Post uit Panama

Geachte heer Janssen,

Stop om uw vermogen en inkomen bloot te stellen aan belastingheffing. Ga vandaag nog off shore en sluit u aan bij de groep mensen die reeds gekozen hebben voor grotere onafhankelijkheid en privacy in hun leven. Als u ontevreden bent met de hoeveelheid belastingen die u betaalt en nog geen stappen hebt genomen om uw vermogen 100 procent veilig te stellen voor derden, dan is het nu tijd om tot actie over te gaan!''

Zo ging de brief van Thomas Miescke, off shore consultant van de firma Stern & Co. S.A. te Panama, nog een tijdje door.

Op deze ongevraagde post die op de redactie werd bezorgd, ben ik verder niet ingegaan. Maar de aanbieding uit Panama bleek enkele weken later een verrassende actualiteit te bezitten toen het jaarrapport 1998-1999 van de Financial Action Task Force on Money Laundering (FATF) uitkwam.

De FATF is een werkgroep van experts op het gebied van bestrijding van het witwassen van drugsgeld. Bij de FATF, die in 1989 werd opgericht, zijn 26 landen aangesloten, waaronder Nederland (inclusief de Antillen en Aruba). Drie jaar geleden heeft de FATF een lange lijst aanbevelingen opgesteld, die beschouwd wordt als de `internationale grondwet' in de strijd tegen het witwassen van crimineel geld. Het secretariaat van de FATF is ondergebracht bij de OESO in Parijs.

Het FATF-rapport stelt vast dat de bestrijding van witwassen en belastingontduiking ernstig wordt bemoeilijkt door het bloeiende bestaan van financiële off shore-centra. De strenge geheimhoudingsbepalingen in landen die een waterdichte wetgeving hebben ter bescherming van het bankgeheim maakt het voor particulieren mogelijk om vermogens te verschuilen achter stichtingen, vennootschappen of andere rechtspersonen. Ze worden daarbij in toenemende mate geholpen door de diensten van accountants, advocaten, zaakwaarnemers en vertegenwoordigers van legale activiteiten die de indruk van respectabiliteit moeten geven aan belastingontduiking of witwasschema's.

De weigering van off shore-centra om op juridisch gebied samen te werken en informatie te verstrekken over brievenbus-maatschappijen en fiscale constructies vormt ,,een van de grote belemmeringen voor succesvolle onderzoeken naar en vervolgingen van verdachte internationale geldwitwassers'', aldus de FATF.

De aanbieding van Stern & Co. bevestigt dit: ,,U kunt uw eigen off shore bank voor persoonlijke doelen opzetten – een goedkope optie die zeer in trek is bij ondernemingen en individuen. [...] Andere instrumenten zoals trusts, stichtingen en holding companies beschermen uw individuele of zakelijke vermogens tegen derde partijen en bieden de mogelijkheid om belastingvrij te groeien.''

In een ander hoofdstuk van het rapport gaat de FATF in op de gevolgen voor witwassen en belastingontduiking die de introductie van de euro in 2002 met zich meebrengt. Dan zullen in de elf eurolanden immers de nationale munten en bankbiljetten vervangen worden door euro's. De vraag is: wat gebeurt met de stapels `niet-gefiscaliseerd geld', het zwarte geld dat nooit bij de belastingen is opgegeven maar dat nu moet worden omgewisseld van guldens (of D-marken, Belgische franken et cetera) in euro's.

Tijdens de hectische periode van de omwisseling op de euro, als de financiële instellingen zwaar belast zijn en minder tijd hebben om de procedures voor het melden van ongebruikelijke transacties zorgvuldig na te leven, kunnen criminelen bovendien proberen om extra hoeveelheden geld wit te wassen.

De FATF is er niet gerust op.

In ambtelijk proza schrijft de werkgroep: ,,Deze zorgen maken duidelijk dat een internationaal gecoördineerde aanpak – met betrekking tot de introductie van de euro – nog moet worden uitgewerkt om te komen tot gemeenschappelijke indicatoren voor witwassen, specifieke richtlijnen en uitwisseling van informatie tussen de verantwoordelijke nationale antiwitwasdiensten.''

Een extra reden tot bezorgdheid is de introductie van de 500 euro. Dat kan weleens een razend populair bankbiljet worden en het biljet van 100 dollar verdringen als het favoriete transactiemiddel in het internationale criminele circuit. Vijfhonderd euro vertegenwoordigt immers vijf keer zoveel waarde als honderd dollar. In één koffertje kan dus vijf keer zoveel zwart of crimineel geld gestopt worden.

Vooral de Verenigde Staten maken zich hierover druk. Daar zit niet alleen Amerikaanse zorg om criminaliteitsbestrijding bij, maar ook financieel eigenbelang: de bankbiljetten die een centrale bank uitgeeft zijn in feite rentevrije schuldbekentenissen. Als de criminele wereld overstapt van de dollar naar de euro, geniet niet langer de Amerikaanse Federal Reserve, maar de Europese Centrale Bank een aanzienlijk voordeel.

Het 500 eurobiljet wordt ingevoerd omdat Duitsland, België, Oostenrijk en Nederland nu ook al een bankbiljet met een vergelijkbare hoge waarde hebben. Het verschil is dat de euro een grotere internationale acceptatie zal hebben. Met de gevolgen hiervan voor witwassen en belastingontduiking is volgens de FATF onvoldoende rekening gehouden.

Maar de euro-introductie biedt ook kansen voor de misdaadbestrijding, stelt de FATF vast. Het biedt de mogelijkheid om witwas-activiteiten op het spoor te komen als mensen gedwongen zijn op grote schaal zwart of crimineel geld aan te bieden voor omwisseling in euro's. Er zijn dan wel extra maatregelen nodig om mogelijke witwasactiviteiten te ontdekken. Misschien heeft de firma Stern & Co. te Panama nog wat nuttige tips.

rjanssen@nrc.nl