Militairen vermoorden leider Niger

President Ibrahim Baré Maïnassara van het West-Afrikaanse Niger is gisteren doodgeschoten door militairen. Pantserwagens en zwaarbewapende soldaten patrouilleren in de straten van de hoofdstad Niamey.

Volgens diplomatieke bronnen in Niamey werd de president gisterenmorgen ,,doorzeefd met kogels'' door soldaten van een militaire post aan de oostkant van de hoofdstad, toen toen hij zich per helikopter naar de grens met Mali wilde begeven. Negen leden van de presidentiële garde zouden bij het vuurgevecht zijn gedood of zwaar gewond. Agenten van de luchthavenpolitie zouden door verdwaalde kogels zijn geraakt.

Inwoners van Niamey zeiden ervan overtuigd te zijn dat het om een militaire staatsgreep gaat, maar eerste minister Ibrahim Assane Mayaki verklaarde via de staatsradio dat president Maïnassara ,,plotseling is heengegaan'' en sprak van een ,,ongelukkig ongeval''.

Het vliegveld van Niamey en de wijk waar zich de ambtswoning van de president en verscheidene ministeries bevinden, worden gecontroleerd door militairen. Pantservoertuigen en terreinwagens afgeladen met zwaarbewapende soldaten patrouilleren door de straten van de hoofdstad. De staatsradio zond gisteren de hele dag marsmuziek uit. Het was gisteravond nog niet duidelijk wie de leiders zijn van de staatsgreep.

Premier Mayaki zei via de radio dat ,,de strijdkrachten zich garant blijven stellen voor de orde in de republiek en de nationale eenheid''. In afwachting van ,,de vorming van een regering van nationale eenheid'' blijft het huidige kabinet de lopende zaken behartigen. Het parlement is ontbonden en de activiteiten van politieke partijen zijn ,,tijdelijk opgeschort''.

Generaal I.B. Maïnassara kwam in januari 1996 via een bloedeloze staatsgreep aan de macht en werd datzelfde jaar tot president gekozen na verkiezingen die door de oppositie als frauduleus werden bestempeld. Zijn gewelddadige dood volgt enkele dagen nadat de oppositie had opgeroepen tot demonstraties tegen een recente beslissing van het Hooggerechtshof om de resultaten van de in februari gehouden lokale verkiezingen, die door de oppositie zijn gewonnen, ongeldig te verklaren. (AFP, Reuters)