Oramo en Britten thuis bij Sibelius

Ruisende wouden in de muziek van Sibelius, een bloeiend muziekleven: denkend aan Finland mag het stimulerende muziekklimaat niet buiten beschouwing blijven. Finland kent een eigen operatraditie, bezit een toonaangevend conservatorium en bracht succesvolle dirigenten voort als Esa Pekka Salonen, Jukka Pekke Saraste en Sakari Oramo, die dit seizoen werd benoemd als de opvolger van chefdirigent Sir Simon Rattle bij het City of Birmingham Symphony Orchestra. In de Matinee leidde Orama zijn orkest in twee grote orkestwerken van Jean Sibelius - bijna vanzelfsprekend, want zoals Simon Vestdijk ooit opmerkte, in Engeland kent de orkestmuziek van Sibelius een zelfde populariteit als hier de symfonieën van Anton Bruckner.

Het is opmerkelijk dat werd gekozen voor een uitvoering van Sibelius omvangrijke vroege werk Kullervo (1892), gekoppeld aan het symfonisch gedicht Tapiola (1926), het laatste orkestwerk dat Sibelius componeerde. Binnen het oeuvre van Sibelius gelden juist zijn niet-programmatische symfonieën als het hoogtepunt, maar het zelden uitgevoerde Kullervo overtuigde ondanks de zeer wijdse opzet als voorbeeld van Sibelius vaardigheid in het opzetten van muzikale spanningsbogen.

Voor Tapiola en Kullervo putte Sibelius uit hetzelfde Finse heldenepos, dat zich met de vele Wagneriaanse intriges (familietwisten, incest, orakelende natuurelementen) goed leent voor het gebruik van de bezwerende, modale runenmelodiek, foefjes als de wind die weerklinkt in gierende strijkersglissandi en, overkoepelend, heroïsche breedsprakigheid.

Oramo hield de logheid die Sibelius vaak wordt verweten ver buiten de deur. Deels uit het hoofd dirigerend bewees hij zijn overwicht op het orkest en overzicht over de partituur in een steeds evenwichtige totaalklank. In Kullervo verschoot Orama niet zijn dramatische kruit waar de muziek daartoe verleidde. Met kleine handwenken hield hij de levendigheid vast in het soms traag voortschrijdende, dichte orkestrale weefsel, en tilde uitstekend gespeelde soli in de houtblazers uit boven de warme en volmaakt homogeen klinkende strijkersgroep. Door een dergelijke gecontroleerd opgebouwde expressie verkregen ook de hoogtepunten in Tapiola de kracht van de verassing die de componist nastreefde.

Als in de beperking de meester schuilt is Kullervo geen meesterwerk, maar met Sakari Orama als even welgemeend als succesvol pleitbezorger bleef het naast het gecomprimeerdere Tapiola overeind. Daarin had het indringend monotone mannenkoor meer inbreng dan de minieme bijdragen van de twee solisten, met bariton Heikki Kilpeläinen als een vlakke en te weinig heldhaftige titelheld.

Concert: City of Birmingham Symphony Orchestra & Chorus o.l.v. Sakari Oramo m.m.v. Heikki Kilpeläinen en Lilli Paasikivi. Werken van Sibelius. Gehoord: 10/4 Concertgebouw, Amsterdam. Radio 4: 14/4 (20.02 uur)