Raad van State tegen noodwet over varkens

De noodwet die minister Apotheker (Landbouw) wil maken voor de gedeeltelijk uitgeschakelde varkenswet, mag niet worden ingediend. Aan de andere kant had de rechter de oorspronkelijke wet, waarin een inkrimping van de varkensstapel met twintig procent is geregeld, niet buiten werking mogen stellen, omdat dit inging tegen het `algemeen belang'.

Dat zegt de Raad van State in een nog niet openbare kritiek op de in voorbereiding zijnde noodwet. Het Agrarisch Dagblad heeft de hand weten te leggen op het advies en berichtte daar vanochtend over.

Volgens de Raad van State had Apotheker eerst de juridische procedure die nu nog tegen de Wet Herstructurering Varkenshouderij loopt, moeten afwachten. Nu ontstaat een staatsrechtelijk novum. De Raad van State spreekt daar haar twijfels over uit.

De reparatiewet was volgens de minister nodig om te voorkomen dat varkenshouders hun stallen weer vol zouden gaan zetten. De uitspraak van de rechter in februari had dat mogelijk gemaakt. De rechter oordeelde dat varkenshouders een schadevergoeding moeten krijgen voor de hun afgenomen rechten om varkens te houden. Zolang dat niet het geval is zou de wet niet mogen werken.

Apotheker achtte dit onwenselijk omdat het doel van de wet juist is het aantal varkens te verminderen. Hij werkt intussen aan een oplossing voor het juridische geschil. Hij wil proberen met de sector een manier te vinden om de eerste korting in de wet (de varkensstapel wordt in twee stappen verkleind) te omzeilen. De tweede korting wordt wél via een opkoopregeling van de varkensrechten bereikt. De minister onderzoekt nog of dat ook met de eerste korting mogelijk is.