Risico's voor foetus bij het werken met cytostatica

Vrouwen die in de ziekenhuizen werken met cytostatica of narcosegassen zijn vaker onvruchtbaar of hebben, als ze toch zwanger worden, meer kans op afwijkingen bij de foetus. De kansen daarop zijn anderhalf tot twee keer zo groot als bij andere vrouwen, maar blijft ook onder de 10 procent. Dit blijkt uit onderzoek dat staatssecretaris Hoogervorst (Sociale Zaken) heeft laten doen in 84 ziekenhuizen.

Hoogervorst zond de resultaten gisteren naar de Tweede Kamer. Daarbij kondigt hij aan de veiligheidsmaatregelen in de ziekenhuizen te zullen aanscherpen. Zo wil hij een volledig verbod van de aanmaak van cytostatica op de verpleegafdelingen. Cytostatica zijn zeer giftige medicijnen die de groei van kankercellen moeten stoppen. In de meeste ziekenhuizen worden deze medicijnen al in de ziekenhuisapotheek aangemaakt waar aparte veiligheidsvoorzieningen, zoals luchtkasten met onderdruk, aanwezig zijn. Het onderzoek beslaat de periode 1990-1997 en omvatte een groep van ruim 5.500 vrouwen die in een ziekenhuis hebben gewerkt.

Op korte termijn wil Hoogervorst met minister Borst (Volksgezondheid) en met de ziekenhuizen overleggen over aanvullende maatregelen. Die zullen met name ook verpleegkundigen moeten beschermen tegen de piek aan narcosegassen die zij te verwerken krijgen als ze patiënten voorbereiden voor operaties. Volgens Hoogervorst is daar technisch al wel het nodige tegen te doen. Ziekenhuizen maken echter maar zelden gebruik van deze oplossingen.

De arbeidsinspectie constateerde eerder al dat driekwart van de ziekenhuizen onvoldoende beseffen dat werken met cytostatica en narcosegassen risicovol is.