Caïro verover je niet zo maar

Optredens in Brussel en Amsterdam zijn leuk, maar het werkelijke doel van de Brits-Belgische zangeres Natacha Atlas is het Midden-Oosten.

Vier weken op toernee, samen in de bus, is lang – als niet iedereen in de bus hetzelfde gevoel voor humor heeft. De zangeres Natacha Atlas (35) zit, een uurtje vóór een uitverkocht concert in de Brusselse zaal Le Botanique, enigszins verslagen in de kleedkamer, waarvan zij het tl-licht heeft vervangen door dat van zelf meegebrachte oosterse lantaarns.

Over een uur zal zij als een Egyptische diva in de stijl van Oum Khaltsoum op het podium staan, vol zelfvertrouwen. Maar nu schuift zij nog zichtbaar ongemakkelijk op haar stoel. Een beetje verlegen lijkt ze wel, de ster. Ze heeft de drummer en de bassist uitgenodigd naar de kleedkamer, om niet op alle vragen zelf antwoord te hoeven geven.

Zij had zich verheugd op dit concert in Brussel, haar geboortestad, vertelt ze. Maar vanmiddag slokken de spanningen binnen haar ensemble alle aandacht op. Het probleem is een opstand van de twee arabische musici in het verder nog vijf Britten tellende gezelschap. ,,Ik ben de enige die zowel Engels als Arabisch spreekt, en die dus tussen beide groepen het contact kan onderhouden'', vertelt Atlas.

Dat valt niet mee: de twee arabische musici zijn weliswaar wat gewend uit de nachtclubs van de Egyptische hoofdstad Caïro, waar ze gewoonlijk spelen. Maar de luidruchtigheid van een Westeuropees publiek bij popconcerten is een verrassing voor hen, en ze beleven het lawaai als een belediging. De Britse musici van hun kant ergeren zich aan de manier waarop de twee arabieren overal zo'n punt van maken. ,,Wij Engelsen hebben nu eenmaal een vreemd gevoel voor humor'', geeft Adam Blake, de bassist, toe: ,,we doen net alsof we ons nooit ergens druk over maken''.

De multiculturele samenleving, zo blijkt maar weer, komt niet zonder spanningen tot stand. Multicultureel mag je het verschijnsel Natacha Atlas zeker wel noemen: een door en door Britse artieste, vastbesloten met haar eigen arabische muziek en teksten de arabische markt te veroveren. ,,Ik wil een halfjaar in Caïro gaan wonen, om mijn grammatica te verbeteren'', kondigt ze aan. In het kader van haar gang naar de arabische wereld heeft Natacha zich onlangs tot de islam bekeerd.

De vermenging van Oost en West is in de platenindustrie, die goede zaken doet met `wereldmuziek' al lang geen uitzondering meer. Meestal worden artiesten uit verre landen door Westerse platenmaatschappijen onder handen genomen tot hun kunst een mengvorm is van Westerse pop en hun oorspronkelijk muzikaal jargon.

Maar Natacha Atlas is een apart geval. Ze komt gewoon uit Engeland, al beroept ze zich op een grootvader die uit het Midden-Oosten gekomen zou zijn. Bij haar heeft Westerse dance-muziek zich geleidelijk aan ontwikkeld tot een project voor arabische popmuziek. Soms niet van echt te onderscheiden: wie als niet-arabier het voorlaatste album van Natacha Atlas, Halim, hoort, kan zich niet voorstellen dat deze muziek in West-Europa is geschreven. Alleen die gedragen strijkorkesten, die zijn natuurlijk wel in Caïro opgenomen.

Tikje mollig

Over Atlas' achtergronden komen we in de kleedkamer niet veel te weten. ,,Ik was altijd een buitenbeentje'', vertelt de diva, die zich voor de hoes van haar cd's het liefst in een rol laat fotograferen: liggend als Cleopatra, als een popster uit de jaren vijftig met strenge knoet in het haar, als buikdanseres. Geen van die foto's verraadt erg veel van haar alledaagse verschijning, blijkt hier in de kleedkamer: vrij klein, tikje mollig.

