Slachtofferhulp vreest verlies steun

Slachtofferhulp Nederland vreest dat het de hulpverlening aan verkeersslachtoffers na de zomer moet stopzetten. Aanleiding is het uitblijven van financiële steun van het rijk.

De Tweede Kamer aanvaardde in december een motie van het PvdA-Kamerlid Van Gijzel waarin minister Netelenbos (Verkeer en Waterstaat) werd gevraagd voor 1 april uitsluitsel te geven over een nieuwe subsidie. Maar Slachtofferhulp Nederland heeft nog steeds geen reactie ontvangen van het ministerie. De huidige bijdrage loopt af per 1 september.

Vorig jaar maakten 20.000 verkeersslachtoffers gebruik van de bijstand van slachtofferhulp. De hulp bestaat naast emotionele ondersteuning vaak ook uit advies over onder andere schaderegelingen. Van 1993 tot 1996 ontving Slachtofferhulp Nederland een subsidie van 1,2 miljoen gulden. Ondanks een positieve evaluatie werd de subsidie de afgelopen jaren teruggebracht tot 800.000 gulden per jaar. Volgens woordvoerder S. Beumer van Slachtofferhulp Nederland is op basis van de toename van het aantal hulpverzoeken – vijftien procent per jaar – in 2000 een bedrag nodig van 6 miljoen gulden.

De onduidelijkheid over de financiële positie leidt volgens Beu-mer tot een ,,onwerkbare situatie'' bij de vijftien bureaus voor slachtofferhulp. ,,Wij hebben 200 mensen in dienst. Die moeten weten waar ze aan toe zijn. Daarnaast werken we met nog eens 1.500 vrijwilligers die begeleid moeten worden'', aldus Beumer. Volgens hem snijdt de overheid zichzelf in de vingers omdat vroegtijdige hulp aan verkeersslachtoffers jaarlijks minimaal 30 miljoen gulden aan besparingen zou opleveren.

Kamerlid Van Gijzel zei vanmorgen dat hij vandaag via de vaste Kamercommissie voor Verkeer en Waterstaat minister Netelenbos om opheldering zal vragen. Volgens een woordvoerder van het ministerie van Verkeer en Waterstaat zou de minister aanvankelijk deze week overleggen over de subsidie. Dat overleg is opgeschort.