Bijna 200.000 miljonairs in Nederland

Nederland telde begin dit jaar bijna 200.000 miljonairs. Tenminste in guldens, want als de waarde van de vermogens in euro's wordt uitgedrukt, daalt dat aantal tot 55.000.

Dat blijkt uit een schatting van het Centraal Bureau voor de Statistiek bij de vandaag gepubliceerde cijfers over de vermogens van de Nederlandse huishoudens in 1997. In dat jaar beschikten die 6,6 miljoen huishoudens samen over een vermogen van 1.110 miljard gulden; het saldo van 1.590 miljard aan bezittingen en 480 miljard aan schulden. Dat gemiddelde vermogen van 168.000 gulden per huishouding was 10.000 gulden meer dan het gemiddelde van 1996. De stijging schrijft het CBS vooral toe aan de groei van het effecten- en het woningbezit.

Ook na 1997 is de toename van vermogens doorgegaan, omdat zowel de woningprijzen als de aandelenkoersen verder zijn gestegen. Precieze cijfers zijn niet bekend, maar het CBS raamt het gemiddelde vermogen per huishouding begin 1999 op bijna twee ton.

De verschillen zijn overigens groot. Tegenover de 158.000 miljonairs in 1997 die over iets meer dan een derde van het totale vermogen beschikten, stonden bijna één miljoen huishoudens waar de schulden groter waren dan de bezittingen. Het eigen huis was ook in 1997 het belangrijkste vermogensbestanddeel met 57 procent. Tegoeden bij de bank en effecten vormden elk 15 procent van het bezit.

De waarde van effecten in particulier bezit bedroeg in 1997 gemiddeld 261.000 gulden, vijf mille meer dan in 1996. In 1997 gingen meer particulieren `in effecten'; 920.000 tegen 860.000 een jaar eerder.