Structuur Rabo extra wapen in Japan

De financiële crisis in Japan geeft buitenlandse banken grote kansen. Deze week opende de Rabobank een kantoor in Tokio. Juist haar coöperatieve structuur biedt mogelijkheden.

Als derde Nederlandse bank zet nu ook de Rabobank de stap naar het ontplooien van volwaardige activiteiten in Tokio. Terwijl in Japan de recessie voortduurt en de lokale banken juist een injectie van de overheid hebben gekregen om overeind te blijven, breidt het buitenlandse bankwezen zijn aanwezigheid uit.

De Rabobank kreeg afgelopen herfst de licentie voor het opzetten van een effectenhuis en verwacht binnen enkele maanden ook de vergunning voor bankactiviteiten te krijgen. De Rabobank is de laatste van de drie grote Nederlandse banken die activiteiten ontplooit in Tokio. Niet alleen omdat de internationale financiële markten steeds verder met elkaar vervlecht raken, maar ook omdat recente ontwikkelingen in Japan nieuwe mogelijkheden bieden. De Nederlandse concurrenten hebben daarom hun Japanse aanwezigheid sterk uitgebreid.

,,Ik denk dat de Japanners beter zijn in techniek dan in risicomanagement'', zegt lid van de Rabobank-hoofddirectie Henk Visser met enige understatement. Econoom Hung Tran, hoofd van Rabobank Global Research in Londen vult aan: ,,Er is een tweedeling. Enerzijds zijn er de sterke, internationaal concurrerende bedrijven als Sony, Toyota, en Toshiba, maar die produceren slechts 13 procent van het bruto nationaal product. De rest van de economie bestaat uit traditionele, naar binnen gerichte bedrijven. De op export georiënteerde sector is niet langer sterk genoeg om de hele economie te trekken.'' Henk Visser: ,,Ze zullen een enorme prijs moeten gaan betalen voor dit model. De overheid moet zich terugtrekken en bedrijven moeten eigen verantwoordelijkheid nemen. Ze moeten een culturele omslag maken die een generatie gaat duren.''

De financiële sector behoort tot de sectoren waar eigen verantwoordelijkheid niet bestond. Het functioneerde decennia lang onder het inmiddels beruchte `konvooisysteem' waarbij het ministerie van Financiën als Moeder de Gans over de kleintjes waakte. Maar het uiteenspatten van de `luchtbel-economie' zorgde voor veel slechte leningen. Enkele faillissementen hebben de overigen wakker geschud. Banken moeten winst maken om te overleven. Tran: ,,Nu moeten banken opeens onafhankelijk besluiten of een bedrijf wel of niet kredietwaardig is. Het afwerpen van de oude mentaliteit is de grootste uitdaging. Momenteel zie ik daar nog niet veel van. Banken hebben nu een injectie van overheidsgeld gekregen en zijn begonnen met herstructurering. Een stap in de goede richting.''

Concreet merken buitenlandse banken de herstructurering doordat Japanse banken activa kwijt willen. Wegens gebrek aan eigen kapitaal brengen Japanse banken hun balansen terug om aan internationaal afgesproken criteria te kunnen blijven voldoen. Terwijl Japanse banken jaren terug spotgoedkoop alles wilden financieren om hun marktaandeel uit te breiden, verkopen ze diezelfde leningen nu weer richting buitenland. Soms via ingewikkelde wegen om de transacties uit het zicht van de buitenwereld te houden.

Dankzij de financiële problemen van Japanse concurrenten heeft bijvoorbeeld de ABN Amro een voet tussen deur gekregen bij grote Japanse bedrijven die wereldwijd handelen. Financiering hiervan is het werk dat de ABN Amro vanouds ligt. Maar met haar agrarische achtergrond richt de Rabobank zich juist op samenwerking met een zeer specifieke partner: de Norinchukin bank, de centrale kas van Japans duizenden agrarische coöperaties die samen meer geld hebben dan enige commerciële bank in Japan. Henk Visser begon zijn dag in Tokio gisteren met een beleefdheidsbezoek aan deze zusterorganisatie.

Dankzij deregulering in Japan mogen Japanse banken tegenwoordig ook buitenlandse beleggingsfondsen aan hun eigen cliënten verkopen. De Rabobank heeft haar oog dus laten vallen op de miljarden guldens spaargeld in Japan. ,,Zeventig procent van dat geld staat op spaarrekeningen die maar 0,2 procent rente opleveren. Dus het is niet moeilijk een aantrekkelijker fonds de spaarder aan te bieden'', zegt econoom Tran over de mogelijkheden. En de agrarische coöperaties hebben een uitermate groot deel van deze spaargelden onder hun hoede, alleen de Postspaarbank is groter.

Henk Visser: ,,De structuur, oorsprong en geschiedenis van Norinchukin is gelijk aan de Rabobank. Maar wij hebben sinds de jaren tachtig een internationaal netwerk opgebouwd en zijn nu ook actief in verzekeringen en vermogensbeheer. Nu staan zij voor de vraag om dat zelf op te bouwen of een alliantie aan te gaan. Ik ben er zeker van dat ze samenwerking aan zullen gaan met één of meerdere gelijkvormige, coöperatieve banken in Europa, zoals wij. De taak van ons kantoor in Tokio is ze te laten zien dat samenwerking met ons de beste weg is.''