Proces-Anwar schaadt aanzien van Maleisië

Anwar Ibrahim, gewezen vice-premier van Maleisië, is vandaag veroordeeld tot 6 jaar gevangenisstraf. Het proces heeft alleen verliezers opgeleverd.

Met het vonnis dat rechter Augustine Paul vanmorgen uitsprak over de gewezen vice-premier van Maleisië, Anwar Ibrahim, is een einde gekomen aan een bizar proces dat bijna zes maanden duurde en de 22 miljoen Maleisiërs bij vlagen hevig in verwarring bracht. Rechter Augustine Paul veroordeelde Anwar, die verdacht werd van machtsmisbruik en sodomie, tot 6 jaar gevangenisstraf. Daarmee lijkt Anwar de grote verliezer van dit proces te zijn, maar in feite heeft deze rechtszaak alleen maar verliezers opgeleverd. Tijdens de 75 zittingen die plaatshadden in het gerechtsgebouw in de hoofdstad Kuala Lumpur, liep een flink aantal Maleisische politici en een reeks instituties in het land schade op.

Zo heeft de zaak-Anwar de werkwijze van de Maleisische politie op pijnlijke wijze blootgelegd. Politie-agenten vertelden, ondervraagd door Anwars advocaten, over de hardhandige manier waarop verdachten doorgaans worden ondervraagd en in sommige gevallen worden gedwongen tot bepaalde uitspraken. Ook spraken ze over de bereidheid de wet wat soepeler te interpreteren als hun baas daar om vroeg. Diezelfde baas, de inmiddels afgetreden politiechef Abdul Rahim Noor, bleek zelf verantwoordelijk te zijn geweest voor het blauwe oog waarmee Anwar op de eerste dag van het proces de rechtszaal binnenliep. Noor had Anwar op de avond van diens arrestatie in zijn cel in elkaar geslagen. ,,Ik verloor mijn zelfbeheersing'', legde de politie-chef uit. Hij hoort binnenkort welke straf hij tegemoet kan zien.

Ook de regering is allesbehalve schadevrij uit de strijd gekomen. Een van de sleutelgetuigen in het proces, Ummi Hafilda Ali, de zuster van Anwars secretaris, gaf onder ede toe dat zij lucratieve overheidsopdrachten had gekregen nadat zij haar diensten had bewezen met kwaadsprekerij over de vice-premier. Anwar en zijn team van advocaten beschuldigden vervolgens een aantal ministers van corruptie, wat het kabinet van premier Mahathir Mohamad in een kwaad daglicht stelde.

De openbare aanklager tastte tijdens het proces zijn eigen geloofwaardigheid aan door na ruim 40 zittingen de aanklacht tegen Anwar aan te passen. Tot dat moment draaide de zaak vooral om het aandragen van bewijs dat Anwar zich meermalen had vergrepen aan vrouwen en mannen. Maar het bewijsmateriaal – met als hoogtepunt een oude, bevlekte matras waarop Anwar de liefde zou hebben bedreven – bleef uiterst dun of werd door de rechter als ,,irrelevant'' terzijde geschoven. De openbare aanklager concentreerde zich in de laatste fase van het proces alleen nog op het machtsmisbruik van Anwar. Die zou in zijn functie als vice-premier een aantal politie-agenten hebben aangespoord om officiële ontkenningen los te krijgen van mensen die de sexverhalen over Anwar de wereld in hadden gestuurd.

Rechter Agustine Paul kreeg tijdens de rechtszaak meermalen te maken met openlijk gezucht en gesteun uit de hoek van Anwar, zijn advocaten en de familieleden en supporters in de zaal. Dat kwam vooral omdat hij het woord `irrelevant' opvallend vaak gebruikte. Vrijwel al Anwars pogingen om aan te tonen dat hij, zoals hij vanaf het begin heeft beweerd, het slachtoffer is geworden van een politieke samenzwering op het hoogste niveau, strandden op het dodelijke oordeel van de rechter: irrelevant. Augustine Paul maakte zich daarmee niet bepaald geloofwaardig. In de ogen van veel Anwar-aanhangers gaf de rechter hun idool op deze manier geen eerlijk proces en suggereerde hij gesouffleerd te worden door Mahathir. Veel Maleisische advocaten, buitenlandse waarnemers en diplomaten deelden die conclusie.

Maar de grootste verliezer is natuurlijk Anwar zelf. De 51-jarige gewezen vice-premier en minister van Financiën werd verdacht van sexuele uitspattingen met vrouwen en mannen, en vooral dat laatste geldt als een doodzonde voor Maleisische moslims, die ruim 60 procent van de bevolking uitmaken. Hoewel niets in die richting bewezen is, hangt rond Anwar voorgoed de verdenking dat hij geen zuivere moslim is. Bovendien is Anwar, ooit gedoodverfd als toekomstige opvolger van premier Mahathir, de komende jaren uitgeschakeld als politicus.

Maleisië begint na de uitspraak aan een nieuwe politieke fase. Het land heeft zich sinds het uitbreken van de economische crisis, bijna twee jaar geleden, niet bijster populair gemaakt bij buitenlandse politici en investeerders. De zaak-Anwar en alle onrust en demonstraties die de zaak losmaakten bij het volk speelden daarbij een grote rol. Steevast gaf premier Mahathir, die in de loop van zijn nu 18 jaar durende bewind al een reputatie had opgebouwd als anti-Westers retoricus, het buitenland de schuld van alle ellende die zijn land in korte tijd te verwerken kreeg. Het Westen maakte zich volgens Mahathir schuldig aan neo-kolonialisme.

De 73-jarige premier zag in een paar maanden het economische wonder dat hij zo zorgvuldig in zijn land had opgebouwd, in elkaar storten. En het leek er vaak op dat ook de politicus Mahathir in een crisis was beland. Hij ontbeerde plotseling de magische, charismatische gaven waarmee hij zijn land jarenlang zo overtuigend had bestuurd en nam beslissingen die Maleisië geen goed leken te doen. Een daarvan was de instelling van kapitaalcontroles om de sterk gedaalde eigen munt te stabiliseren en te beschermen tegen aanvallen van speculanten. Maleisië beperkte de handel in de ringgit tot het eigen land en sloot zich tijdelijk af van de wereldkapitaalmarkt.

Critici van de premier riepen meteen dat Maleisië zich daarmee isoleerde en dat dit besluit het land alleen maar dieper in de problemen zou brengen. Maar een half jaar na de instelling van de kapitaalcontroles blijkt de Maleisische economie goed op weg naar herstel en zeggen steeds meer bankiers en analisten dat de taktiek van Mahathir werkt. Belangrijker nog: de buitenlandse investeerders keren terug.

Het is een goed voorbeeld van de veerkracht van Mahathir: terugvechten uiteen schijnbaar verloren positie. Inmiddels heeft hij op overtuigende wijze een verkiezing in de provincie Sabah gewonnen en lijkt het volk weer – of beter: nog steeds – op zijn hand. Maar de grote test voor Mahathir komt tussen nu en volgend jaar april als hij landelijke verkiezingen moet uitschrijven. Pas dan zal blijken of de zaak-Anwar blijvende schade heeft toegebracht aan de premier.