The Cranberries zijn weer terug, zonder irritante jodel

Bijna ongemerkt groeiden de Ierse Cranberries in de eerste helft van de jaren '90 uit tot een van de populairste popgroepen ter wereld. Van hun tweede cd No Need To Argue met de hit Zombie werden meer dan vijftien miljoen exemplaren verkocht en zangeres Dolores O'Riordan verwierf zich een plaats in de top vijf van rijkste vrouwen van Groot-Brittannië. Het voorlaatste album To The Faithful Departed uit 1996 dreigde roet in het eten te gooien, want de populariteit daalde en de groepsleden klaagden over de stress van het popsterrenbestaan.

Nog juist voordat ze konden opduiken in de rubriek `Where are they now?', waarin muziekbladen de gangen van vergeten artiesten nagaan, zijn The Cranberries terug. De nieuwe cd Bury The Hatchet bevat de beste muziek die het viertal in het tienjarig bestaan maakte.

O'Riordan zingt niet langer met de door merg en been snijdende jodel die de eerdere hits even herkenbaar als irritant maakten. Met haar vampachtige blonde kapsel bewaart ze het perfecte evenwicht tussen de onbevangenheid van een bij toeval in de popmuziek verzeild geraakte huisvrouw en de stoere pose van een rock chick à la Chrissie Hynde van The Pretenders.

De cd komt pas deze week uit, maar kennelijk hadden de fans vertrouwen genoeg in de groep om het Tilburgse 013 binnen een uur uit te verkopen. Tekenend voor het zelfvertrouwen van de herrezen Cranberries was dat ze gisteren openden met drie nieuwe nummers, beginnend met de sterke popsingle Promises waarbij Dolores O'Riordan een stevige partij rockgitaar speelde.

Omdat er ook flink wat oud materiaal gespeeld werd, leek het in de loop van de avond of er drie verschillende bands op het podium stonden: de zweverige new age-folkgroep die vooral bij sommige langgerekte intro's in The Cranberries schuilt, de melodieuze hitparadepopgroep die ze op hun meest toegankelijke momenten zijn en de rockgroep die de veelvuldig met haar billen naar het publiek draaiende Dolores O'Riordan graag wil aanvoeren, als ze haar wat suffe begeleiders kan meekrijgen.

Na een veelbelovend begin zakte de sfeer bij het lijzige Ode to my family in en vielen O'Riordans rock & roll-pretenties door de mand bij Daffodil lament, een gelukzalig lied over de schoonheid van narcissen. Toen in Waltzing (een wals, zoals er voor de zekerheid bij werd verteld) ook haar snerpende jodel weer van stal werd gehaald, werd duidelijk dat The Cranberries nog niet geheel met het verleden hebben afgerekend.

De reactie van het publiek bleef opvallend lauw en het zag er zelfs even naar uit dat de groep niet terug zou komen voor een toegift. Pas na minutenlang wachten werd het beleefde applaus beloond met het flemerige Pretty the way you are, opgedragen aan `alle vrouwen van de wereld'. Als liefhebber van onversneden rock'n'roll voelde ik me op dat moment niet meer zo bij het concert betrokken.

Concert: The Cranberries. Gehoord: 18/4 013, Tilburg.