Ongefilterde oorlog

Het is oorlog. Spaanse Burgeroorlog, 1936-1939. Een achtjarig meisje woont samen met haar rouwende moeder en oma in een Spaanse provinciestad. De vader van het meisje is gefusilleerd. Als ook oma doodgaat, zijn moeder en dochter op elkaar aangewezen.

In Vrouwen in het zwart geeft de Spaanse Josefina Aldecoa vanuit het perspectief van dit opgroeiende meisje de dreiging weer van de oorlog die het land van binnenuit verdeelde. Linkse antiklerikale Republikeinen stonden tegenover rechtse fascistoïde nationalisten. Deze laatsten waren de overwinnaars, aangevoerd door Franco, die een jarenlange dictatuur vestigde. Veel intellectuelen, onder wie de moeder van het meisje in dit boek, weken uit naar Mexico.

De hoofdpersoon in het boek is een eenzaam meisje dat er net als ieder kind gewoon bij wil horen. Maar dat is niet eenvoudig in een omgeving waar mensen als zij en haar moeder steeds meer tot `de overwonnenen' gaan horen. In hun flatgebouw hangt iedereen, behalve haar moeder, de vlag van de monarchie uit als er weer een overwinning op de Republikeinen is behaald. Deze uitzonderingspositie maakt haar bang.

Ook heeft ze er moeite mee dat zij altijd voor het eind van de film de bioscoop uit moeten sluipen om er geen getuige van te hoeven zijn dat de fascistengroet wordt gebracht. En als een buurmeisje haar meeneemt naar de kerk, durft ze niet te zeggen dat ze nooit biecht, zodat ze uiteindelijk vol schuldgevoel jegens haar antikerkelijke vader in de biechtstoel belandt. Ook verraadt ze onbedoeld haar enige vriendinnetje uit een gelijkgestemd gezin, door te vertellen dat ze daar een kerstboom thuis hebben staan. Dat blijkt iets voor `foute Spanjaarden' te zijn. Weer wat geleerd: je kunt beter overal over zwijgen.

Josefina Aldecoa werd in 1926 geboren en was zelf een jong meisje toen de oorlog uitbrak. Dit boek is het tweede en tevens meest autobiografische deel van een trilogie, waaraan zij de afgelopen jaren heeft gewerkt. In het eerste deel, Geschiedenis van een schooljuffrouw, staat het leven van haar moeder centraal, net als in La fuerza del destino, dat nog in Nederlandse vertaling moet verschijnen. De trilogie geeft via de persoonlijke herinneringen van deze vrouwen een beeld van de niet al te vrolijk stemmende Spaanse geschiedenis van deze eeuw, waarop Franco een belangrijk stempel heeft gezet.

Sommige herinneringen zijn vervaagd of verbrokkeld, maar de gevoelens van het meisje in Vrouwen in het zwart zijn authentiek en zeer navoelbaar. Zij is, zeker in het eerste deel van het boek, nog zo jong dat alle indrukken direct en ongefilterd bij haar binnenkomen. Wat voor haar zo beangstigend gewoon is, legt voor de lezer de gekte van de oorlog bloot. Het boek is sfeervol en van een grote intimiteit. De heftigheid van de emoties wordt gedempt door de afstand van de tijd, die een waas over de herinneringen heeft gelegd. Deze roman is mooi als een in nevelen gehuld landschap, waaruit hier en daar een prachtig detail opdoemt. Om melancholiek van te worden.

Josefina Aldecoa: Vrouwen in het zwart. Uit het Spaans vertaald door Eugenie Schoolderman. Menken Kasander & Wigman, 216 blz. ƒ35,–