Alleen in muziek, meent ze, kun je geen rol spelen en is er maar één oplossing: écht zijn. ,,Alsof je naakt voor het publiek staat'', meent de zangeres. ,,Dat is ook wel eens moeilijk, want wie heeft er zin altijd maar moedig te zijn en zich te ontbloten?''

Natacha Atlas is in 1964 in Brussel geboren en volgde acht jaar later, na de scheiding van haar ouders, moeder naar Engeland. Hoe ze zich vervolgens de cultuur van het Midden-Oosten heeft eigengemaakt, blijft in het vage. In de loop der jaren heeft Natacha Atlas haar wortels in interviews als achtereenvolgens Palestijns, joods en Egyptisch beschreven. Ooms hebben haar geholpen, vertelt ze vandaag, om zich de arabische taal, en arabische muziek eigen te maken. Buikdansen heeft ze als puber in eerste instantie afgekeken van video's, niet zozeer arabische, maar van Indiase musicals. Verder heeft ze veel gereisd, en met optreden als buikdanseres kun je in je onderhoud voorzien. Wat je noemt een self made woman.

In 1992 komt ze in contact met het collectief Transglobal Underground, een Britse formatie in de house-sfeer, die veel exotisch muziekjargon door de dansmuziek klutst. De culturele melting pot was (en is) het principe van deze groep. Indiase sitar-spelers, caraïbische rappers, Hongaarse zigeuners – het kan de mannen van Transglobal Underground (ook bekend als TGU) niet gek of hybride genoeg zijn.

Klagerige zang

Zangeressen die een enigszins klagerig achtergrondje kunnen zingen zijn sinds jaar en dag veel gevraagd in de house-wereld. Dat Atlas dat in het arabisch kon, maakte het nog interessanter. Bovendien was ze inzetbaar als buikdanseres – een buitenkansje voor groepen die het van veel elektronica moeten hebben en de toeschouwers bij hun concert maar weinig kunnen tonen. En zo is van het een het ander gekomen, `zoals dat gaat als je regelmatig ergens werkt', zegt Natasha Atlas. ,,De meeste dingen in mijn leven had ik niet precies uitgestippeld, ze zijn me overkomen''.

Natacha Atlas zingt nog steeds bij Transglobal Underground. Ze is te horen op het jongste album van deze formatie, dat luistert naar de opgetogen titel Rejoice, rejoice. Een onmogelijke mix van stijlen en invloeden, die je als kitscherige ratjetoe van de hand zou moeten wijzen, als het allemaal niet zo vrolijk swingde. Veel platenwinkels rangeren de werken van deze groep - een fusion van house, rap, elektronica, aziatische, arabische en andere wereldmuziek – bij de categorie New Age. Dat suggereert een mystieke, of levensbeschouwelijke achtergrond voor de muziek, versterkt door titels als Templehead, City of Gold of Rude Buddah. Maar het is misschien vooral feestmuziek, en Natacha Atlas bevestigt desgevraagd, dat we achter TGU geen hogere bedoelingen hoeven te zoeken.

Haar klagerige arabische zang is in de loop der jaren een eigen leven gaan leiden, en werd van element uit de grote TGU-cocktail, geleidelijk steeds meer een hoofdattractie. Eerst betekende een optreden van Natacha Atlas in feite een concert van Transglobal Underground onder andere naam. Maar sinds Gedida, het zojuist verschenen, derde solo-album van Atlas, is haar optreden volledig losgekoppeld en beschikt ze over een eigen orkest, compleet met de spanningen die haar vanavond zoveel zorgen baren.

,,Vooral in Egypte is er de laatste twintig jaar weinig nieuws meer verzonnen op het gebied van arabische popmuziek'', zegt Atlas. Dat sterkt haar in de overtuiging dat er vooral in dat land, dat zich vaak zelf ziet als het culturele hart van de arabische wereld, een toekomst is voor haar liedjes. De teksten daarvoor schrijft ze zelf, de muziek is veelal van Tim Whelan, een van de drijvende krachten uit Transglobal Underground die zich de afgelopen jaren steeds verder in arabische klankleer heeft verdiept. De Egyptische popster Hakim, vertelt Atlas, behoort tot hun bewonderaars en steunt hen.

