Een angstige paasnacht in de schuilkelder

Volgens de NAVO heeft het bondgenootschap zijn bombardementen dit weekeinde wegens het orthodoxe paasfeest afgezwakt. In Priština is daarvan weinig te merken geweest.

In angst en paniek hebben de resterende bewoners van Priština de orthodoxe paasnacht van zaterdag op zondag doorgebracht. Juist na middernacht, toen in de orthodoxe kerk de Kruisgang had moeten beginnen, vielen er bommen op de stad. ,,Duistere krachten'' of ,,krachten van de hel'', zo worden de luchtaanvallen nu genoemd.

In de kelder van hotel-Grand in het centrum, drie weken geleden nog een discotheek, is nu de schuilkelder gevestigd. Hier probeert Vesna, die hier bijna elke zaterdag danste of witte wijn dronk met vrienden, onder een deken op de dansvloer te slapen, samen met haar driejarige dochtertje. Ze woont naast het hotel, honderd meter van het stafkwartier van het leger. Daar zullen vroeg of laat ook bommen vallen, weet ze. ,,Het zou beter zijn als dat meteen gebeurt. Ik heb geen kracht meer. Niets is erger dan op de dood te moeten wachten'', zegt Vesna. ,,Het is onzinnig om militaire objecten te bombarderen die geen betekenis meer hebben. Het stafkwartier is leeg.''

Dat klopt, althans volgens onze informatie. In het stafkwartier bevindt zich een tiental soldaten. Het decor doet denken aan een slecht provinciaal theater dat zijn beste tijd heeft gehad. Het lijkt er op, aldus de Serviërs, alsof de NAVO ,,stafkaarten van twintig jaar geleden gebruikt''.

Dat beeld wordt ook opgeroepen door de andere militaire objecten die we mogen zien, zowel voor als na de aanvallen van de NAVO. Bij een paar kazernes even buiten Priština was geen soldaat te zien, noch enig militair materieel of communicatieapparatuur. In heel Priština werken nog slechts twee telefoons: in hotel-Grand is een lijn beschikbaar, inclusief een pauzemuziekje uit de film The Sting, in de kamer van chef-de-clinique van het ziekenhuis staat de andere.

In het ziekenhuis liggen slachtoffers van het geweld. Een Albanees jongetje is dit weekeinde gewond geraakt. Hij weet nog niet dat zijn moeder is omgekomen. Hij huilt alleen van de pijn. Bij een 12-jarige meisje, Filita Ahmeti, zijn de benen geamputeerd. Ze kijkt slechts naar het plafond.

Overdag is de Servische politie bezig om de omgeving te zuiveren van de `terroristen' van het UÇK. Bij wijze van vergelding worden er vijf huizen van `terroristen' in brand gestoken. Ook de vluchtelingen moeten er aan geloven. Naar Macedonië zijn drieduizend vluchtelingen op weg, te voet of in karren. Soldaten controleren na hun vertrek de huizen. Sommige worden in brand gestoken. Dat zaait angst. De chauffeur van onze auto wordt staande gehouden en met de dood bedreigd. Hij is een `verrader'. Hij moet de auto uit en op zijn knieën gaan zitten. Er wordt een kalasjnikov tegen zijn borst gezet. De soldaten lijken bereid hem te doden. Totdat hun commandant uiteindelijk ingrijpt.

Dit weekeinde zijn ook olietanks bij Priština aangevallen, hoewel er volgens bewoners van de stad geen olie en benzine meer was opgeslagen.

Het depot ligt vlakbij het Servische kerkhof. Een twintigtal grafzerken is door de aanval vernietigd. Een krater van twintig meter breed en vijf meter diep getuigt daarvan. De Serviër Todorovic heeft daar zijn zoon begraven die in 1993 in Bosnië is gesneuveld. Nu schreeuwt hij, samen met zijn vrouw, dat ,,onze zoon voor de tweede keer is gedood''.

De erkenning door de NAVO, vrijdag, dat er burgers zijn omgekomen en de excuses die daarbij zijn gemaakt worden in Priština op heel verschillende manieren opgevat.

Sommigen zien de excuses als het begin van een staakt-het-vuren. Anderen beschouwen ze daarentegen als het begin van een grote oorlog. En weer anderen vatten het excuus op als een gebaar waarmee generaals zich vrijpleiten tegenover hun ,,geciviliseerde achterban''.

In een klein dorpje, op vijfendertig kilometer van Priština, was van dit soort discussies gisteren, paasochtend, geen sprake. In de kelder van het plaatselijke hotel bevindt zich nu een geïmproviseerde schuilplaats. Er zijn alleen soldaten. Sommigen drinken raki, anderen koffie. Ze wensen elkaar een gelukkig pasen. ,,Christus is opgestaan. Hij is waarlijk opgestaan.''