Gelegenheid tot netwerken

Onder Nederlandse intellectuelen is het netwerken enorm populair. Ik ben er sceptisch over. Het was pas na mijn aankomst in Nederland dat ik het voor het eerst hoorde. Het was ongeveer tien jaar geleden. Er werd toen in Amsterdam een driedaagse Europese beurs georganiseerd. Voor mij was het een luxe om die ervaring mee te kunnen maken. Alle Europese politieke en sociale organisaties en groeperingen onder één dak.

Op de beurs was het steeds zeer druk. Daardoor kon je overdag nauwelijks langs de stands. Ik wist wel dat de enige geschikte tijd om een rondje te kunnen maken was tussen zes en zeven uur 's avonds. Het tijdstip waarop alle Nederlanders gaan eten.

Eerlijk gezegd denk ik dat er in Nederland nooit iets belangrijks zal gebeuren rond zes uur 's avonds. Ze leggen alles neer voor het warme avondeten. Het maakte niet uit dat zij hun stands achterlieten, of zich middenin een vurige discussie bevonden. Ze moesten om zes uur weg. Dus iedereen verliet de zaal, behalve de gasten uit de andere Europese landen en ik als de nieuwkomer.

,,Ga je niet eten?'' vroeg de toen enige Nederlandse kennis van mij in het Engels.

,,Nu al?'' antwoordde ik hem vragend.

,,Oh, ja, je blijft hier zeker om te netwerken'', gilde hij terwijl hij de zaal aan het verlaten was.

Ik wist niet waar hij het over had. Maar in ieder geval was het toen de eerste keer dat ik de term netwerken tegenkwam. Ik dacht: er zal waarschijnlijk een verband zijn tussen warm eten en netwerken. Maar nee, dat bleek achteraf niet zo te zijn. Langzamerhand begrijp ik het ongeveer: netwerken is eigenlijk een duur, modern woord met een zakelijke lading voor contact opnemen. Het verschil tussen een netwerk en bijvoorbeeld een gouden gids kan zijn, dat er een gezicht achter het netwerk is. Meer niet. Sindsdien heb ik mijn nieuwe ontdekking in mijn geheugen opgeslagen.

Laatst woonde ik een discussiebijeenkomst bij. Zulke programma's hebben een vast publiek. Daarom ken ik – zelfs ik als een nieuwkomer, die een derde van haar leven in Nederland heeft doorgebracht – ze allemaal min of meer.

Het was na afloop van een van die avonden dat er gezegd werd dat er een gelegenheid bestond in de zaal daarnaast te netwerken. Ik ging ook mee. Niet om te netwerken, maar om mijn oude netwerk te versterken. Ik zat met een paar vriendinnen te kletsen. Enkele minuten later kwam een vriend van mij met een dame, die ik een paar keer gezien en gesproken had, naast ons staan.

,,Ik zal me voorstellen'', zei de dame tegen mij.

,,We hebben elkaar al eens ontmoet'', zei ik op beleefde toon en met een glimlach.

Blijkbaar had ze niet gehoord wat ik zei. Daarom stelde zij zich gewoon nogmaals voor. Ik gaf verdere discussie op en volgde de routine. Want het was niet de eerste maal dat ik me voor de zoveelste keer moest voorstellen. Uit ervaring weet ik dat het geen zin heeft haar eraan te herinneren dat we de vorige keer gedurende anderhalf uur een discussie hadden over de eigenschappen van mijn landgenoten: de Iraniërs. Nou ja, daar gaan we weer, dacht ik. Ik gaf een hand, en met een teleurgestelde glimlach presenteerde ik mijzelf voor de derde keer aan haar.

,,Wat een moeilijke naam, waar kom je vandaan'', vroeg zij mij.

,,Iran.''

,,Momenteel is het heel erg daar in Irak, hè?'' vroeg zij mij met een zielige blik.

,,Ja, ja. Het is heel erg. Niet alleen in Irak, maar ook in Iran, waar ik vandaan kom.'' Ik doe nog een poging om het beschadigde gesprek te repareren.

,,Gelukkig ben jij hier, hè? Dat is toch mooi!'' Ze probeert mij gerust te stellen. Na een paar minuten van stilte pakt ze haar tas, zwaait en loopt weg. Onderweg zegt ze nog: ,,Tot de volgende keer.''

,,Tot de volgende keer'', herhaal ik op cynische toon.

Nou ja, waarom ook niet. De volgende keer ga ik me weer voorstellen. Of juist niet. Alles heeft een mate, zelfs beleefdheid. Waarom laat ik niet mijn rebellerende kant aan het woord. Dan zal ik zeggen dat het geen zin heeft nieuw contact te zoeken als er geen belangstelling voor is. Dan zal ik zeggen dat het beter is om een gouden gids te pakken in plaats van het zogenoemde netwerken. Dan zal ik tegen haar zeggen wat ooit mijn moeder tegen mijn trotse broer zei: ,,Contact opnemen is heel makkelijk, wat moeilijk is, is het onderhouden van het contact.''

Terwijl zij trots is op haar uitgebreide netwerk, wacht ik geduldig op de volgende keer.