Hongaarse premier: geen gevaar

De Hongaarse premier Viktor Orbán heeft zijn landgenoten gisteren verzekerd dat zij geen gevaar lopen als gevolg van de oorlog in het aangrenzende Joegoslavië. In een vraaggesprek met de Hongaarse televisie onderstreepte Orbán dat er geen absolute zekerheid bestaat dat er toch iets mis gaat, maar dat de NAVO te hulp zal schieten in geval van een aanval.

De premier wees op artikel vijf van het NAVO-handvest waarin staat dat de NAVO zal ingrijpen als één van de lidstaten wordt aangevallen. Hongarije is sinds 12 maart lid van de NAVO. Zelfs als Hongarije maar het gevoel zou hebben gevaar te lopen zou de regering een beroep kunnen doen op het bondgenootschap om troepen te stationeren langs de grens. ,,Maar daar is op dit moment nog geen enkele reden toe'', aldus Orbán in een poging de groeiende onrust in zijn land te kalmeren.

Orbán reageerde ook op felle kritiek op zijn regering door etnische Hongaren in de Vojvodina, het noorden van Servië. József Kasza, leider van de ruim tweehonderdduizend Hongaren in Joegoslavië, zei eerder deze week dat Boedapest een `ernstige fout' had gemaakt door het luchtruim open te stellen voor de NAVO-acties. ,,Daardoor zien de Serviërs Hongarije als vijand en raakt onze Hongaarse gemeenschap hier in gevaar. De Servische extremisten leven hier midden tussen ons in, zij zijn gevaarlijker dan de NAVO-aanvallen.''

Orbán vergeleek Kasza gisteren met de leider van de Kosovaren, Rugova, die ,,ook niet kan zeggen wat hij wil''.

Later gisteren kreeg Boedapest een dreigende boodschap uit Belgrado: zelfs logistieke steun aan de NAVO zou Hongarije duur te staan komen. ,,Als Hongarije zich laat gebruiken als instrument van het fascistische NAVO-bondgenootschap, begaat het een tragische fout'', aldus de Joegoslavische president Miloševic.