Goudsmid in voetbalzaken

Vijftien jaar geleden was voetbalclub Vitesse uit Arnhem bijna failliet; de wedstrijden in stadion Monnikenhuize trokken nog geen duizend toeschouwers. Nu speelt Vitesse in het Gelredome en maakt kans op deelname aan de Champions League. Grote man achter het succes is zakenman-voorzitter Karel Aalbers.

`Gefeliciteerd, je bent nu een onderdeel geworden van de Vitesse-familie.'' Voorzitter Karel Aalbers (49) presenteert hoogstpersoonlijk de nieuwste aanwinst van Vitesse, Viktor Sikora, aan de pers. ,,Mooi ventje, goed karakter,'' oordeelt Aalbers. Trainer Herbert Neumann is niet bij de persconferentie aanwezig. ,,Hoeft ook niet,'' zegt Aalbers. ,,De speler komt bij de club niet bij de trainer. Trainers zijn passanten.''

In 1985 treedt de toen 35-jarige Aalbers aan als voorzitter van de noodlijdende Arnhemse voetbalclub. De `club van adel', in 1892 opgericht door de familie Van Pallandt, bungelt op dat moment aan de staart van de eerste divisie en speelt in het zwaar verouderde Monnikenhuize. Er is al surseance van betaling aangevraagd, maar de goudsmid uit Velp heeft grootse plannen met zijn jeugdliefde. Niet gehinderd door enige bescheidenheid kondigt hij aan dat er een multifunctioneel stadion zal verrijzen en dat Vitesse een topclub wordt.

In de voetbalwereld wordt de katholieke middenstander niet serieus genomen. De bouw van het stadion loopt voortdurend vertraging op en zelfs binnen Vitesse begint men het nieuwe stadion te zien als een running gag. Voormalig voetballer René Eijer vergeet zijn eerste trainingsdag in 1990 bij Vitesse nooit. ,,Aalbers riep dat we over twee jaar in een nieuw groot stadion zouden spelen. De materiaalman kwam na die training met een krant uit 1988 aanzetten. Daarin stond dat dat stadion in 1990 zou worden geopend. Daarna heeft Aalbers de spelersgroep nog wel drie keer op gebak getrakteerd, waarbij hij steeds aangekondigde: `Het is er nu door, mijne heren, dat stadion staat er snel'. Maar telkens lag er weer een of andere commissie dwars. Uiteindelijk heeft-ie het wel geflikt.''

Inmiddels speelt Vitesse al meer dan een jaar in het Gelredome (bouwkosten 160 miljoen gulden), met zijn schuifdak en zijn uitrijdbare grasmat. Morgen zijn alle 30.000 plaatsen bezet bij de topwedstrijd tussen Vitesse en PSV. Winnen de Arnhemmers, dan is de plaatsing voor de lucratieve Champions League zo goed als zeker.

Aalbers is altijd in het stadion blijven geloven. De opening is voor hem de voltooiing van een levenswerk. ,,Natuurlijk dacht ik bij mezelf weleens of het allemaal zou gaan lukken. Je hoort steeds roepen `je bent Ajax niet' en `Arnhem is geen Amsterdam'. Maar juist als ze zeggen dat iets niet kan, ben ik op mijn best. Ik weet nog dat ik als goudsmid werkte en mijn moeder de werkplaats binnenkwam met een gouden armband die geen enkele juwelier had kunnen repareren. Geef maar, zei ik. Ik ging net zo lang aan de slag totdat dat ding hersteld was. Als dat dan lukt, geeft dat een machtig gevoel.''

Hans Aalbers, tien jaar jonger dan Karel, kent de gedrevenheid van zijn broer als geen ander. ,,Karel is ontzettend prestatiegericht. Zijn hele leven al. Vroeger zeilden we weleens samen wedstrijdjes in een platbodem. Een keer sloeg een vriend in de boot met zijn arm door een ruit. Die jongen zat vreselijk onder het bloed en ging als een dolle tekeer. Karel zei toen: `Niet praten, maar zeilen. Je doet er maar een theedoek omheen, want we moeten eerst de wedstrijd afmaken'. Ook ging bij ons altijd de protestvlag in top, omdat Karel het weer ergens niet mee eens was. Dan ging hij net zolang met de wedstrijdcommissie staan ouwewijven totdat ze zeiden: `Oké meneer u heeft gelijk'. Zo is Karel, maar hij krijgt daarmee wel alles voor elkaar. Hij wilde de grootste juwelierszaak van Oost-Nederland, die kwam er. Hij wilde het Gelredome, dat kwam er. En als hij zegt dat Vitesse kampioen van Nederland wordt, dan gebeurt dat ook,'' zegt Hans Aalbers.

