algemeen kiesrecht is kenmerkend voor de veranderingen in de waterschappen. Nog altijd zijn de waterschappen verantwoordelijk voor de regionale waterhuishouding. Maar dat is tegenwoordig breder dan de afwatering van de polders. De zorg voor de kwaliteit van het water speelt een steeds grotere rol. Dijkgraaf Zevenbergen: ,,Dat gaat veel burgers aan en niet alleen de hengelsportvissers. Zo hebben we in Den Haag samen met de gemeente een Waterplan opgesteld om de sloten en grachten schoon te maken. Daar betaalt de burger ook voor en daarom mag hij erover meepraten.''

De lage opkomst bij waterschapsverkiezingen noemt de dijkgraaf zorgelijk. ,,Kennelijk zijn we er niet in geslaagd een inhoudelijke band met de ingezetenen op te bouwen. Het wordt dus hoog tijd dat we als waterschappen uit onze historische torentjes komen. Een goede opkomst is immers van levensbelang voor elke democratische instelling.''

Zevenbergen is een voorstander van het koppelen van verkiezingen. ,,Ik heb vorig jaar in de Verenigde Staten gezien hoe bij één verkiezing tal van functionarissen ineens worden gekozen. Hier zouden we de waterschapsverkiezingen kunnen koppelen aan de verkiezingen voor de Provinciale Staten of de gemeenteraad.'' Ook denkt Zevenbergen dat de herkenbaarheid van de kandidaten groter wordt als ze zich namens een organisatie of partij verkiesbaar zouden stellen. ,,Sommigen hebben bezwaar tegen meer politiek in de waterschappen. Ik weet niet of je daar bang voor moet zijn. Als een kandidaat aangeeft dat hij tot een bepaalde politieke partij behoort, dan is dat een kenmerk waarmee hij zich kan profileren'', zegt Zevenbergen.

Volgens de dijkgraaf hebben de waterschappen allerminst hun bestaansrecht verloren. Regelmatig gaan stemmen op om de taken van de waterschappen onder te brengen bij de provincies. In de jaren zestig is die mogelijkheid zelfs in opdracht van het rijk door verschillende commissies onderzocht. Maar het afschaffen van de waterschappen zou volgens Zevenbergen een vergissing zijn met mogelijk catastrofale gevolgen. ,,Het waterschap is alleen verantwoordelijk voor het waterbeheer. Daarom vindt er nimmer een afweging plaats tussen het onderhoud van de waterkeringen en bijvoorbeeld een subsidie voor de regionale televisie. Dat is van eminent belang, want het verwaarlozen van de waterhuishouding kan leiden tot een gigantische economische schade, nog afgezien van de risico's voor de persoonlijke veiligheid van de burgers'', zegt Zevenbergen, die binnenkort afscheid neemt van het hoogheemraadschap om lid te worden van de Algemene Rekenkamer.

Het bieden van veiligheid is volgens de dijkgraaf het ,,basisproduct'' van de waterschappen. Afgelopen najaar bleek opnieuw dat de natuur zich niet laat dwingen in de menselijke maat. Een uitzonderlijke hoeveelheid neerslag leidde in september en oktober tot grote wateroverlast in verschillende delen van Nederland. Een commissie van de Unie van Waterschappen onderzoekt nu onder leiding van Zevenbergen welke verbeteringen nodig zijn om zulke overlast te voorkomen.

Duidelijk is dat de waterschappen ruimte nodig hebben om het overtollige water vast te houden, zodat het niet allemaal ineens bij de gemalen komt. Maar het reserveren van gebieden voor waterberging staat vaak op gespannen voet met de wensen van gemeenten die ruimte nodig hebben voor woningbouw en bedrijventerreinen. Dat geldt zeker voor Delfland, het dichtst bebouwde en -bevolkte waterschap van Nederland. ,,We zullen in de toekomst absoluut harder moeten knokken met gemeenten over de inrichting van gebieden. Nu kunnen waterschappen alleen nog formeel bezwaar aantekenen tegen de bouwplannen van een gemeente. Maar dat komt de samenwerking vaak niet ten goede. De staatssecretaris heeft al aangegeven daarin verandering te willen brengen. Ik heb goede hoop, want het kabinet heeft na de miljardenschade van afgelopen najaar laten weten dat het een herhaling koste wat kost wil voorkomen.''