Neutrale Zwitsers hebben het moeilijk met Kosovo

Zwitserland heeft moeite om zijn strikte neutraliteit te handhaven. De reacties op de Kosovo-crisis laten dat goed zien.

Drie Zwitserse legerhelikopters die sinds woensdag operationeel zijn in Albanië, zorgen voor groot nieuws in Zwitserland. Ze worden slechts gebruikt voor humanitaire hulp en vliegen onder de vlag van de VN. Maar het gaat wel om militair materieel en de coördinatie van hun inzet is in handen van de NAVO, ook al vallen ze officieel niet onder het commando van de alliantie.

Nooit eerder zetten de Zwitsers legermateriaal in bij een internationale missie, zelfs niet voor het verlenen van humanitaire hulp. De huidige inzet, hoe gering ook, is dan ook niet zomaar te verklaren uit Zwitsers medeleven met het drama van Kosovo. De Zwitsers zijn weliswaar begaan met het lot van de Albanese Kosovaren, alleen al omdat het land een groot aantal vluchtelingen uit Kosovo huisvest – ongeveer 50.000, dat is meer dan in de meeste andere Europese landen. Maar de Zwitserse regering had kunnen volstaan met de materiële en financiële hulp die al via overheidsinstanties werd gegeven.

De Kosovo-crisis laat zien hoezeer Zwitserland worstelt met zijn strikte neutraliteit. Het enige Westerse land dat nooit lid is geworden van de Verenigde Naties, is nog steeds huiverig als het gaat om toetreding tot internationale organisaties of om ondertekening van internationale verdragen. Maar in Bern wordt neutraliteit steeds vaker ,,slechts één element is van het buitenlandse beleid'' genoemd.

Daardoor kon minister Adolf Ogi deze week met een plan komen voor Zwitserse deelname aan een internationale vredesmacht in Kosovo na beëindiging van de huidige gewelddadigheden. Volgens Ogi zou daarmee de draad van de OVSE-waarnemers, die in Kosovo gestationeerd waren voor de NAVO-aanvallen begonnen, met een uitgebreider mandaat van de VN weer worden opgepakt. Maar zijn voorstel vond weinig weerklank in de Bondsraad, de Zwitserse regering. Een Zwitsers initiatief nu zou kunnen worden uitgelegd als een openlijke afwijzing van de NAVO-acties. Bovendien is het voor de Zwitsers nog steeds wettelijk uitgesloten is om bewapende soldaten buiten de eigen landsgrenzen in te zetten.

Wel heeft de Bondsraad deze week een andere, voor Zwitserland drastische stap gezet. Woensdag kondigde de regering aan te overwegen om het internationale verdrag tegen genocide te ondertekenen. Dit verdrag van kort na de Tweede Wereldoorlog verplicht de 129 staten die haar hebben ondertekend om genocide te voorkomen en te stoppen. In Bern wordt er al een paar jaar over gebakkeleid. De regering, die tot nu toe aarzelde, vindt dat ,,recente ontwikkelingen het verdrag nieuwe betekenis hebben gegeven''. Aangezien Zwitserland zich nooit heeft bemoeid met `het buitenland' komt het begrip volkerenmoord alleen zijdelings in de wetgeving voor – ontkenning ervan (vooral in verband met de nazi's) is strafbaar. Eerst moet de wet worden aangepast voordat het land deel kan nemen aan het Internationale Strafhof en aan internationale tribunalen zoals dat in Den Haag.

Terughoudendheid blijft voorlopig de Zwitserse grondhouding. Zo hield Zwitserland zijn luchtruim gesloten voor NAVO-vliegtuigen, omdat een VN-mandaat voor de acties ontbreekt. Anderzijds wordt de wapenverkoop aan NAVO-landen niet gestaakt, terwijl er wel een embargo bestaat op wapenleveranties aan Joegoslavië. Helemaal neutraal is dat, in de Zwitserse visie, niet.