Maar een carrière in de Arabische wereld kent zo zijn eigen problemen. Zo weigert het plaatselijk filiaal van de platenfirma EMI in Saoedi-Arabië de verspreiding van Gedida, vanwege een zin in het liefdesliedje Mahlabeya: ``Ik drink de liefde van uw lippen''. Onzedelijk. Evenmin overal in goede aarde valt Bastet, een rap in het arabisch die lijkt te gaan over gebrek aan meningsuiting in sommige landen en culturen. ,,Open de deuren van uw bewustzijn en bespreek heden en verleden.''

,,Ik wil me inzetten voor een verruiming van de expressiemogelijkheden,'' zegt Atlas ferm, alvorens toe te geven dat de plaat in sommige Arabische landen wel degelijk in een enigszins aangepaste versie zal worden uitgebracht. Een verheerlijking van het ware geloof waartoe ze zich bekeerd heeft (The righteous path heet dat nummer) zal in ieder geval geen problemen opleveren. (`God van het universum, vergeef ons onze miezerige conflicten')'.

Provoceren

Maar dan: is het niet juist de functie van alle kunst en cultuur, de taboes en grenzen te verkennen en datgene te vertolken waarover nette mensen niet openlijk kunnen spreken? ,,Eens heeft popmuziek bij ons in het Westen ook die functie gehad,'' meent bassist Adam Blake. Misschien kun je Natacha vergelijken met de jonge Elvis Presley, meent hij. Die vertolkte de gevoelens van jongeren en provoceerde daarmee ouderen. In onze verwende cultuur is het nauwelijks nog mogelijk, écht te provoceren, maar in de arabische wereld kan dat nog.

Tot nu toe blijft de roem van Natasha Atlas in het Midden-Oosten voornamelijk beperkt tot de Libanon, van oudsher een land in de regio dat meer dan andere openstaat voor invloeden van buiten. En omdat de schoorsteen nu eenmaal roken moet, heeft de maatschappij ervoor gezorgd dat er ook twee liedjes in het Engels en Frans op Gedida staan. Vooral het Franse Mon amie la rose, een oud liedje van het Franse idool Françoise Hardy, is opmerkelijk. Atlas maakt van dit niemandalletje een dieptragische ballade over leven en dood.

Weet ze het nu wel helemaal zeker, van dat halfjaar wonen in Caïro? Kan een ondernemende, Westerse vrouw wel gedijen in de moslim-wereld, met zijn beperkte bewegingsvrijheid voor vrouwen? ,,Dat hangt erg van de sociale groep af, waartoe je behoort'', meent Atlas. ,,De mogelijkheden in de christelijke wereld worden toch ook niet uitsluitend bepaald door wat de Zevendedagsadventisten of andere strenge sekten vinden?''

Maar helemaal zeker weet ze het inderdaad nog niet – van dat langdurig verblijf in het buitenland. ,,Ik hou niet zo van plannen, ik doe wat er op me af komt. Voor het moment wil ik alleen maar de problemen in de groep oplossen'', besluit de diva zorgelijk.

De Bühne is een wonder: een uurtje later, als het concert begonnen is, lijken alle problemen opgelost en is uit de verlegen, zenuwachtige verschijning daarnet uit de kleedkamer weer een waardige diva geworden, die niet te beroerd is de zang af en toe af te wisselen met wat buikdans. Wel valt op, dat de zangeres een beetje in de buurt blijft van de twee arabische musici en deze voortdurend bemoedigend toeknikt, terwijl de Engelse musici meer aan hun eigen lot worden overgelaten. En dat het Brusselse publiek zijn open doekjes bewaart voor de arabische violist en keyboard-speler, doet Atlas zichtbaar genoegen.

Natacha Atlas treedt op 11 april (overmorgen, zondag) op in de Melkweg in Amsterdam. Aanvang 21.00 uur. Inl.: 020-6241777 Gedida verscheen bij Nation Records (MNTCD 1014), evenals de twee eerdere albums van Atlas, Halim (NATCD 1087) en Diaspora (NATCD 47). Rejoice, rejoice van TGU is verkrijgbaar als MCAD 11796.