`In de Roxy kom je ook kunst tegen'

Het Groninger Museum verraste deze week met de benoeming van Kees van Twist tot nieuwe directeur. ,,We willen risico's nemen, trendsettend zijn, maar we moeten er ook voor zorgen dat het Groninger geen sensatie-museum wordt.''

Helemaal vreemd aan de beeldende kunst is hij niet, zo leert een korte rondgang door de Amsterdamse woning van Kees van Twist (46). In de keuken hangen prenten van Hans Landsaat en Armando, in de woonkamer prenten van onder anderen Zoltin Peter, opnieuw Armando en zelfs een schilderij van Anton Mauve (1838-1888). Daarmee lijkt het idee ontkracht dat er met Van Twist per 1 augustus een volstrekte leek als directeur van het Groninger Museum is aangesteld, al doet hij daar zelf tamelijk ongegeneerd over. ,,Heerlijk!'' zegt hij enthousiast. ,,Ik ben weer begonnen met studeren! Ik werk op dit moment de hele Janson (een basis-overzicht van de kunstgeschiedenis – HdHJ) door en lees de artikelen die de conservatoren over het museum hebben geschreven. Op dit moment heb ik nog nauwelijks een beeld van de collectie terwijl dat toch een eerste vereiste is om goed te kunnen functioneren. Gelukkig heb ik nog een paar maanden.'' Niet dat Van Twist de pretentie heeft dat er daarna een kunsthistorisch zwaargewicht aan het hoofd van het Groninger Museum komt te staan. ,,Dat is ook nooit de bedoeling geweest. Ik heb tegen de sollicitatiecommisie gezegd: als jullie een gedegen kunsthistoricus zoeken moet je een ander nemen. Mijn kracht ligt ergens anders: ik zie snel het belang van dingen in, ik kan mensen stimuleren en scherp krijgen. Ik had deze baan ook nooit genomen als ik niet de instemming van de conservatoren had gehad.''

Voordat hij in zijn nieuwe functie werd benoemd was Van Twist hoofd Cultuur en Amusement bij de Avro. In die hoedanigheid was hij verantwoordelijk voor programma's als Nederland-Museumland, het Prinsengrachtconcert en het radioprogramma Opium. Een maand geleden vertrok hij, wat leidde tot onrust onder het Avro-personeel, dat bang was voor structurele veranderingen in het beleid. ,,Daar zat ook het probleem'', zegt Van Twist nu. ,,Binnen de leiding van de Avro was er een conflict over de wijze waarop de Avro geleid moest worden. De directie vond dat er een meer hiërarchische structuur moest komen, waarbij de directie besluiten aan het personeel dicteert. Ik was er juist een voorstander van om het middenkader meer bij het beleid te betrekken. Ik geloof dat mensen dan veel grotere hoogten bereiken dan wanneer je ze oplegt wat ze moeten doen. Toen bleek dat die twee stijlen van leidinggeven niet langer te verenigen waren ben ik vertrokken.'' De suggestie dat hij hoger van de toren kon blazen omdat hij al wist dat hij naar Groningen zou vertrekken wijst Van Twist resoluut van de hand. ,,Geen sprake van. Ik wist toen nog helemaal niet dat ik het zou worden. Op dat moment waren er nog meer kandidaten in de race.''

Met de keuze voor Van Twist heeft het Groninger Museum er duidelijk voor gekozen het beleid van Frans Haks voort te zetten, maar dan zonder dominante directeur. ,,Ik geloof ook helemaal niet in de ambachtelijke, solistische museumdirecteur'', zegt Van Twist. ,,Het is niet meer van deze tijd om een museum over te leveren aan de grillen en de willekeur van één persoon. Maar dat betekent niet dat ik het museum wil besturen als een manager, die de conservatoren bijna volledig de vrije hand geeft. Ik wil veel overleggen met mijn conservatoren, moet dat ook wel, maar ik blijf wel degelijk inhoudelijk verantwoordelijk.''

Voorlopig gaat Van Twist niet veel aan het beleid veranderen. Hij wil het Groninger graag handhaven als museum waar de nieuwste ontwikkelingen in de beeldende kunst worden getoond, zelfs als die nog niet zijn uitgekristalliseerd. Van Twist: ,,In dat opzicht past het Groninger Museum uitstekend bij mij. Ik hou van trends. Ik ga graag uit, kom met enige regelmaat in de Roxy, al is dat ook niet meer wat het geweest is. Daar kom je ook de kunst tegen waarmee het Groninger Museum de afgelopen jaren een eigen plek heeft verworven – multi-media kunst, modeshows, videokunst. Door het Groninger Museum weet iedereen in Nederland ook wie Andres Serrano is, of Micha Klein. Dergelijke spraakmakende tentoonstellingen zou ik ook minstens één keer per jaar willen maken, tentoonstellingen waarvoor ook het publiek uit het westen naar Groningen móét.''

Van Twist is zich ervan bewust dat het Groninger Museum het voor grote bezoekersaantallen volledig van tentoonstellingen als die van Klein of Serrano moet hebben en dat daarmee effectbejag op de loer ligt. ,,Maar ik weet dat de conservatoren zich daar zeer van bewust zijn'', zegt Van Twist. ,,Het blijft een delicate balans. We willen risico's nemen, trendsettend zijn, maar we moeten er ook voor zorgen dat het Groninger geen sensatie-museum wordt.

,,Daar komt bij dat ik vind dat dit museum er niet alleen voor hedendaagse kunst is. Het gaat hier ook over kunstnijverheid, over mode en archeologie. Bovendien vind ik dat we ons meer op ons achterland moet richten. Slechts dertig procent van de bezoekers is nu afkomstig uit Groningen en omgeving. Dat moet omhoog. Het museum moet onderdeel worden van het dagelijks leven van de Groningers. Daarom zou er altijd een zaaltje ingericht moeten zijn met bijvoorbeeld de Groninger kunststroming De Ploeg, als een ijkpunt, waarvan iedereen weet dat ze er altijd voor kunnen binnenlopen.''

In het kader van die veranderingen is voor Van Twist zelfs de inrichting van het Mendini-gebouw niet heilig. ,,Ook een markant gebouw als dit is niet voor de eeuwigheid. Het is me bijvoorbeeld opgevallen dat wanneer je die monumentale ingangstrap afdaalt je daarna bijna automatisch linksaf gaat, naar de moderne kunst. Dat hebben meer mensen, en misschien moet er wel iets veranderen in de indeling. Niet dat ik de Starck-vleugel meteen wil omgooien, maar er moet zeker gewisseld kunnen worden.''

Voorlopig gaat Van Twist zich eerst inlezen en werken aan zijn beleidsplan, dat klaar moet zijn in januari. Opmerkelijk is wel dat hij bij die werkzaamheden meteen geconfronteerd wordt met Frans Haks, die door de vorige directie is gevraagd om rond de herfst als gastconservator in `zijn' museum op te treden. Is Van Twist niet bang tot in lengte der dagen met zijn voorganger te worden geconfronteerd? Van Twist: ,,Nee hoor, ik verheug me juist op zo'n ontmoeting. Ik heb hem gesproken en dat was al inspirerend. Bovendien: ik ben geen Frans Haks, wil dat ook niet zijn. Zo vaak zie ik hem nu ook weer niet in de Roxy.''