Griekse steun voor Servisch broedervolk

Volgens veel Grieken voert de NAVO ,,oorlog tegen de orthodoxie''. Ze begrijpen het Servische Kosovo-sentiment.

De voetbalwedstrijd tussen de Joegoslavische club Partizan en het Griekse AEK, die gistermiddag in Belgrado werd gespeeld, zal voortleven als een heel merkwaardige in de annalen van de sport. De scheidsrechter (terwijl dat toch altijd zo zwaar weegt in beide landen), noch de uitslag telden. Er was trouwens geen uitslag, want de wedstrijd werd afgebroken bij de stand 1-1 omdat de Griekse spelers nog in veiligheid naar hun land terug moesten via Boedapest.

Enig doel was nog eens te tonen hoe absoluut de verbroedering is tussen beide volken in de huidige fase. Het was een wedstrijd voor de vrede, maar ook voor de orthodoxie, die Serviërs en Grieken bindt. De Grieken die waren meegekomen, zag men weliswaar nog niet het orthodoxe teken maken – drie vingers in de lucht, de drie-eenheid symboliserend – maar het Servische publiek des te meer. Dit publiek vulde overigens het stadion slechts gedeeltelijk: van de 40.000 toeschouwers, die de Atheense kranten hadden voorspeld, was geen sprake.

Het was `Grote Woensdag' voor beide volken, de woensdag in de `Grote Week' vóór orthodox pasen, en alle Griekse kranten komen met toespelingen en tekeningen over de lijdensweg die het broedervolk moet aflopen. Als de bombardementen tot en met pasen, het grootste orthodoxe feest, doorgaan, zal de solidariteit ongetwijfeld nog verpletterender worden. Volgens de Atheense aartsbisschop Christodoulos, die Clinton reeds een ,,werktuig van de satan'' heeft genoemd, gaat het om een ,,oorlog tegen de orthodoxie''.

De Grieken kunnen zich ook goed vinden in het Servische Kosovo-sentiment, waarin een hoofdrol wordt gespeeld door de slag bij het Merelveld van 1389 die het eind van de Servische hegemonie over dit gebied inleidde. De Serviërs trekken parallellen met Jeruzalem, maar ook met Constantinopel, met de Byzantijnse hoofdkerk Aya Sofia, die in 1453 voor de Griekse Byzantijnen verloren ging. ,,Eens, na jaren en tijden, zal zij weer van ons zijn'', leren alle Griekse kinderen nog steeds, en toen een aantal monniken onlangs een hymne in deze geest zong, trommelde Christodoulos instemmend de maat. In Istanbul is het aantal Grieken de laatste 75 jaar teruggelopen van ruim 200.000 tot iets meer dan 2.000 – ja, men kan hier de Serviërs goed aanvoelen als ze jammeren over het slinkende aantal hunner in Kosovo. En AEK (dat Sportunie van Constantinopel betekent) is na 1923 opgericht door Grieken die afkomstig waren uit de stad aan de Bosporus. Op haar vlag prijkt de dubbele adelaar van het Byzantijnse Rijk.

De Griekse nieuwsberichten op televisie beginnen steevast met de `barbaarse' bombardementen op Joegoslavië – pas daarna, en dat betekent een kwartier later, komen de vluchtelingen, met weer andere zware achtergrondmuziek. Hoewel sommige vluchtelingen wel aan het woord worden gelaten over de gruwelen die Serviërs hun hebben aangedaan, wordt op de meeste media de indruk nagestreefd dat ook die vluchtelingenstroom een product is van de NAVO en haar moet worden aangerekend.

Aartsbisschop Christodoulos zei deze week heel christelijk: ,,Het vluchtelingenprobleem moet maar worden opgelost door hen die het hebben aangericht'', en hij doelde op de NAVO. Griekenland, dat eerder zei alles klaar te hebben voor 15.000 vluchtelingen, heeft in Luxemburg te kennen gegeven voorlopig ook de aangekondigde 5.000 vluchtelingen niet op te zullen nemen, uit onvrede over de verdeelsleutel,

De Grieken die Clinton met Hitler vergelijken lopen in de miljoenen, zij die Miloševic met hem vergelijken in de tientallen. Toch is de formule `nationale schoonmaak' deze week door premier Simitis afkeurend gebruikt in een boodschap aan de natie; minister van Defensie Tsochatzópoulos die dat enkele dagen tevoren deed en Miloševic de hoofdschuldige noemde van het drama, verwekte enige sensatie.

Een deel van de rechtse oppositie is inmiddels nog anti-Amerikaanser dan links geworden. Zij protesteert ook het felst tegen de handtekeningen die de regering-Simitis onder de NAVO-projecten heeft laten zetten, en misschien nog zal zetten als het komt tot een landoorlog waarin het gebruik van de havenstad Thessaloniki onontbeerlijk zal zijn.

De zowat unanieme protesten tegen de bombardementen gaan bijna altijd samen met waarschuwingen tegen de komst van nog meer `Albanees-sprekenden' naar Griekenland, dat zich reeds overspoeld voelt door de criminele elementen onder de 400.000 gastarbeiders uit Albanië. Daarnaast is er de vrees dat de vluchtelingen de bevolkingssamenstelling in Zuid-Albanië (`Noord-Epirus') gaan veranderen, waar een grote Griekse minderheid woont.

Kunstenaars uit Griekenland, Bulgarije en Roemenië, onder wie componist Theodorakis en filmmaker Angelopoulos, ondertekenden dezer dagen een oproep waarin om beëindiging van de bombardementen wordt gevraagd. Pas op de tweede plaats komt ,,het stopzetten van de oorlogshandelingen in Kosovo'' – bizar eufemisme voor de etnische zuivering – en terugkeer van alle vluchtelingen.