Gehandicapte in psychische problemen

Meer dan de helft van de matig en ernstig verstandelijk gehandicapte kinderen die in Amsterdam onderwijs volgen kampt met psychische en psychiatrische problemen die diagnose en behandeling vereisen.

Dat blijkt uit onderzoek van het Paedologisch Instituut (PI) in Amsterdam. Het onderzoek is deze week in besloten kring op het PI besproken.

Kinder- en jeugdpsychiater Harry van Leeuwen, directeur behandelzaken van het PI, noemt de uitkomsten van het onderzoek ,,schrikbarend''. In Amsterdam ontbreekt het volgens hem goeddeels aan psychische en psychiatrische hulp voor deze groep kwetsbare kinderen. ,,Er is een enorme discrepantie tussen de grote omvang van de problematiek en de minimale hulp die geboden wordt.''

Minister Borst (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) stelt deze week in een brief aan de Tweede Kamer 1,2 miljoen gulden beschikbaar om een begin te maken met verbetering van de behandeling van licht verstandelijk gehandicapte kinderen met psychische stoornissen, een categorie die tot nog toe in de gezondheidszorg veelal tussen wal en schip valt.

De vereniging geestelijke gezondheidszorg Nederland (GGZ) en de vereniging gehandicaptenzorg Nederland (VGN) hadden Borst voorgesteld voor 50 tot 70 miljoen gulden circa tien multi functionele diagnose en behandelcentra (300 plaatsen) te creëren voor deze categorie kinderen. Van Leeuwen noemt de 1,2 miljoen die Borst nu uittrekt ,,een druppel op de gloeiende plaat.''

Het PI vindt dat er ook meer psychiatrische zorg moet komen voor matig en ernstig verstandelijk gehandicapte kinderen. Het PI baseert zich daarbij op eigen onderzoek onder Amsterdamse scholieren van ZMLK-scholen (zeer moeilijk lerende kinderen).

Het PI heeft alle 550 kinderen onderzocht die in Amsterdam ZMLK-onderwijs volgen. Zestig procent van hen blijkt dusdanige gedragsproblemen te hebben ,,dat verdere aandacht gewettigd is''. Bij normale kinderen ligt dat percentage volgens Van Leeuwen op 7 tot tot 14 procent. Bijna 20 procent van de onderzochte kinderen heeft hele ernstige, aan autisme grenzende psychiatrische (zogenoemd pervasieve) ontwikkelingsstoornissen.

ZMLK-kinderen hebben een IQ van tussen de 20 en 55. Omdat in Amsterdam en omstreken nauwelijks of geen behandelingsmogelijkheden zijn voor hun psychiatrische klachten, vormen ze een zware belasting voor de ouders en verzorgers, aldus Van Leeuwen. Hij ziet in deze categorie kinderen een nieuwe doelgroep voor de psychiatrie.