De workaholic Karel Aalbers wordt geboren in het Gelderse Velp als oudste zoon van een juweliersfamilie. Na de lagere school volgt hij het Uitgebreid Lager Onderwijs (ULO) en rondt de MTS in Schoonhoven af als goudsmid. Vervolgens studeert hij in Zwitserland een jaar Diamant-marketing. ,,Daar heb ik eigenlijk echt het marketingvak geleerd,'' zegt hij zelf. Hij begint zijn loopbaan bij de juwelierszaak van zijn ouders in 1980. Vier jaar later neemt hij de zaak over. Nadat hij het bedrijf fors heeft uitgebreid, verlegt hij zijn zakelijke horizon. Hij ziet meer brood in de handelswereld en doet `Aalbers Juweliers' over aan zijn broer Hans. Aalbers heeft inmiddels bekendheid gekregen wanneer hij in 1985 Vitesse-voorzitter wordt.

De tachtiger Ben van Gelder, ex-manager van PSV, gaf Aalbers op diens verzoek in dat jaar enkele tips. ,,PSV was een beetje zijn voorbeeld. Ik heb hem uitgelegd hoe de structuur van PSV in elkaar zat. En wat voor soort mensen je nodig hebt voor al die functies. Vitesse is groot geworden dankzij Aalbers, de huidige topclub is zijn idee geweest. Qua structuur lijkt Vitesse voor zover ik weet op PSV, maar er is één groot verschil: achter PSV staat een multinational, achter Vitesse niet. Dat is gevaarlijk. Ik zeg niet dat het afgelopen is met Vitesse als Aalbers om wat dan ook zou wegvallen, maar het zou wel een stevige aderlating zijn. Vitesse is het speeltje geworden van Aalbers. Hij is er enorm bij betrokken. Als voorzitter gaat hij zó ver, dat hij op de spelersbank plaats neemt. Dat zou bij PSV niet gebeuren.''

Als voorzitter van Vitesse wordt Aalbers in 1987 gevraagd door het Russische ministerie van Sport om in het instituut voor documentaires en films in Moskou een redevoering te houden. Als hij een westers bedrijf vindt dat het instituut wil sponsoren, gaat het IJzeren Gordijn voor hem open. Enige tijd later wordt Aalbers opnieuw uitgenodigd. Nu door het ministerie van Zware Industrie. Toevalligerwijs ontmoet hij coming man Boris Jeltsin, destijds hoge ambtenaar. ,,We raakten aan de praat en het klikte tussen ons. Ik zag grote mogelijkheden in de Russische markt en Jeltsin had hele goede contacten. Destijds ging ik bijna om de twee weken koffie drinken op het kantoor van Jeltsin.''

Aalbers begint een internationale handelsonderneming, de Aalbers Europe Consultancy (AEC). AEC richt zich op het oude Oostblok, waar de commercie nog niet welig tiert. Uiteindelijk groeit het uit tot een miljoenenbedrijf met het hoofdkantoor in Limassol op Cyprus en vestigingen in onder meer Arnhem, Hongkong, Praag, Havana, New Jersey, Moskou en Tasjkent (Oezbekistan). De ene keer treedt Aalbers op als tussenpersoon, de andere keer als marktkoopman. De omzet bedraagt tientallen miljoenen guldens. De strategie: weinig uitgeven, veel verdienen. ,,We deden in internationale handel. We bouwden televisiestudio's in Rusland, handelden in drank, in landbouwproducten. Maar we vertegenwoordigden ook bedrijven als KPN en Akzo.''

De contacten in Oezbekistan legt hij wanneer het ministerie van Sociale Zaken aldaar problemen heeft met het regelen van rolstoelen voor gehandicapten. Aalbers wordt door zijn Russische vrienden te hulp gevraagd. ,,Ik heb toen driehonderd rolstoelen weten te regelen. Je legt wat contacten en die bouw je dan verder uit.'' Oezbekistan verzoekt Aalbers vervolgens honorair-consul in Nederland te worden. In die rol regelt hij in 1993 het bezoek van president Islam Karimov aan koningin Beatrix. Op zijn beurt gaat Aalbers met Vitesse enige malen naar Tasjkent voor trainingskampen.

Vitesse-speler René Eijer, in 1993 jeugdtrainer geworden nadat hij wegens multiple sclerose was afgekeurd voor betaald voetbal, mag in 1994 de hoofdselectie begeleiden naar Oezbekistan. ,,Aalbers was daar zeer invloedrijk. Ik herinner me dat hij een toespraak hield in het Russisch en dat hij daarvoor een staande ovatie kreeg. Op een gegeven moment kwamen er vier kerels op me af die aan de KGB deden denken. Ze namen me mee naar de sintelbaan waar ik, een zo onfortuinlijke, door ziekte getroffen Vitesse-speler, zo maar ereburger werd gemaakt van Oezbekistan. Ik kreeg een cape en een hoed van de streek, een servies. Uiteraard zat die Aalbers achter dat alles.''

