Israel bezet dorp in Z-Libanon

Israelische militairen hebben gisteren het Zuid-Libanese dorp Arnoun opnieuw met prikkeldraad van de buitenwereld afgesloten en de facto in zijn in 1978 afgekondigde veiligheidszone geïncorporeerd. Israel heeft Libanon gewaarschuwd dat elke tegenmaatregel kan rekenen op een ,,zeer harde reactie''. Beiroet heeft fel tegen de bezetting geprotesteerd.

Volgens een Israelische bekendmaking was deze operatie nodig om een eind te maken aan activiteit van de Libanese moslim-fundamentalistische guerrillabeweging Hezbollah die het dorp als basis zou gebruiken. De operatie volgt op de dood van een Israelische militair, eerder deze week, bij een bomaanslag door Hezbollah op de weg naar Arnoun.

De Israelische minister van Defensie Moshe Ahrens verwierp protesten van de Libanese premier, Selim al-Hoss, dat Israel het dorp was ,,binnengevallen''. Volgens Ahrens ,,kunnen we Arnoun niet bezetten omdat het aan onze kant van de veiligheidszone ligt''.

Het Israelische leger sloot Arnoun in februari eveneens van de buitenwereld af. Het dorp werd toen ontzet door ongeveer 2.000 Libanese studenten en andere burgers die door de afzetting heenbraken.

Israel zegt dat Hezbollah het dorp gebruikt in strijd met een in 1996 bereikt akkoord na wekenlange Israelische bombardementen op Libanon, dat beide partijen verplicht zich te onthouden van aanvallen op burgers of vanuit civiele gebieden. De Libanese premier al-Hoss wendde zich gisteren tot Frankrijk en de Verenigde Staten, die toezien op het akkoord van 1996, en tot de Verenigde Naties in een poging de Israelische bezetting ongedaan te maken. (Reuters)