Als Aalbers in 1995 zijn aandelen in AEC verkoopt, stort hij zich volledig op Vitesse. De eigengereide (betaalde) voorzitter Aalbers staat niet bekend als een democraat. Hij trekt het liefst aan alle touwtjes en wie niet in de pas loopt kan beter vertrekken. Vanaf 1984 versleet Vitesse maar liefst twaalf trainers.

Onder anderen trainer Ronald Spelbos, die in 1995/1996 wordt aangesteld als de man die Vitesse omhoog moet brengen, wordt geslachtofferd. Spelbos is al benoemd voordat de toenmalige trainer Herbert Neumann weet dat hij het veld moet ruimen. Spelbos staat na een paar maanden weer op straat als de resultaten uitblijven en de supporters zijn hoofd eisen. Spelbos: ,,Aalbers is een man die ten koste van alles zijn doel wil bereiken. Hij kiest altijd voor de club, zijn club. Hij wil op de voorgrond staan. Dat maakt het werken voor een trainer lastig. Toen het minder ging nam Aalbers mij niet in bescherming, maar kon ik vertrekken.'' Spelbos merkt dat Aalbers het niet echt op prijs stelt als mensen er afwijkende sterke meningen op nahouden. ,,Die mensen hebben een probleem met Aalbers.''

Dat merkt ook de weggestuurde Henk ten Cate, die Vitesse in 1998 naar de derde plaats leidt. Ten Cate herinnert zich dat hij op een zaterdagmorgen bij voorzitter Aalbers moet komen. `We gaan niet met je verder', zei Aalbers, weet Ten Cate nog. ,,Ik moest lachen om het woord we. Want Aalbers is alléén de baas, hij trekt bij de club aan alle touwtjes. Vitesse is een feodale organisatie.'' Het klikt niet tussen Ten Cate – hij zegt van zichzelf eigenzinnig te zijn – en Aalbers, maar de coach was graag bij de club gebleven.

Aalbers, zeggen critici, kan niet velen dat anderen méér in de schijnwerpers komen dan hij. Hìj moet in beeld. Dat bleek, bijvoorbeeld, vorig jaar tijdens de Europa-Cupwedstrijd tegen Bordeaux. Wanneer de elftallen het veld betreden, staat Aalbers bij de spelerstunnel, in de rust neemt hij op de spelersbank plaats – dat is onder Ten Cate nooit gebeurd – en na afloop volgt Aalbers de persconferentie. Daarna leest hij stiekem het verslag dat een verslaggever van het Algemeen Dagblad op zijn laptop zit te componeren.

Aalbers vindt zelf niet dat hij zich te veel op de voorgrond dringt. ,,Ik ben verantwoordelijk en die verantwoordelijkheid moet ik dan ook op mij nemen. Na afloop ga ik altijd naar de kleedkamer. Ik zeg niets, maar ik kijk wat er zich afspeelt. Wie is blij? Wie is teleurgesteld? Wie past er bij ons? Je moet voelen en proeven wat er leeft onder de spelers. Dat soort ervaringen gebruik ik dan weer bij contractbesprekingen.''

Zo haalt Aalbers in 1990 op eigen gezag de Russische talenten Valery Massalitin en Sergei Krutov binnen. Ze worden ondergebracht bij mevrouw X. Kopatsch (78), die in Arnhem kerkvoogd is van de Russisch Orthodoxe kerk. Kopatsch geeft de spelers een kamer in de kerk, kookt eten voor ze, wast hun kleren, treedt als tolk op en rijdt de spelers in haar auto rond. Vitesse vergoedt de kosten. ,,Meneer Aalbers was heel gul. Ik kreeg een wasdroger voor de kleren van Massalitin en Krutov. Die machine mochten we ook voor de kerk gebruiken. Voor mij is Aalbers een grand seigneur,'' zegt Kopatsch. De Russen komen overigens niet of nauwelijks aan spelen toe.

Hetzelfde lot treft Aalbers zelf ook in zijn jeugdjaren. Vader Theo Aalbers, die zelf als keeper met zijn hoofd tegen een paal sloeg en daar blijvende migraine aan overhield, verbiedt Kareltje te gaan voetballen. Maar daarmee is de liefde voor het spelletje niet over. Als voorzitter van Vitesse krijgt hij in de voetbalwereld toch een vooraanstaande rol. Net als de spelers wordt hij nu en dan getackeld, vanaf de tribunes. Zoals vrijdagavond, bij Vitesse-Heerenveen. Naar aanleiding van de gedetailleerd voorbereide arrestatie van 134 Arnhemse supporters de week ervoor, mensen die zich slechts te lang op het plein voor het stadion ophielden, hangt de Zuidzijde van het Gelredome vol met spandoeken. Mensen maken Vitesse, maar dit kun je niet maken, staat er te lezen.